Boekrecensie: De Monumenten – Peter Cossins

By |maandag 11 mei 2015|

De Monumenten - Peter CossinsEen wielerjaar vliegt zo voorbij. De Giro d’Italia is net begonnen. En we hebben al vier van de vijf monumenten achter ons liggen. Voor je het weet is dat vijfde monument, de Ronde van Lombardije, ook weer geweest. Iedere wielerliefhebber weet dat daarna na een korte wielerloze periode het jaar vanzelf weer echt begint met Milaan-San Remo. Dat heeft hun rijke historie de afgelopen honderd jaar toch ook steeds weer bewezen. De lange geschiedenis van Milaan-San Remo, de Ronde Luik-Bastenaken-Luik, Parijs-Roubaix, de Ronde van Vlaanderen en de Ronde van Lombardije beschrijft de Brit Peter Cossins in het vuistdikke boek De Monumenten.

 

Thrillers
In zijn inleiding schrijft Cossins (hoofredacteur van Procycling Magazine) wat volgens hem de aantrekkingskracht is van die vijf monumenten:

 “In tegenstelling tot het 22 dagen durende drama van de Tour, waar kracht meestal zegeviert, vormen de Monumenten de onvoorspelbare thrillers uit de wielersport, waarin bijna ieder lid van het peloton kan winnen, mits er sprake is van de juiste combinatie van een fysieke topvorm, tactisch inzicht en dom geluk. Elke wielrenner begint eraan met de gedachte: ‘Dit zou ‘m wel eens kunnen worden…’”

Na die inleiding en een voorwoord van Michel Wuyts is het 352 pagina’s tellende boek ingedeeld in vijf delen per monument. Voor de indeling is niet gekozen voor de positie op de kalender, maar voor de historische volgorde van ontstaan. Luik-Bastenaken-Luik was in 1892 de eerste, toen kwam Parijs-Roubaix (1896), daarna de Ronde van Lombardije (1905), Milaan-San Remo (1907) en als laatste de Ronde van Vlaanderen (1913). Per monument beschrijft Cossins vervolgens de geschiedenis van de eerste stoffige editie tot aan de moderne tijd met renners die nu nog door ons tv-scherm fietsen.

Luik-Parijs-Luik
Tussen de soms wat feitelijke opsomming van opeenvolgende zeges, zitten ook schitterende bekende en onbekende anekdotes van de Monumenten. We pikken er hier een paar uit. Zo schrijft Cossins over de eerste editie van Luik-Bastenaken-Luik dat een direct gevolg was van de monsterklassiekers Bordeaux-Parijs en Parijs-Brest-Parijs.

 ‘Leden van de pas opgerichte Liège Cyclist Union – een naam die duidelijk zijn Britse invloed verraadt – hadden plannen gesmeed voor een ontzagwekkend evenement: Luik-Parijs-Luik, 845 km lang. Ze besloten om eerst een 250 km lange proefrit te maken van Luik naar Bastenaken (Bastogne) in het zuiden van het Franstalige Wallonië en weer terug.’

 

Of bij Parijs-Roubaix in 1949, de wedstrijd met twee winnaars. Vlak voor de finish op de wielerbaan in Roubaix kwam een trio met onder andere Frans Leenen en André Mahé erachter dat ze door een gendarme de route van de volgwagens waren gewezen. Ze waren daardoor achter de tribunes uitgekomen.

 ‘De Belgische journalist Albert De Wetter, die net van zijn persmotorfiets was gesprongen, had nog eerder dan de renners door wat er aan de hand was. Hij wees Mahé en Leenen de weg via de trap omhoog naar de persgalerij, van vaar ze naar beneden konden klimmen, langs het publiek de baan op, waar ze om de titel streden. Mahé won en voltooide net een ereronde toen Coppi’s jongere broer Serse aan kop van het peloton binnenkwam en als derde eindigde. Daarna brak de hel los.’

 

Na veel protesten, ook van Fausto Coppi, besloot de UCI uiteindelijk Mahé en Serse Coppi tot de gedeelde winnaars uit te roepen voor die editie van Parijs-Roubaix.  In deel drie over de Ronde van Lombardije beschrijft Cossins hoe koersdirecteur Torriani in 1960 besloot het steile ezelspad van de Muro di Sormano in de route op te nemen.

 ‘Torriani wilde dit traject graag opnemen, om zo te voorkomen dat de sprinters Lombardije zouden domineren. Maar nadat hij het had gezien, vreesde hij dat ‘de muur’ de wedstrijd zou veranderen in een circus. Hij bevestigde pas een dag voor de editie van 1960 dat dit stuk aan de route was toegevoegd, waarop Vittorio Varale van La Stampa schreef: “Morgen kijken we allemaal naar het nationale duwfestival!”’

Twee jaar zonder zege
In het hoofdstuk over Milaan-San Remo schrijft Cossins over de heroïsche editie in 1910 die geteisterd werd door regen en sneeuw. Van de 256 ingeschreven renners verschenen maar 71 aan de start en uiteindelijk behaalde slechts vier de finish. De winnaar was de Fransman Eugène Christophe:

 ‘Vanaf de finish werd hij overgebracht naar het ziekenhuis, waar de Fransman een maand moest herstellen van bevriezingsverschijnselen in zijn handen en ander letsel door kou. Het duurde twee jaar voordat hij volledig was hersteld. “Twee jaar zonder zeges, miserabel achteraan in het peloton,” mopperde hij later.’

Of wat te denken van het verhaal van de winnaar van de Ronde van Vlaanderen van 1939, Karel Kaers? Hij had eigenlijk zijn zinnen op Parijs-Roubaix een week later gezet en had daarom zijn auto op de Kwaremond gezet om daar uit de koers te stappen. Zijn manager Jules Deckx stak daar een stokje voor.

 ‘Eenmaal op de Kwaremond viel Kaers aan, ervan overtuigd dat hij nog maar enkele kilometers van zijn eindpunt verwijderd was. Maar toen hij merkte dat zijn auto en zijn handlangers in geen velden of wegen te bekken waren, moest hij wel doorrijden. Op de Kruisberg viel hij weer aan, in het gezelschap van zijn trainingspartner, Roger Van Den Driessche, voormalig Tourwinnaar Romain Maes en Edward Vissers. Kaers probeerde uit alle mocht vol te houden. Maes leek het sterkste, maar zijn sprint haalde het niet bij baantopper Kaers, die met drie lengtes voorsprong won.’

 

Dit soort anekdotes verrijken het nogal complete De Monumenten. Die verhalen zijn mooi om te lezen, maar het boek heeft in sommige delen ook iets te veel feitdichtheid. Het wordt daardoor soms iets te veel een opsommende historie. Met de verrassende anekdotes en de complete erelijsten in de bijlagen is het wel een compleet naslagwerk. Handig ook als studiemateriaal voor bijvoorbeeld een wielerquiz.

 

Titel: De Monumenten
Auteur: Peter Cossins
Bladzijden: 352
Uitgever: Manteau
Jaar: februari 2015
De Monumenten is o.a via Bol.com te koop.

Pieter van der Meer

Pieter van der Meer

Pieter van der Meer (28) studeerde Journalistiek in Utrecht. Schrijft voor Fiets, De Muur en Triathlon Sport. Samensteller van De Muur Wielerscheurkalender 2009 t/m 2012. Zelf fanatiek triatleet.



Auteur van:


De Muur Scheurkalender 2012
Pieter van der Meer

Latest posts by Pieter van der Meer (see all)

Related Post

Geef een reactie