Chris FroomeEen paar weken geleden maakte ik een op z’n zachtst gezegd spannende afspraak. Slechts vier mensen wisten ervan: twee zijdelings betrokken heren en natuurlijk ondergetekende en degene met wie de afspraak werd gemaakt. Naarmate de tijd vorderde, werd mijn opwinding groter; ik was zo ontzettend benieuwd naar hoe dit uit zou pakken. Ongeveer twee weken voor de eerste Touretappe in gang werd geschoten, maakte de wereld kennis met die spannende afspraak van mij. Niet dat iemand dat in de gaten had, het was wel zaak het geheim geheim te houden.

Nu weet ik niet hoe het u vergaat, maar ik vind de plicht van het bewaren van een geheim zwaar wegen. Het geheim is niet voor niets geheim, tenslotte. En toch sta ik nu op het punt mijn woord te breken. Voor het eerst in mijn leven. En niet omdat ik het geheim te spannend vind om voor me te houden. Nee, het heeft te maken met de inhoud. Het is de inhoud waar ik werkelijk helemaal niets meer van begrijp. En dat vreet aan me, begrijpt u? ‘s Nachts lig ik er wakker van en overdag dwarrelen de letters van mijn toetsenbord in de meest vreemde combinaties voor mijn ogen. Toen ik vanmorgen voor de zoveelste keer geradbraakt naast mijn bed stond, besloot ik dat het genoeg was. Ik kan dit niet langer alleen dragen.

Dus, voilà, dit is mijn geheim: de aanstaande mevrouw Froome speelt mij om de dag de dagboekaantekeningen van haar Christopher door. Het werd tijd dat de wereld zou zien uit welk hout haar man werkelijk is gesneden, zo vond ze. Omdat ze zich ook wel realiseerde dat haar woord weinig gewicht in de schaal zou leggen, nam ze contact op met Het is Koers. Vorig jaar gaven jullie die Texaan ook een podium, dus waarom mijn Chris niet, had ze gevraagd. Daar hadden de mannen van Het is Koers weinig tegenin te brengen.

Aldus kreeg ik een telefoontje: zag ik het zitten de spreekbuis van de Froomes te zijn tijdens de komende Tour? Inderdaad, de vraag stellen is hem beantwoorden. Ik verheugde me op het vuurwerk – want dat er vuurwerk zou komen, daar was ik van overtuigd. De beelden van dat verongelijkte jongetje dat door zijn kopman aan een touwtje werd gehouden, stonden me nog altijd scherp voor de geest. En wat te denken van die fitty tussen de aanstaande mevrouw Froome en mevrouw Wiggins, vorig jaar? Ha, dacht ik bij mezelf, als de beoogde Tourwinnaar zo’n felle tante aan zijn zijde duldt, is hij zelf vast ook niet altijd even aardig.

Inmiddels is de Tour alweer zo’n twee weken onderweg. En wat ik ook lees in dat dagboek van de man in het geel, vuurwerk is het niet. Sterker nog: het is ronduit saai. Een verslagje van de rit (‘het was zwaar, maar ik ben tevreden’), een verslagje van de maaltijd (‘sla, een beetje pasta, een stukje kip, magere kwark toe’), een verslagje van de nachtrust (‘goed geslapen, ondanks dat Richie mijn gele leeuw probeerde af te pakken’). Dag na dag dezelfde teksten, zie daar maar eens een spannend verhaal van te maken. Omdat het zo niet opschoot, besloot ik het vuurwerk in de interviews te gaan zoeken. Zodoende zap ik nu dus al dagen van de ene tv-zender naar de andere, op jacht naar de woorden van Christopher Froome. De blik in zijn ogen, de stand van zijn mondhoeken, de bewegingen van zijn handen; achter iedere beweging probeer ik iets van drift, venijn of agressie te ontwaren. Maar nee, de glimlach lijkt te zijn gebeiteld op zijn gezicht, de beleefdheid gekerfd in iedere vezel van zijn schriele lichaam. Zijn mond zet op bedachtzame wijze woorden om in zinnen, om die daarna keurig voor de interviewer op tafel te leggen. Al een paar keer is het me gelukt die woorden naar me toe te harken zodat ik ze van dichtbij kon bekijken. Maar wat ik ook probeer, hoe ik ze ook draai, keer en weeg in mijn hand, de woorden ontglippen me steeds weer. Alsof ik probeer te jongleren met de zeepbellen uit de bellenblaas van mijn nichtjes.

Gisteren gaf Froome tijdens een interview toe dat hij wel eens boos wordt. Ik schoot overeind, mijn pen in de aanslag. Maar als dat gebeurt, is dat altijd ver weg van de camera’s, voegde hij er beleefd glimlachend aan toe. Ik liet mijn pen weer zakken. Is deze Froome zo geconditioneerd dat zelfs zijn boosheid achter een façade van keurigheid schuilgaat? Volgens Thijs Zonneveld is het tekenend voor Christopher Froome dat hij de enige renner is die zijn servet keurig uitvouwt op zijn schoot voor hij gaat eten. Maar die venijnige versnellinkjes van vorig jaar dan, toen hij zijn kopman ongegeneerd en voor het oog van de wereld liet voelen wie bergop de sterkste was? En trouwens, wat te denken van zijn muziekkeuze op de rollen! Want hoewel al die keurigheid doet vermoeden dat zelfs Simon & Garfunkel al te gewaagd is, blijkt hij tijdens het opwarmen te luisteren naar Wiz Kalifa. Ik moest het even opzoeken, maar Wiz Kalifa is dus een zwaar getatoeëerde Amerikaanse rapper die het dagelijks gebruik van marihuana tot kunst heeft verheven. Zoals gezegd: ik begrijp het niet. Het wringt. Ik heb het gevoel naar een renner van bordkarton te kijken. Een renner die uit pure beleefdheid de Tour wint.

Mariska Tjoelker

Mariska Tjoelker (1970) kreeg de liefde voor de koers met de paplepel ingegoten. Mooie zomerherinnering: 30 graden in de schaduw, televisie in de tuin, parasol erboven, haar vader in een klapstoel, zij ernaast, ook in een klapstoel, kijkend naar hoe de wapperende manen van Gert-Jan Theunisse de Alpe d’Huez bestormen. Is ieder jaar weer een week van slag als het laatste rondje over de Champs-Elysées gereden is. Fietst zelf ook en juicht in stilte als ze zo af en toe eens een vent voorbij weet te rijden. In het voorjaar van 2016 debuteert ze bij uitgeverij Thomas Rap met haar boek over wielerkampioene Mien van Bree. Dat er straks een boek van haar in de winkels ligt, vindt ze overigens nog altijd ongelooflijk - en dat is dan voorzichtig uitgedrukt.


Favoriete wielerboeken:

Latest posts by Mariska Tjoelker (see all)