‘Het Kopje? Dat slaat in je benen, man!’

By |dinsdag 29 mei 2012|

Het aantal hoogtemeters is oneerlijk verdeeld in Nederland. Limburg heeft ruim negentig procent van alle oplopende wegen in handen. Gelderland, Overijssel en Utrecht hebben enkele stuwwallen geasfalteerd en de rest van Nederland heeft niks. Drenthe spaarde daarom zelf maar vijftig jaar lang compost en heeft op de ontstane hoop een weggetje gelegd.

Wielrenners uit Amsterdam en omstreken hebben slechts één korte beklimming toebedeeld gekregen. Gelukkig wel een heel bijzondere. Een klim met variatie in wegdek en stijgingspercentage, met bochten en rechte stukken en in een prachtige omgeving: het Kopje van Bloemendaal. Een ‘kopje’ is volgens het woordenboek een ‘alleenstaande hoge heuvel’. Dat klopt wel aardig: er is nergens in de wijde omtrek een duin van 43 meter te vinden. Overigens ken ik sowieso geen ander hooggelegen punt met de benaming ‘Kopje’. Het Kopje, dat is Bloemendaal. De Hoge Duin en Daalseweg, om precies te zijn.
De korte helling wordt, in tegenstelling tot andere bekende beklimmingen in Nederland, nauwelijks opgenomen in wedstrijden. Het peloton in Olympia’s Tour is er wel overheen gereden en er werd jaarlijks een criterium verreden. Deze ‘Ronde van het Kopje van Bloemendaal’ is na 2004 niet meer georganiseerd. Laatste naam op de erelijst: Niki Terpstra.

In het verhaal ‘Vorm’* schrijft Tim Krabbé: Het is een mooie trainingsgelegenheid, maar merkwaardig impopulair bij de Amsterdamse renners. Ik heb duurbetaalde amateurs meegemaakt die mij aankeken of ik ze een oneerbaar voorstel had gedaan als ik het Kopje samen wilde beklimmen en die daarbij de bekende onzin uitkraamden: ‘Dat slaat in je benen, man’.

Krabbé test zijn vormpeil op het Kopje. Hij meet de tijd vanaf de scherpe bocht beneden bij de ingang van het openluchttheater tot aan de rode brievenbus op de top. Zijn record, gereden in 1980: 2 minuten en 19 seconden. Een paar jaar geleden vertelt hij aan Trouw dat hij nog regelmatig zijn tijd opneemt. Dertig jaar na zijn record komt hij tot 2 minuten en 29 seconden. Nog altijd een seconde sneller dan ik ‘m zelf ooit reed. ’s Winters doe ik er zelfs nog dertig seconden langer over. Dan doet ’t Kopje de longen branden en trappen oude mannen zonder helm en zonder Oakley-bril hun zware Gazelle’s omhoog zodra de sneeuw gesmolten is. De bomen zijn nog kaal en de klinkers op het steilste stuk voelen als de stenen op de Bosberg vlak achter Geraardsbergen.
Het kan er soms druk zijn: op mooie avonden in juli gaan massa’s bolletjestruien nog even gauw naar boven voordat Smeets’ Avondetappe begint. Zwoele zeelucht vermengd met de geur van naaldbomen uit de villatuinen maken van het Kopje dan een soort Poggio di Sanremo.

Als een oorkonde van officiële bergstatus kreeg het Kopje een driehoeksbord met stijgingspercentage. Het staat op het hoogste punt, tegenover de inmiddels oranjegeverfde brievenbus. Tien procent. De leverancier had waarschijnlijk even geen ander bord op voorraad.
Het Kopje is eigenlijk het kleine broertje van andere bekende beklimmingen boven de rivieren, zoals de Amerongse Berg en de Posbank. Klimreservaten: hier fietst Holland heuvels. Het is niet anders, dus we doen het er maar mee.
En de profs? Op de Posbank zag ik Robert Gesink rondjes draaien. Uitgerekend Kenny van Hummel haalde me er in terwijl hij maar met één been trapte. En op de Amerongse Berg werd ik eens tegemoet gereden door een regenboogtrui. Wereldkampioen cyclocross bij de beloften Lars van der Haar uit Woudenberg was er aan het trainen achter de brommer. Maar al die tientallen keren in Bloemendaal zag ik niet éénmaal een profrenner rijden. Zouden zij ook nu nog bewust de Hoge Duin en Daalseweg mijden?
Het Kopje? Dat slaat in je benen, man!’.

Het Kopje van Bloemendaal heeft slechts één prof als ambassadeur toebedeeld gekregen. Gelukkig wel een heel bijzondere. Amsterdammer Gerrie Knetemann koesterde het Kopje. Hij trainde er vaak en lang en sprak er veel over.
En hij ontmoette er zijn vrouw Gré.
Helaas, Gerrie is er niet meer. Maar het is een prettige gedachte dat er ook over het Kopje ooit een regenboogtrui reed.

*Tim Krabbé schreef  het verhaal ‘Vorm’ in juni 1980. Het verscheen in zijn bundel ‘43 Wielerverhalen’ (Uitgeverij Bert Bakker). Hij rijdt ook nu nog regelmatig over het Kopje. Zijn tijden staan via STRAVA online.

 

Martijn Sargentini

Martijn Sargentini (Amsterdam, 1976) werkt als planoloog in de regio Amsterdam aan fietsprojecten. Schreef artikelen voor o.a. Soigneur, De Muur en Fiets Magazine en neemt zo nu en dan het wielernieuws door op Radio1. Debuteert begin 2018 bij uitgeverij Spectrum met het boek 'Koersen over kasseien & kiezelstenen'.

Heeft meegewerkt aan / Favoriete wielerboeken:



Related Post

15 Comments

  1. ED 29/05/2012 at 11:28 - Reply

    Kopje is veel gebruikt voor heuveltjes op het Afrikaanse veld. Bijv. “De held van Spionkop” (L. Penning).

  2. Jan de Jonge 29/05/2012 at 12:27 - Reply

    Heb meteen weer eens zin in het kopje. Ik zal de puist vanmiddag meenemen in mijn training. Bedank voor de inspiratie!

  3. h hofstede 29/05/2012 at 12:44 - Reply

    Nou doe je Drente toch echt veel te kort!
    Die VAM-bult wil ik het niet over hebben, maar als je eens hoogtemeters wilt maken, dan leid ik je graag rond.

    • Martijn Sargentini 29/05/2012 at 13:22 - Reply

      Nou, heel graag, mijn zoektochten in Drenthe leverden tot dusverre niet veel op. Maar doen we dan wel de keien van de boswachterij Grolloo en de VAM berg aan?

      • h hofstede 29/05/2012 at 14:27 - Reply

        Keien bij Grolloo is best, Schoonoord en Borger nog beter.
        Klimmen op de Hondsrug, de VAM-berg laten we maar liggen.

  4. Nees de Bondt 29/05/2012 at 16:54 - Reply

    Mooi stuk over “het kopje”, kleine kuitenbijter, ik pak hem wel eens bij de training om hem dan van de drie zijdes te “beklimmen”. De tijd heb ik nooit gemeten, zal ik toch eens doen. Een VAM berg hebben we hier ook in Spaarnwoude Maar ben nu ook wel benieuwd naar de Drentse Hondsrug.

  5. Sander van Voorn 29/05/2012 at 17:17 - Reply

    Prachtig verhaal, vooral die foto’s :-). Ik ga binnenkort die 2:19 aanvallen…

  6. Raymon Velthuis 29/05/2012 at 23:18 - Reply

    Schitterendee klim. In september is het weer koers op Het Kopje. Op 2 september is de Ries van der Velden Classic, een sponsor-tocht tegen de ziekte ALS waarbij deelnemers rondjes van 20km over Het Kopje kunnen fietsen. Op 9 september is er de welbekende Gerrie Kneteman Classic.

  7. Hans 30/05/2012 at 13:32 - Reply

    Ah, jeugdsentiment… Kleine opmerking: Aerdenhout heeft ook een Kopje. Stelt verder niets voor, maar het is wel een Kopje.

  8. Joost-Jan Kool 30/05/2012 at 13:32 - Reply

    Krijg zin in de fiets hierdoor. Helaas is de Alblasserwaard vlakker dan vlak. Hoogste punt de Donk, 2,5 hoog.

  9. Marten 30/05/2012 at 16:04 - Reply

    Geweldig die Het is Koers sticker op de brievenbus!

    • Remco Baggelaar 31/05/2013 at 10:52 - Reply

      We hebben het hier toch wel over de enige echte brievenbus? Die rooie v.d. PTT of TNT of weet ik veel wie? Aan het eind van de steentjes? Mooi is dat toch dat mensen die elkaar niet kennen meteen feilloos weten waar we het over hebben. We hebben een prachtsport. Kom maar eens om dit soort ijzeren anekdotes in het voetbal.

  10. Sjors Pals 26/08/2012 at 15:43 - Reply

    Ik doe hem ook wel eens, overigens heeft wel degelijk een prof het record, namelijk Niki Terpstra: http://app.strava.com/rides/6200550#118029539

    (zijn nickname op Strava is dus Luca T.)

  11. Martijn Sargentini 31/05/2013 at 10:08 - Reply

    Kijk, een leuk bericht!

    Na bijna 10 jaar (laatste editie 2004, winnaar Niki Terpstra) is de ronde van het kopje Bloemendaal weer in ere hersteld. De enige bergklassieker in West Nederland staat woensdag 5 juni weer op de kalender. Een rondje van 1400 meter waarbij het voor de toeschouwers een spectaculair schouwspel is om de renners op een lastig en uitdagend parcours het kopje 45 x (!) zien te beklimmen.

    http://joopbroek.wix.com/kopjebloemendaal#

  12. Remco Baggelaar 31/05/2013 at 10:19 - Reply

    Ah te gek, heb ‘m twee keer gedaan, een hele aparte sensatie. Op de steentjeskant in training 42×15, in de koers moeiteloos 53×16: zelfs ‘bergop’ abri en zuiging. Als het knap weer is ga ik zeker kijken. Dat is dan na de Giro proloog en start hier op de Snuifas, ruim 20 jaar geleden dat ik op de koers ben.

Geef een reactie