Foto Luca Bettini/SprintCyclingAgency©2026
Caruso’s laatste kunstje in 2026: bewust genieten
Na zeventien jaar in het peloton bevestigt de 38-jarige Italiaan dat 2026 zijn laatste seizoen wordt. Zijn diagnose van het profwielrennen is even helder als oncomfortabel.
December 2025. Damiano Caruso meldt zich voor de laatste keer op het winterkamp van Bahrain Victorious in Altea. De 38-jarige Italiaan, geboren op 12 oktober 1987 in Ragusa, bevestigt dat het seizoen 2026 zijn laatste als profrenner zal zijn. Zeventien jaar na zijn debuut bij LPR Brakes–Farnese Vini trekt hij de deur achter zich dicht, maar niet zonder de sport die hem vormde te ontleden met de nuchterheid van iemand die twee tijdperken heeft doorleefd.
Zijn oordeel over de evolutie van het profbestaan is in één zin samen te vatten: “Tien jaar geleden was het 70 procent werk en 30 procent plezier. Nu is het 100 procent werk.” En dat past niet helemaal meer bij de Italiaan.
Van knecht tot wegkapitein
Wie Caruso’s carrière overziet, ziet een renner die pas laat begreep wat er in hem zat. Tussen 2009 en 2017 reed hij als betrouwbare luitenant voor kopmannen als Ivan Basso, Vincenzo Nibali en Richie Porte, eerst bij Liquigas-Cannondale, later bij BMC Racing. Solide, beschikbaar, zelden in de schijnwerpers. Naar eigen zeggen bleef hij te lang in zijn comfortzone.
De omslag kwam na zijn dertigste. In 2019 stapte hij over naar het ‘project Bahrein’ en groeide hij geleidelijk uit tot meer dan een knecht. Het hoogtepunt volgde in de Giro d’Italia van 2021: een etappezege op de voorlaatste dag en een tweede plaats in het eindklassement, achter Egan Bernal. Op dat moment was Caruso al 33. Een goede Italiaanse wijn, die beter wordt met de jaren. Zo zou je het kunnen noemen.
Zijn late bloei geeft hem een uniek perspectief op de hedendaagse koers; hij kent het verschil tussen het wielrennen waarin jonge renners tijd kregen om te rijpen en een sport waarin neoprofs onmiddellijk als leiders worden opgesteld. “Jongeren kregen vroeger meer tijd om te groeien,” zei hij. Over de huidige generatie is hij mild maar scherp: “Als die puppies vallen, worden ze ziek. Ze zijn fragiel.”
100 procent werk
Caruso’s kritiek richt zich niet op de conditie of het talent van de jongere garde, maar op de cultuur eromheen. Het profbestaan duldt volgens hem geen onbewaakte momenten meer. Over de druk van een klassementsstrijd zei hij tegen bici.PRO: “Een klassement is een commitment. Het is niet alleen de wedstrijd zelf. Het is de hele context, je moet altijd gefocust blijven, je kunt nooit loslaten. Je moet op duizend dingen letten.”
Dat is precies waarom hij in de aankomende Giro, zijn laatste als beroepsrenner, niet aan het algemeen klassement denkt. In 2025 werd hij nog vijfde. Die prestatie, op zijn 37ste, verraste hemzelf. Samen met een etappezege in de Vuelta a Burgos vanuit de vlucht, vormde het de aanleiding om zijn contract met één jaar te verlengen. Technisch directeur Vladimir Miholjevič noemde de beslissing “de makkelijkste om te nemen” voor het team.
Maar een seizoen van verwondering wil Caruso niet herhalen. Hij wil bewust genieten van zijn laatste seizoen.
Laatste kruimels
Voor 2026 heeft Caruso zijn ambities helder afgebakend. Het hoofddoel is een etappezege in de Giro d’Italia. “Ik wil mezelf dit laatste cadeau geven,” zei hij. “En als het in de Giro kan, zou dat de kers op de taart zijn.” Daarnaast zal een aanzienlijk deel van zijn seizoen in dienst staan van Antonio Tiberi, die zich opmaakt voor zijn debuut in de Tour de France. Over de 24-jarige kopman van Bahrain Victorious was Caruso duidelijk: “Antonio wordt binnenkort 25, dus er zijn geen excuses meer. Hij zal moeten beslissen wat voor renner hij wil zijn. Als team hebben we veel in hem geïnvesteerd. Nu is het aan hem.”
Binnen het team is dat mentorschap van groot belang. Bahrain Victorious boekte in 2025 slechts acht overwinningen, waarvan de helft op naam van Lenny Martinez. Caruso’s vijfde plek in de Giro was een van de weinige zwaarwegende resultaten. Zijn waarde als wegkapitein, als iemand die een peloton kan lezen en een kopman door de finale kan loodsen, weegt voor de ploeg zwaarder dan cijfers alleen suggereren.
Ook de Italiaanse bond blijft op hem rekenen. Bondscoach Amadio liet hem weten: “Luister Damiano, het kan me niet schelen hoe oud je bent. Wat mij uitmaakt is dat als je zegt dat je erbij bent, je altijd op onze lijst staat.”
Voor zijn laatste voorjaar vroeg Caruso bewust om een voller wedstrijdprogramma. Minder hoogtestages, meer koersdagen, om “van elke laatste kruimel te genieten.” De Volta a la Comunitat Valenciana opent het seizoen, gevolgd door de UAE Tour, een voorjaarsklassieker als Milaan-Sanremo en de Giro als eindbestemming.
Het is een schema dat past bij een renner die zeventien jaar lang anderen de finale in loodste, en nu zelf nog één keer de aankomst wil zien. Niet als knecht, niet als klassementsrenner, maar als iemand die precies weet wat die ene dag kost in een sport die geen procent plezier meer vergeet te plannen.