Het zijn niet altijd je benen die een overwinning bepalen

Je kunt nog zo’n mooi systeem of tactiek hebben. Als het peloton je de overwinning niet gunt, win je niet. Hoe de gunfactor in het peloton carrières maakt en breekt.

In 1978 maakt Johan van der Velde een stormachtig debuut in het peloton. De jonge wielrenner vertoont geen enkel ontzag voor de verhoudingen bij de profs. Hij wint de Ronde van Romandië, de Ronde van Engeland en de Ronde van Nederland.

Van der Velde maakt een droomdebuut en lijkt heel goed te profiteren van het systeem-Raleigh. Daarover schreef ik al eerder. Kreeg je de kans om te winnen dan werd je daarin ondersteund, maar moest je wel winnen.

Johan won en hij kreeg daardoor ogenschijnlijk het vertrouwen van het team. Rijd je voor Johan, dan komt het wel goed.

Vervelende Zwitser
Het systeem Raleigh was belangrijk, maar er is in het wielrennen iets dat nog belangrijker is; de gunfactor.

Als het je als renner niet gegund wordt, dan kun je het schudden. Daar kan geen systeem tegen op, zelfs dat van Raleigh niet. In een interview in Sport International uit 1983 zijn Van der Velde en zijn toenmalige ploeggenoot Peter Winnen bij Raleigh duidelijk over de Zwitser Gody Schmutz. Als Winnen en Van der Velde in de buurt van de Zwitser zijn, maakt hij weinig kans op de overwinning, zo blijkt.

Winnen: ‘Schmutz is een etter. Ik zie hem demarreren in de Ronde van Lombardije. Ik ben hem gaan terughalen. Ik dacht: iedereen mag hier winnen vandaag, maar jij niet.’

Johan van der Velde vult aan: ‘Zo’n Schmutz durft gewoon door de bevoorrading heen te rijden. Dat is een doodzonde. Schmutz doet dat dus wel en denk erom: die rijdt geen prijs, al moet ik me total loss rijden, zo’n kerel krijgt geen enkele kans.’

In datzelfde interview krijgt ook Jostein Willman ervan langs. Winnen: ‘Willman is een kalf. Tactisch snapt hij niet hoe hij moet koersen, maar hij heeft ook geen vrienden in het peloton. De hele dag zit hij zwijgend op zijn fiets. Praat met niemand in de koers. Zo win je geen wedstrijden.’

Praten met de baas
Om te winnen moet je dus praten met je collega’s. Bijvoorbeeld met je kopman, zoals Jacques Hanegraaf dat deed tijdens het NK.

Jan RaasBinnen Raleigh was Jan Raas de bepalende factor. Wilde je dus winnen, moest je wel even met Raas in conclaaf. In 1983 wil Jacques Hanegraaf graag Nederlands kampioen worden. Hanegraaf vraagt Raas of die voor zijn eigen kansen mag gaan, maar dat mag niet van Raas. Mokkend blijft Hanegraaf in het wiel zitten. Als Raas niet toestemde mocht je je plan niet trekken.

Raas was zelfs zeer bepalend in de opstelling van de ploegen. Aad van den Hoek ondervindt dat aan den lijve. Peter Post wil Van den Hoek niet meenemen naar een etappekoers.

Raas springt voor Van den Hoek op de bres. ‘Aad moet mee,’ zegt Raas tegen Post. Die reageert meteen door te stellen dat er voor deze etappekoers toch wel betere renners zijn. ‘Dat kan me niet bommen,’ snuift Raas. ‘Hoek heeft de afgelopen koersen hard voor me gewerkt, hij mag hier nu ook wel wat verdienen.’ En dus gaat Van den Hoek mee naar de etappekoers.

Goede mentaliteit
Terug naar de overwinningen van Johan van der Velde. Uiteraard een renner met enorme klasse, maar ook een sympathieke jongen. De Brabander had een mooie stijl, reed hard, maar had – belangrijker nog – een goede mentaliteit.

Dat merkten de andere renners ook. Van der Velde lag vanaf zijn eerste jaar goed in de groep. Hij deed zijn werk, was altijd in voor een lolletje en was optimistisch aangelegd. Voor team- en generatiegenoot André Gevers gold dat veel minder. Die was minder uitbundig, wellicht iets zelfzuchtiger dan Van der Velde. En dus werd er binnen de eigen ploeg tijden de Ronde van Engeland een rekening vereffend met Gevers.

In de laatste etappe werd onder leiding van Cees Priem de boel op de kant gezet. In een drieste waaier ging het richting finish. Van der Velde zat voorin mee. Toen André Gevers het wiel van Priem koos, liet deze bewust een gaatje vallen. Gevers maakte het nooit meer goed. Van der Velde had zijn eerste grote ronde binnen. Dankzij een ploeggenoot die op dat moment de beslissing nam om de ene te laten winnen ten nadele van een andere teammaat.

Snor gedrukt
Voor renners die wat moeilijker lagen in de ploeg werd geen poot uitgestoken; die wonnen dan ook niet. Gevers ondervond dat, maar ook Urs Freuler merkte dat toen hij in 1982 als huurling de Raleighploeg betrad.

Urs FreulerDat Freuler als huurling kwam werd al vreemd gevonden. Post wilde in 1981 met een sprinter naar de Tour. Jan Raas was geblesseerd. Dus kwam Post uit bij Freuler. ‘Een huurling? Die wordt gehuurd. Dus daar zal wel een bak geld naar toe gaan,’ redeneert Jacques Hangraaf 30 jaar later. ‘Wij hadden dus niet zoveel op met die Zwitser. Maar goed, je bent professional, dus je zorgt dat die man gaat winnen.’

Er was echter één voorwaarde gesteld. Freuler, die – opvallend in die dagen – een zware snor droeg, moest diezelfde snor afscheren als hij een Touretappe won. Cees Priem had dat aan tafel hard geëist. Mompelend had de Zwitser daarmee ingestemd. Het zal allemaal wel, zag je Freuler denken.

Toen Freuler een etappe won, kwam de hele ploeg ’s avonds op zijn kamer. Glunderend hield Cees Priem een schaar en een scheermes klaar. De Zwitser schrok, voelde zich overvallen. Hij werd eerst boos, toen zelfs vals. Het dreigde op een handgemeen uit te lopen. Er gaan zelfs verhalen dat Freuler naar een mes greep om zijn ploeggenoten te verjagen.

Priem deinsde terug. Dit was niet de bedoeling. Ook de overige Raleighs dropen af. Niemand zei iets.

Dat hoefde ook niet. Freuler had zijn woord niet gehouden. Vanaf nu zouden ze niet meer omkijken naar die gekke Zwitser. Sterker nog; vanaf nu won die Zwitser helemaal niets meer in Raleighshirt. Dat hoefde niemand naar elkaar uit te spreken, dat was een ongeschreven regel. Een erecode in het peloton en een belangrijke pijler onder het systeem-Raleigh.

 

De in dit verhaal genoemde Aad van den Hoek, Peter Winnen en Jac Hanegraaf zijn op zaterdag 14 november aanwezig bij het TI-Raleigh wielercafé.

In de speciaal voor deze avond tot theater omgebouwde zaal van Optisport in Noordwijkerhout ontvangt gastheer John van Ierland naast bovengenoemde gasten ook Piet van Katwijk Een avond vól anekdotes, film, muziek, literatuur en nostalgie. Over Raleigh, knechten en kopmannen. Inschrijven voor deze avond kan hier.

Maurice Beerthuyzen

Schreef tot 2009 regelmatig over wielersport (o.a. op Sportgeschiedenis.nl en Fok Sport). Begon in 2010 een internetconsultancybureau. Blogt nu op www.sportkroniek.nl over allerlei sporten, maar wielrennen is een van zijn favoriete onderwerpen.