De klassieker omdat het moet

By |zaterdag 13 april 2013|

De blik van de BelgenIets wat op een berijdbare weg gelijkt, een honderdtal slecht geparkeerde wagens, zevenhonderd vluchtheuvels en drie molshopen, meer heb je niet nodig om een koers op poten te zetten. Zo moest er iemand omstreeks 1966 gedacht hebben ergens in het zuiden van Nederland. En zo wordt vandaag de zondag tussen Parijs-Roubaix en Luik-Bastenaken-Luik opgevuld met een eendagskoers genaamd de Amstel Gold Race.

Het parcours in de Amstel draait om de Cauberg. Niet één, twee of drie, maar vier keer wordt hij morgen beklommen. Zie hier wedijver met de Ronde van Vlaanderen. Drie keer over de Paterberg en de Oude Kwaremont? ‘Wij, Nederlanders kunnen beter,’ dachten de organisatoren van de Amstel. En dus mogen de renners morgen niet drie keer, maar vier keer van de feeërieke Cauberg genieten. Laten we het hier wel bij houden, want Wouter Vandenhaute is niet het type dat graag het onderspit delft. Drie keer Paterberg in de Ronde is meer dan voldoende.

Parcours 2013

Parcours 2013

De Cauberg. Het bewijs dat je niet veel nodig hebt om een wielerwedstrijd in elkaar te boksen. Een simpele oplopende geasfalteerde weg, waarvan er dertien in een dozijn zijn, wordt vereenzelvigd met het Nederlandse wielrennen. Het is de kern van een koers die het etiket van klassieker opgekleefd krijgt. Het is maar de vraag of de Cauberg niet in elkaar zakt wanneer Peter Sagan en Philippe Gilbert er morgen over denderen. Maar dit hellend stuk weg staat toch maar mooi in de vaderlandse geschiedenisboeken en alle Belgische schoolboeken als plaats waar Philippe Gilbert, Philippe Gilbert en Philippe Gilbert hun heroïsche exploten voltrokken.

Het moet niet gemakkelijk zijn om maar één eendagswedstrijd van betekenis te hebben die dan ook nog eens zeven keer op één namiddag dezelfde wegen bewandelt. Het meest duizelingwekkende aan het hele parcours is het draaien van lusjes. Om compassie van te krijgen, dachten de organisatoren van de Ronde van Vlaanderen. Al moeten ze met hun solidariteit daar wel niet overdrijven. En een echte traditie vergelijkbaar met die van de Ronde kent de Amstel niet. En de weinige traditie die er dan is wordt verwaarloosd: dit jaar geen Fränk Schleck die in de Amstel Gold Race op een domme manier ten val komt. En zelfs een overijverige Rabobankploeg die zich veel te vroeg in koers helemaal opbrandt is er dit jaar niet bij.

Natuurlijk is de Amstel meer dan de Cauberg. Het is ook Cadier en Keer, Schin op Geul en Berg en Terblijt. En dat een paar keer herhalen in willekeurige volgorde. En Valkenburg natuurlijk, het Oudenaarde van Nederland. Al is de aankomst nu 1,7 kilometer verlegd en komen de renners aan in Berg en Terblijt, omdat de organisatoren zo hopen hun koers 2,9 kilometer spannend te maken in plaats van de gebruikelijke 1,2. En omdat ze na 2011 genoeg hadden van Philippe Gilbert als winnaar. Viel dat WK vorig jaar dan eventjes tegen zeg.

De Amstel straalt futloosheid uit. Het is de klassieker in Nederland omdat het moet. Het enige wat haar rechthoudt is een deelnemersveld om U tegen te zeggen. In tegenstelling tot in de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix komt elke ploeg met één of twee spitsen aan de start die pretenderen de koers te kunnen winnen. Toch is de kans dat een Slowaak de Amstel Gold Race gaat winnen groter dan dat een Nederlander dat zal doen. Nochtans geen wielerland dat Slowakije. Om maar te zeggen dat het Nederlandse wielrennen al betere dagen heeft gekend.

Van 2004 is het geleden dat er nog een Nederlander een klassieker heeft gewonnen. In Parijs-Tours, toen nog niet gedegradeerd tot een Franse semi-semi-klassieker wat het nu wel is, zegevierde Erik Dekker. Meer dan een decennium wachten jullie, Nederlanders, op een overwinning van een landgenoot in jullie klassieker. En de laatste twee Nederlandse winnaars van de Gold Race zijn paria’s geworden omdat ze deden wat iedereen deed. Al wil die laatste dat nog meteen zo gezegd hebben.

Ondenkbaar dat we in Vlaanderen tien jaar zouden moeten wachten op een winnaar van eigen bodem in de Ronde van Vlaanderen. Van hoger hand zou er ingegrepen worden. Fabian Cancellara zou de Belgische nationaliteit krijgen en zou zich via een achterpoortje belastingvrij in Vlaanderen mogen vestigen. Of we doopten eventueel de Koppenbergcross eenmalig om tot Ronde van Vlaanderen. Bij de UCI zien ze het verschil toch niet met het gewone parcours. Alles voor een Vlaamse winnaar.

Nederland is het andere uiterste. De toestand is uitzichtloos dat de berusting is opgetreden. Af en toe een opflakkering. Slagter die de Tour Down Under wint, mooi. Maar om één of andere reden, vaak door de torenhoge verwachtingen die rusten op een renner, verdwijnt de hoop al weer snel. Nederland is geen wielernatie. Buiten de EnecoTour is de Amstel de enige WorldTourwedstrijd die door Nederland gaat met prestige. Maak er dan toch een koers van die de Nederlanders ligt. Iets waar wij Vlamingen heel goed in zijn. Zo goed zelfs, dat de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix provinciale aangelegenheden zijn geworden.

Neen, ook morgen zal er geen Nederlander winnen. Het mag onderhand nog wel eens. Van 2001 is het geleden dat er een Nederlander de Amstel won. Ook hier weer Erik Dekker. Hij versloeg in een sprint met twee een Amerikaan die niet met naam wenst genoemd te worden op de erelijsten. Zo bescheiden, die Texanen. Pasen ligt al twee weken achter ons, een verrijzenis van Karsten Kroon zit er morgen niet meteen in. En de rest van de Nederlanders in een notendop: Slagter te jong, Boom te wispelturig, Honig in de vroege vlucht, Terpstra probeert het vlak voor de Cauberg, Ruijgh tweede Nederlander op een 24ste plaats vlak voor Laurens Ten Dam, Mollema hevig duellerend om een vijfde plaats met Greg Van Avermaet en Albert Timmer haalt de finish. De roep naar Michael Boogerd zal na morgen veel harder klinken dan ooit…

Matthias Vangenechten

Matthias Vangenechten (geboren in het jaar dat Rebellin zijn eerste profwedstrijd reed en ook op de dag dat Eddy Merckx het levenslicht zag) gelooft dat ironie en twijfel het bestaansrecht van wielrennen zijn, al is hij daar niet zeker van. Er lag een grootse carrière voor hem in het verschiet als sportjournalist, maar gelukkig herwon hij tijdig zijn zelfrespect en schrijft hij nu obscure blogs vol. Matthias kent nog altijd alle Nederlandse Girowinnaars uit het hoofd.

Related Post

2 Comments

  1. Edwin Rutten 14/04/2013 at 18:42 - Reply

    In ieder geval heeft een Schleck een traditie hoog gehouden door de Limburgse grond op te zoeken.

  2. J de Bont 15/04/2013 at 14:22 - Reply

    Mooi stukje. Is precies hoe ik als Nederlander (nou ja, Brabander) naar de Amstel en het Nederlandse wielrennen kijk.

    Wel mooi dat Weening zo goed koerste. Meest onderschatte NL renner wat mij betreft. Hij was ook de laatste die nog eens een touretappe won. En dat is ook al weer 8 jaar geleden…

Geef een reactie