Tourbeurt – De kracht van een cliché

By |zaterdag 2 juli 2016|

Je ziet het vaak bij sporters. En zeker bij de kleintjes (de korte, bedoel ik dus). Verliezen ze, dan moet iedereen het ontgelden. De tegenstanders? Valsspelers. De media? Voeren een haatcampagne. Het publiek? Ziet hun kwaliteiten niet.

Zelfs de eigen ploeggenoten kunnen er niets van.

Als de kleine sportman wint, is hij op een vreemde manier boosblij. Uitdagende blik. Branie. Zie je wel. Ik ben er nog, hoor. Ook al ben ik een ukkepuk.

Het verongelijkte, de eeuwige slachtofferrol. Het is de reden waarom ik altijd de pest had aan Mark Cavendish. Een veelwinnaar vermomd als Calimero. Vond ik, tot vandaag.

Dat dochtertje. Het jurkje, die vlechtjes, die knuffel. Maar vooral: die lach op daddy’s face.

Niks boosblij. Puur geluk. Vaderliefde. Zoiets.

De kleine boze Cav werd een ontspannen mens. Dankzij een nóg kleinere Cavendish. Hoe mooi kan het clichébeeld zijn?

Sander Peters

Als Sander Peters (1974) geen teksten schrijft, zit 'ie op de fiets. De racefiets dus. Een Trek, lekker degelijk. Want klussen aan z’n fiets, daar houdt ‘ie niet zo van. Ook niet zo’n fan van clichés en pseudo-intellectueel geneuzel over de koers (Hoogmis, Koers Van De Vallende Bladeren, Hel Van Het Noorden, Il Lombardia, etc.). Dol op macaroni-met-smac-en-kaas en de Vuelta.

Related Post

Geef een reactie