Geef ons de Muur terug

By |zaterdag 17 september 2011|

Terwijl we ons goed en wel door het najaar aan het worstelen zijn, draait het ineens om de beroemdste voorjaarsklassieker. Ze halen de Muur van Geraardsbergen uit de Ronde van Vlaanderen! De presentatie van het vernieuwde parcours mist z’n effect niet. Parijs-Roubaix asfalteren zou minder ophef veroorzaken. Of de Champs d’Elysées uit de Tour schrappen, of Hepie uit Hepie & Hepie halen.

Stijn Devolder op de MuurDe Muur is meer dan decorum. De afgelopen edities werden er beslecht, niet zelden op grootse wijze. De Muur is gegarandeerd spektakel, verheven heuvel met perfect gesitueerd kapelletje. Dat Meerbeke moet wijken voor Oudenaarde als finishplek, dat de renners lokaal rondjes moeten gaan draaien alsof De Ronde een kermiskoers is, dat kun je nog profileringsdrang noemen van verdwaalde parcoursbazen.

Maar dit is minimaal heiligschennis. De komkommerfase in wielerseizoen is verstoord. We moesten het doen met berichten dat vutter Laszlo Bodrogi zich tot Fransman laat neutraliseren om de WK-tijdrit te rijden. Dat de nóg oudere Jeannie Longo behalve Tena Lady ook naar andere hulpmiddelen schijnt te grijpen. Leuke dingen om niks van te vinden. En hoewel mijn liefhebbershart nog niet kloppen wil bij het voorjaar van 2012, hoort bij het neerhalen van De Muur passionele verontwaardiging.

Maar het lukt maar niet die op te roepen.

Muren zijn er om neer te halen, net als heilige huisjes. Elke eerlijke liefhebber die De Muur ooit bezocht moet zich gewaand hebben in een open lucht museum. Relikwie van een land dat alleen nog op papier bestaat. Een postzegeltje in een landschap van kleurloze lintbebouwing. Waar ze vedetten nog Flandriens noemen, alsof watt/kg’s en vetpercentages pas over een eeuw hun intrede doen. Waar renners nog rauwe aardappelen uit de grond trekken bij een hongerklop, om er de volgende 350 kilometer -over onverharde wegen- nog eens een lap op te geven.

Conservatisme in z’n overtreffende trap heet wielersport. Het is pijnlijk je daar openlijk toe te moeten bekeren, al hoort dat bij trouwe liefde voor de enige sport die het verdient keer op keer mooier beschreven te worden dan ‘ie werkelijk is. Daarom. Een keertje geen ploegentijdrit in de Tour, de introductie van oortjes, nieuwe continenten op de wedstrijdagenda; eigenlijk is er in het wielrennen maar één reden om nooit iets te veranderen. Mijn dochter van 3 proclameert het bij herhaling, op bijna elke vraag die je als opvoeder stelt in een poging op te voeden: ‘daarom’.

Media-ondernemer Wouter Vandenhaute kocht een paar jaar geleden de rechten van De Ronde en probeert die op zijn manier de 21-ste eeuw binnen te loodsen. Hij heeft er een multimediaconcept van gemaakt, een uitgewrongen merknaam met een Vlaams Knorr-gevoel. Er is een museum in Oudenaarde, een retro-RvV met wollen truitjes en worstenhelmen, dit voorjaar nog eens aangevuld met een knap gemaakte televisiesoap. Het is kassa. Dáárom.

Het schrappen van De Muur is bijna te platvoers om te benoemen. Scoren voor open doel. Een hapklare brok voor de verstokte liefhebber, die nu mag verzuchten dat ‘dit blijkbaar vooruitgang heet’. Een fractie van een avond heb ik geprobeerd die opwinding te delen. Net als bij het fietsen soms wilde het goeie gevoel niet komen. Misschien vind ik die Ronde-oude- stijl nog kunstmatiger dan het herziene parcours. En natuurlijk keert Geraardsbergen over een jaar of wat grandioos terug, ook dat is bedacht.

Ooit trok ik een kassei uit De Muur, een welverdiend relikwie voor mijn eigen Ronde.

Waarschijnlijk deed ik dat niet als enige, een paar jaar geleden is de verzakte heuvel grondig opgeknapt. De hoekige kinderkopjes werden geruimd en opnieuw teruggelegd, nu als een bijna aangeharkt fietspad in een retro-wijk.

Misschien kunnen ze die keien opnieuw loswrikken, tijdens een live dinnershow per opbod veilen, verguld en met genummerd cerficaat. Van de heuvel maken ze dan een walk-of-fame met oplichtende Flandriens, de kapel wordt een verkooppunt van RvV-attributen. Ik denk dat ik dan wel in opstand kom. Daarom.

Mark de Bruijn

Mark de Bruijn (1971) weet nog altijd niet of hij schrijver of wielrenner wil worden. Voelt de druk. Zocht het jarenlang in de tv-actualiteit, maar begrijpt nog steeds niet waarom mensen wereldomvattend leed belangrijker vinden dan wielrennen. Overwoog daarop te promoveren of er een boek aan te wijden. Het stichten van een jong gezin stak daar een stokje voor - om de wereld dát weer te besparen.

Related Post

Geef een reactie