Foto Sprint Cycling Agency
Openingsweekend 2026: de echte winnaars, de pechvogels, de finishers
Het Openingsweekend leverde een solo op de Muur, een sprintzege van een twintigjarige en een ploeg die liet zien wat het woord veerkracht betekent. Maar ook gebroken favorieten en een eerste teleurstelling. We gaan nog een mooi voorjaar tegemoet.
Foto Twila Federica Muzzi / Red Bull Content Pool
Foto Sprint Cycling AgencyDe kruitdampen van ‘Kuurne’ en ‘de Omloop’ zijn opgetrokken. We hebben voor het eerst echt bij de ploegen en de renners in de kaarten kunnen kijken. Vooraf werd er veel geschreven over favorieten, schaduwfavorieten, over underdogs, over toppers, over dromen en doelen. Wat blijft er over na een weekend fietsen in Vlaanderen?
De winnaars
Mathieu van der Poel
Het was zijn eerste Omloop ooit. Van der Poel had de koers jarenlang links laten liggen ten faveure van het veld en de monumenten en klassiekers later in het voorjaar. Toch koos hij in 2026 voor een debuut op het iets veranderde parcours, inclusief de nieuwe beklimmingen van de Tenbosse en Parikeberg in de laatste 25 kilometer. Hij maakte zijn vijf-sterren favorieten status direct waar.
Op de Molenberg ontweek hij met acrobatische stuurkunst een val van Rick Pluimers (Tudor Pro Cycling), waarna hij aansloot bij de kopgroep met Florian Vermeersch en Tim van Dijke in zijn kielzog. Toen volgde de aanval op de Muur. Elegant doch explosief, onbeantwoord en op de top was het gat 20 seconde. Solo naar Ninove. En weer een klassieker op het palmares.
Wordt dit een monster voorjaar voor de in Kappelen geboren veelvraat? Er is wel een saillaint detail: geen enkele renner won in hetzelfde seizoen zowel de Omloop als de Ronde van Vlaanderen. De vraag of Van der Poel die vloek kan breken, hangt nu al boven het voorjaar als een onweerswolk boven de Vlaamse Ardennen.
Matthew Brennan
Op zaterdag lag Matthew Brennan, 20 jaar, uit Darlington, nog met z’n snufferd op de grond. De schaafwonden van die val waren zondag aan de start van Kuurne-Brussel-Kuurne netjes afgedekt, maar ze waren er wel. Hij startte ondanks die schuiver en achteraf was dat de beste beslissing van de afgelopen dagen.
De koers was geen klassieke massasprint. Waaiers in de laatste 35 kilometer hadden het peloton gereduceerd, nadat de Mont Saint Laurent al flink wat voorwerk had gedaan. Wat overbleef was een uitgedund peloton waarin Christophe Laporte zijn jonge kopman perfect afleverde voor de laatste 200 meter. De versnelling van Brennan was verwoestend. Zo werd Brennan de eerste Britse winnaar van Kuurne sinds Mark Cavendish in 2015, en de derde zege voor Visma-Lease a Bike in vier edities. (2023 met Benoot en 2024 met Van Aert). Het was uiteindelijk een sterk staaltje ploegwerk van de in koers dominante formatie van Plugge en co. Zoals Brennan zelf zei: ‘alle lof voor Laporte, ik hoefde het enkel nog af te maken’. Hij deed dat met verve.
Tudor Pro Cycling
De ploeg die zaterdag het zwaarst getroffen leek, stond zondag twee keer op het podium. Tudor Pro Cycling verloor kopman Stefan Küng én Rick Pluimers door valpartijen in de Omloop en begon Kuurne met slechts vijf renners, vanwege een dubbele DNS. Daar was in koers niets van te merken. De uitkomst aan de meet in Kuurne? Luca Mozzato tweede, Matteo Trentin derde, die net z’n wiel voor Matevz Govekar van Bahrain Victorious zette.
De Italiaan Trentin, met zijn 36 jaar de een na oudste in koers, verstoorde in de finale de sprinttreinen van de concurrentie. Mozzato overleefde de schifting op de Mont Saint Laurent en in de waaiers om vervolgens het beste van zichzelf te geven in de sprint. Met vijf man een dubbel podium rijden in Kuurne, na zo’n tik de dag ervoor. Dat verdient een vermelding
Revelaties en uitschieters
Tim van Dijke
Nog steeds wrijf ik in mijn ogen als ik naar de beelden van de Omloop kijk. Is dat echt Tim van Dijke die de sprong uit het groepje maakt richting Vermeersch en Van Der Poel? Ja, hij is het echt. De 25-jarige tweelingbroer van Mick van Dijke laat zien dat hij over machtige benen beschikt dit openingsweekend. Want de dag erna, met de zware editie van de Omloop in de benen, domineert hij het wedstrijdbeeld, samen met z’n broer en z’n ploeggenoten. Het resultaat? Voor Tim een 13e plaats in Kuurne. Ploeggenoot Meeus moet genoegen nemen met plek 10, waar hij vast op meer had gehoopt. Maar de kracht van de ‘Van Dijke brothers’ is indrukwekkend!
Tobias Lund Andresen
Met zijn 23 lentes zou hij in vroeger tijden wellicht net een bidon mogen halen. Maar de Deen Lund Andresen liet in het openingsweekend zien dat hij sterk uit de winter is gekomen. Twee maal top 10 en als de sprinttrein in Kuurne niet was ontspoord, had er meer in gezeten. Bij Picnic PostNL liet hij bij vlagen al wat van zijn talent zien, maar dit keer pakte hij echt door en met een beetje geluk had er dus meer in gezeten.
De verliezers
Jasper Philipsen
Jasper Philipsen (Alpecin-Premier Tech), titelverdediger in Kuurne en topfavoriet voor elke sprint dit weekend, eindigde zondag buiten de top tien in de sprint semi-klassieker. De grote rivalen Jonathan Milan en Paul Magnier waren al gelost op de hellingen, de weg lag open, en toch: geen resultaat.
Wellicht had Philipsen te veel met z’n krachten gesmeten, want in de heuvelzones reed hij steevast op bij de eerste tien en forceerde op sommige momenten de koers. Als sprinter moet je dat ergens bekopen. Toen de sprint kwam, zat hij eerst te ver van achter bij de laatste bocht en uiteindelijk was de tank leeg. Was het overmoed, een tactische misrekening of simpelweg een mindere dag? Het antwoord zal de komende weken moeten blijken, maar voor de snelste man van het peloton was dit niet het verwachtte resultaat.
Jonathan Milan
Wat voor Philipsen geldt, gaat ook op voor Jonathan Milan (Lidl-Trek) kwam de UAE Tour uit met meerdere ritzeges en vijf sterren achter zijn naam voor Kuurne. De Italiaan gold als dé man om te kloppen als het op een sprint aankwam. Maar de sprint kwam nooit voor hem. Op de eerste beklimmingen van de koers reed hij nog prominent op rij één. Het bleek meer bluf dan goede benen.
Op de Mont Saint Laurent brak het elastiek definitief toen het tempo omhoog ging. Milan verloor het wiel, en de waaiers die volgden in de laatste 35 kilometer maakten terugkeren onmogelijk. Hij finishte in een groep op minuten van winnaar Brennan. Schrale troost: het groepje waar hij in zat bevatte ook Bini Girmay en Dylan Groenewegen, die allen met potlood waren opgeschreven voor de sprint. Ook Tom Crabbe, die verrassend zijn eerste seizoenszege greep enkele weken terug in Frankrijk, reed met Groenewegen en Milan over de finish.
Pechvogels
Tim Wellens
Het zag er niet fraai uit op TV. Een hele nare schuiver in de Belgische driekleur. Wellens ging daarna door de sloot een weiland in en liep in pijn, frustratie en wat al niet meer als een half verdwaasde rond. Wat later bleek: sleutelbeenbreuk en een streep over het voorjaar van de Belgisch kampioen. Plus een dikke streep door de rekening voor een van de belangrijke adjudanten van Pogacar.
Stefan Küng
Het is niet te hopen dat Wellens in hetzelfde ziekenhuis ligt als Stefan Küng. Met zijn dijbeenbreuk was hij op zaterdag al pechvogel nummer 1. De val hebben we niet gezien, maar het resultaat kregen we rap mee. Einde voorjaar voor de sterke Zwitser. Als ze toch bij elkaar op de kamer liggen, kunnen ze misschien nog wat grappen tappen met elkaar. Maar het zal wel eerder galgenhumor worden, dan oprecht plezier. Voor Küng wacht ook een langere revalidatie.
Rick Pluimers
Over de onfortuinlijke Pluimers en zijn val op de Molenberg is veel geschreven. Hij lijkt er zelf het minst erg vanaf te zijn gekomen. De tanden zijn weer gefixt, de schaafwonden en wellicht de klap moet nog verwerkt worden. Maar met de resultaten van de ploeg in Kuurne zal dat herstel vast vlotter gaan dan gedacht. Plus: de tandarts waar hij was zal ‘m commissie geven voor alle nieuwe klandizie.
Koersmaker: Florian Vermeersch
Florian Vermeersch, 26 jaar en rijdend in zijn tweede seizoen bij UAE, won niet. Maar hij maakte wel koers. Op de Molenberg was hij degene die aanviel, een demarrage die de schifting forceerde en Van der Poel dwong om te reageren. Op de Muur reed hij nog op kop toen de wereldkampioen vertrok, en ondanks wat mechanische problemen op de steilste stroken hield hij stand voor het podium.
Van der Poel zelf verwoordde het achteraf bondig: “Ik ken Florian al lang. Hij rijdt altijd om te winnen. Dit podium is verdiend na de koers die hij maakte.” Na zijn winst in het WK Gravel is dit weer een mooi resultaat voor de Gentenaar.
Samen uit, samen thuis
In een gesprek met Bas Tietema ging het over ploegen die in z’n geheel finishten. Wat ons opviel vorig jaar, zeker in Roubaix, was dat de Rockets vaak met veel renners de finish halen, crashes daargelaten. Het zegt iets over een ploeg, over de spirit, over de vorm. Wie opviel dit weekend? Soudal Quick-Step, in het voorseizoen nog onder vuur vanwege de lange reeks zonder overwinning, reed als collectief heel sterk in beide koersen. Ook Uno-X mobility kwam beide koersen netjes met z’n allen over de meet. En voor wie dat ook gold? Juist ja, RedBull-Bora-hansgrohe.
Meeste uitvallers
Wellicht is dit niet het meest leuke deel, maar toch: welke ploeg kwam met de minste pionnen nog over de meet? Die twijfelachtige eer ging naar het Spaanse Burgos-BH Purpellet. met in beide koersen maar 3 finishers, maakte de Spaanse formatie bepaald geen smaakmakers. In de omloop finishte geen van de renners in de top 100. In Kuurne was een 62e plaats de beste klassering.
Hoewel in totaal minder uitvallers, waren er bij Picnic-PostNL ook maar twee renners in Ninove. John Degenkolb en Julius van den Berg waren de nummers 117 en 107. Ai.
En nu?
De eerste slag is geslagen. Het eerste bedrijf voorbij. Wat dit zegt? Eigenlijk niks. Maar er waren toch wel wat ploegen die liever anders voor de dag waren gekomen. Of individuele renners die liever langer mee vooraan hadden gezeten. Gelukkig is er nog tijd om bij te schaven. Het seizoen is nog lang, Parijs is nog ver.
Wie vond jij er het meest uitspringen?