In Rotterdam begon het te regenen vlak voordat de eerste renner van start ging. Ongeveer een uur voordat de favorieten aan hun proloog begonnen, brak de lucht open. De Amerikaanse tijdrijder David Zabriskie trok de volgende conclusie: ‘God is a cycling fan.’

God was niet de enige wielerfan in Rotterdam gisteren. Er waren er honderdduizenden. Al in de trein van Amsterdam naar Rotterdam werd er door vier mannen van een jaar of vijftig naast mij flink gediscussieerd en voorbeschouwd. Bloedserieus overtuigden ze elkaar van het ene onware feitje na het andere: Tom Boonen reed niet mee dit jaar vanwege cocaïnegebruik (‘Toch vreemd dat die jongen dat nodig heeft, hij wint zo veel koersen’); Carlos Sastre had nog niet gekoerst en zou daarom falen; John Gadret kwam uit het mountainbiken en was dus specialist in het middengebergte en niet geschikt voor de echte bergen; Laurens ten Dam was niet geselecteerd en Thomas Voeckler was een arrogant mannetje. En als klap op de vuurpijl zochten ze minutenlang tevergeefs naar de naam Erik Zabel op de startlijst. De conclusie? ‘Hij doet zeker niet mee dit jaar.’

Maar niet alleen wielerfans zorgden voor vermaak rond de proloog, ook de renners droegen hun steentje bij. Vrijdagavond verraste Alberto Contador met een Nederlandstalig berichtje op twitter: ‘Felicitaties voor Nederland voor de overwinning op Brazilie en ontzeffend bedankt voor alle hulp elke keer als ik hier fiets.’ Het was niet het ‘ontzeffend’ dat mij aan het denken zette, maar het woordje ‘hulp’. Ik stelde me voor dat de Spanjaard altijd verdwaalde in Nederland tijdens verkenningstochtjes, of vast kwam te zitten in tramrails, en dan hulp nodig had van welwillende Nederlanders om hem terug te brengen op het juiste pad. Tot ik besefte dat hij eigenlijk ‘steun’ bedoelde.

Het was duidelijk dat Contador bij het vertalen geen hulp had gekregen van een Vlaming of een Nederlander. Maar hoe had hij het dan aangepakt? Toen ik me eenmaal realiseerde hoe het echt moest zijn gegaan, kwam bij mij ook de ontroering. Want heel helder zag ik hem voor me, de beste renner van het moment, alleen in zijn hotelkamer. Hij had net naar de wedstrijd gekeken en gehoord hoe er na de overwinning op Brazilië feest werd gevierd in de straten van Rotterdam. Hij kreeg een sympathiek idee: hij zou de Nederlanders feliciteren en zo iets terugdoen voor zijn fans. Maar aan wie moest hij vragen zijn berichtje te vertalen? Geen van zijn ploeggenoten sprak Nederlands. Opeens kreeg hij een briljante ingeving: internet! De Grote Contador zocht een online vertaalprogramma en voerde blij zijn Spaanstalige felicitaties in. De uitkomst plaatste hij met een tevreden gevoel meteen op twitter.

De nummer één van de wereld in de weer met gebrekkige vertaalmachines om zijn fans te bedanken: ik begrijp het wel, dat God van wielrennen houdt.

Lidewey van Noord

Lidewey van Noord (1985) is freelance (sport)journalist, schrijver en redacteur. In haar vrije tijd geeft ze Nederlandse les aan expats en maakt ze wielergerelateerde pelgrimstochten door Italië. Bovenaan haar lijst met verhalen die ze nog wil schrijven: ‘Mijn Route 66-roadtrip met Taylor Phinney’ en ‘Cowboy Lance en de whiskyproeverij’.


Schreef: