‘We hebben ‘m alle kneepjes geleerd, man!’

By |dinsdag 15 november 2016|

‘Mike? Ben jij het?’

‘Waar zit je? Waar ben je, Steef?’

‘Hè, hoezo? Gewoon thuis.’

‘Zet de tv aan man. Snel. Het is die lul…’

‘Doe eens rustig. Wat heb je genomen, man?’

‘Bij Mathijs. Op TV. Daar zit ‘ie. Met z’n kutboek en dat eikelige journalistje naast ‘m.’

‘Wie? Tommyboy en Thijs Zonnekoning?’

‘Ja, godverdegloeiende tering. Die klootzak zit daar effe een potje de boel te verklooien, man, niet normaal.’

‘Wacht effe, ik zet ‘m aan…’

‘Zie je het? Man o man, wat een eikel. We hebben hem alles geleerd man. Echt al-les.’

‘Sssst. Ik probeer te luisteren…’

‘Hoeveel tijd we niet in die gast gestoken hebben.’

‘Hou nou eens je kop, zenuwenlijer, ik versta er niks van zo….’

‘Onder onze hoede genomen hebben we dat lulletje-rozenwater…’

‘Jezus, hoor ik dat nou goed? Ik word ook genoemd, godver…’

‘We hebben dat ventje de fijne kneepjes geleerd.’

‘Als Oleg dit maar niet hoort. En Boring Bertje…’

‘Wat had ‘ie zonder ons gemoeten?’

‘Straks zit ik wéér werkloos thuis. De hele dag bij mijn saaie wijf op de bank…’

‘Alsof ie met z’n talent en z’n traininkjes achter papa’s brommer ooit Romandië had gewonnen.’

‘Bizar Mike. Ik heb het gezegd, hè? Dat watje gaat een keer breken. Dat gladde homootje.’

‘Ja, weet je nog toen met die snollen in Parijs? Kreeg ie ‘m niet hard…’

‘En wie hielpen hem? Wie hebben er toen een minuut of tien staan sjorren aan hem? Zodat ‘ie ‘m nog effe erin kon hangen…’

‘Precies. En dan dit.’

‘Wat een loser zeg. Met z’n zonnebankbruine beentjes altijd.’

‘En z’n krulletjes, die mooie kleertjes enzo.’

‘Weet je wat, Mike?’

‘Steef, wat een teringlijer is het, beetje zielig doen, met z’n steenrijke Hollywoodmummie.’

‘Mike, luister eens…’

‘En dan die Mathijs met z’n verontwaardiging. Alsof hij niet ook….’

‘Mikey….’

‘Ja, wat nou gast. Ik ben kankerteringboos man. Alles naar de klote.’

‘Weet je wat? Kom lekker naar me toe. Pornootje op Netflix? Als vanouds samen…?’

‘OK, Steef. Ik kom Steef. Ik kom, yes….’

 

Sander Peters

Als Sander Peters (1974) geen teksten schrijft, zit 'ie op de fiets. De racefiets dus. Een Trek, lekker degelijk. Want klussen aan z’n fiets, daar houdt ‘ie niet zo van. Ook niet zo’n fan van clichés en pseudo-intellectueel geneuzel over de koers (Hoogmis, Koers Van De Vallende Bladeren, Hel Van Het Noorden, Il Lombardia, etc.). Dol op macaroni-met-smac-en-kaas en de Vuelta.

Related Post

2 Comments

  1. Jurgen van Teeffelen 15/11/2016 at 12:41 - Reply

    Geweldige dialoog! Ik zie de handdoekjes bij Steef al op het tafeltje voor de tv liggen…

  2. John 17/11/2016 at 09:07 - Reply

Geef een reactie