Tiesj en Sep speelden volley

By |dinsdag 7 april 2015|

Ik moest dus aan volleybal denken, toen ik zondag Tiesj en Sep bezig zag.
En neen, dat is niet raar.
Ik leg het uit.

volleyDe jaren 1980, volleybal in Nederland.
De Nederlanders doen het goed in die sport. Ze lijken zich te gaan opmaken voor grootse triomfen. De ploeg weet wat het is om onder druk te spelen. Ze weten van wanten, de spelers met hun tonnen ervaring. Nog één tornooi moeten ze winnen en dan zijn ze op weg naar een gouden toekomst. Het lijkt ook goed te gaan, ze raken vlot in de eindfase van dat tornooi.

En dan stokt het. Plots.
Hoe kon dat toch? Wat was er aan de hand?

Ik zag er later een documentaire over. De spelers kwamen aan het woord: “We waren bang om te winnen. Al onze ervaring speelde ons gek genoeg parten. We wisten gewoonweg té goed wat we moesten doen om te winnen. En dat begon in ons hoofd te spelen. Want we wisten ook hoe het voelde om te verliezen. Dàt hadden we in het verleden immers ook gedaan.”

Toen kreeg de coach een geniale ingeving. Hij keek naar het speelveld, zag zijn ploeg vol ervaren spelers kopje ondergaan. En hij keek naar de bank. Daar zaten allemaal jonge snaken, jonge veulens. Sterke spelers, dat wel. Maar (nog) te groen voor zulke belangrijke wedstrijden. Toch deed de coach het: hij vroeg een time-out, verving zijn ervaren ploeg en liet de jonge gasten opdraven.

Ze wonnen.

Waarom? Eén van de jongeren, ook in de documentaire: “We speelden onbevangen. We hadden lak aan verliezen of winnen. Wisten wij veel hoe dat eraan toe ging in de slotfase van zo’n belangrijke match. We veegden er onze broek aan. Voor we het wisten, hadden we de zege beet.”

De gouden ingreep van Arie Selinger – zo heette de coach – kreeg een vervolg. De jonge Nederlanders bleven samen trainen, in een hechte groep, steeds in dezelfde wat afgeleefde sporthal – Bankras in Amstelveen. Op de Spelen in Barcelona haalden ze zilver. Vier jaar later, in Atlanta, was het goud. Het Bankrasmodel was geboren: de spelers waren eigenzinnig, loyaal, speelden met inzet, ze hadden een doel.

Daar moest ik dus allemaal aan denken toen ik Sep zag zwalpen en Tiesj vijfde zag worden.

Filip Osselaer

Filip Osselaer (1960) is tekstschrijver, eindredacteur, cineast en
communicatiearchitect. Hij groeide op in de gloriejaren van Eddy Merckx,
Freddy Maertens en Lucien Van Impe. Hij bereidt zich al jaren voor op zijn
eerste beklimming van de Ventoux. Grootste prestatie op de fiets: de ronde
van zijn dorp, koers voor veertienjarigen. Won toen zowel de bergprijs als de
puntentrui voor Wim, Marc, Hendrik en Linda. Favoriete boek: De Renner,
natuurlijk (17 keer gelezen). Te volgen op www.filiposselaer.be en via Twitter: @filiposselaer

Latest posts by Filip Osselaer (see all)

Related Post

One Comment

  1. Marein 07/04/2015 at 13:40 - Reply

    Mooie vergelijking. Ik denk dat de trainer van Vanmarcke vergelijkbare dingen gedacht heeft. http://sporza.be/cm/sporza/wielrennen/1.2296636

Geef een reactie