De pit van Jan Janssen

By |vrijdag 10 juni 2011|

man en fietsAan het einde van de allerlaatste aflevering van Holland Sport kreeg presentator Wilfried de Jong een ovationeel applaus en ik moest denken aan de voorstelling Man en zijn fiets, die ik een paar maanden geleden bijwoonde, ergens boven in de Leidse Schouwburg.

Voor de grap had ik die middag getweet dat ik hoopte dat De Jong niet in zijn blote kont het podium op zou komen. Dat deed hij ook niet. Hij stond al in zijn blote kont toen de voorstelling begon. In het donker. Aan de manier waarop hij daar stond, herkende je de pose van het boek; de rug kaarsrecht, het hoofd gebogen, de voeten een beetje gespreid, aan zijn linkerhand een wiel. Het licht ging tergend langzaam aan en de band Ocobar begon met spelen. Uit de zaal steeg geroezemoes op, mensen gniffelden, en voor aan het podium klonk zelfs wat gegiechel.

Het was een mooie, frivole, gevarieerde voorstelling. Puur vakmanschap. Ik kreeg er zin van om naar een koers te gaan, wat voor koers dan ook. Ik had zelfs zin om te fietsen. En bij het kijken naar dat filmpje waarin De Jong onder toeziend oog van zijn (filmende) zoon de Mont Ventoux beklimt, nam ik me daar op die zachte stoel in de schouwburg voor ook zoiets te ondernemen. Maar niet meteen de Ventoux, zo erg liet ik me ook weer niet meeslepen. Eén keer de Alpe d’Huez op leek me al een prestatie.

Een van de scènes die me het meest is bijgebleven, is dat alleskunner De Jong ‘een rondje’ maakt met de 68-jarige Jan Janssen. De programmamaker had er wel vertrouwen in; de oud-tourwinnaar had net een lang aanhoudende griep achter de rug, en dan was er nog het leeftijdsverschil.

Het was een warme dag en halverwege het rondje had De Jong zijn bidon al bijna leeggedronken, terwijl hij in de bidon van Janssen ‘het vocht tot aan de rand zag klotsen.’

Janssen had nog geen druppel gedronken. Hij vertelde hoe ze het in zijn tijd moesten doen met één bidon. ‘Als die leeg was, moest je afstappen, de greppel in of naar een fontein en water scheppen.’

Hij was toen zuinig met vocht en nu nog steeds.

Hij had ook een geheim wapen. ‘Als het heel warm was in de Tour nam ik altijd een pruimenpit in mijn mond. Dan bleef je mondvocht kweken en had je niet zo’n droge bek.’

De rest van het rondje zou De Jong nog vreselijk afzien, hij zou – in de woorden van Janssen – ‘naar de kloten worden gereden.’

De zaal barstte in lachen uit toen De Jong de voicemail voorlas die Janssen een paar dagen later had ingesproken:

‘U spreekt met de voormalig Tourwinnaar. Ik heb u laatst zo’n pijn gedaan op de fiets. Over een paar weken is er een mooie koers. Doet u weer mee?’

Aan het einde van de voorstelling stond ik op en applaudisseerde zo hard als ik kon, een hele tijd, mijn handen tintelden ervan. Tijdens het klappen wist ik wat de scènes waren die ik zou onthouden. Maar dat ik bij renners met een omgekeerde bidon aan hun mond nu telkens moet denken aan de pruimenpit van Jan Janssen, had ik ook weer niet verwacht. 

De voorstelling ‘Man en fiets’ loopt door tot ergens in 2012. En uiteraard is ook het boek nog steeds verkrijgbaar.

Rick van Leeuwen

Rick van Leeuwen is een mooiweerfietser zonder racefiets die ooit met een gemiddelde van 33 km/uur – wind mee, stoplichten mee - naar zijn werk knalde. Dit voorjaar verscheen (bij uitgeverij Thomas Rap/De Bezige Bij) zijn debuutroman Misschien sliep je al. Een boek dat niets met wielrennen te maken heeft, maar waarin wel fietspassages voorkomen.


Auteur van:

Latest posts by Rick van Leeuwen (see all)

Related Post

Geef een reactie