Top 5 redenen om niet te koersen (maar het desondanks wel te doen, met overgave)

5. De witte kippenborst en de kale benen

Heel lang heb ik gedacht dat wielrenners vrouwenmagneten zijn. Ik trainde me suf en schoor mijn benen (wie mij wel eens gezien heeft, weet welk een afschrikwekkende klus dat is) met in mijn gedachten het meisje op wie ik verliefd was. Mijn vrouw (overigens niet dat meisje) heeft deze droom zonder mededogen in gruzelementen gehakt. ‘Dacht jij dat er ergens op deze wereld een vrouw te vinden is die op mannen valt met witte kippenborstjes, akelig dunne armpjes en kale benen?’.

Eehm, ja, dat dacht ik.

Top 5: ‘Je moet nog een rondje!’

Het zal je als renner gebeuren. Met dik 100 meter voorsprong op een achtervolgend groepje het vélodrome van Roubaix binnenrijden. Over het plankje de piste op, rechtsom door de bocht en dan solo op de finishlijn af.

De verzuurde benen staan stil, de handen gaan omhoog, de ogen zijn gesloten. Het lawaai van de tribunes verdooft het moment. Totale euforie.

Terwijl de bel voor de laatste ronde klinkt komen de achtervolgers op volle snelheid langs. Weg zege. Te vroeg gejuicht.

Zou dit scenario weleens als nachtmerrie in het hoofd van een renner opdoemen?

De vijf mooiste kleine geheimen uit Joop Zoetemelk – Een open boek

Ja-ha, dat van Joops geheim weten we nu wel. Motel de Jong, Met het oog op morgen, nrc*next, AD Sportwereld; het zijn slechts de plekken waar ik er het een en ander van meekreeg. Daar hoef je het boek dus (bijna) niet meer voor aan te schaffen. Gelukkig biedt Joop ZoetemelkEen open boek veel meer. Mooie foto’s bijvoorbeeld. En er worden enkele kleine geheimen onthuld. Joop-details die ik niet kende. Hier de vijf mooiste. O ja, als je van plan bent het boek binnenkort te lezen en nog niets wil weten van de inhoud, kun je dit artikel beter overslaan.

De 5 lelijkste ‘zitters’

Het gaat natuurlijk om wat er uit de benen komt, maar het oog wil ook wat. De ‘zit’ is belangrijk. Stuur niet te hoog, zadel niet te laag, geen wc-pot afstelling van zadel op zadelpen.

Erik Dekker had het allemaal begrepen. Hij zette eens zijn zadel aan het begin van het seizoen een halve centimeter hoger, omdat dat er mooier uitzag. Seizoen naar de vaantjes in verband met chronische rugpijn, maar o wat had hij een prachtige zit.

Een korte top 5 van lelijke zitters.

5. Cadel Evans: veteraan, ijzervreter. Stoempen, stoempen, stoempen. Medelijden met zijn crankstel dat deze oerkrachten moet opvangen.

Top 5: Eeuwige talenten

Volgens mij is een supertalent in de sport iemand die fysieke eigenschappen heeft die hem een flinke voorsprong geeft op generatiegenoten. Voor die voorsprong heeft hij niets hoeven doen, het is hem toebedeeld.

Natuurlijk word je als jonge sporter graag een talent genoemd. Het betekent dat je later wel eens een hele grote kunt worden en iedereen wil zich graag ergens op kunnen verheugen. Omdat je nog zo jong bent wordt er nog niet al te veel van je verwacht, slechts dat je af en toe iets van je genialiteit toont. Maar dat doe je ook regelmatig, je hebt immers veel talent en het leven is nog een speeltuin en in een speeltuin gebeuren de mooiste dingen. Je hebt vriendjes te over, want iedereen verkeert graag in de nabijheid van iemand die het later gaat maken. Ga je het later maken dan heb je het nu gemaakt. Het is om jaloers van te worden.