Foto Sirotti

Koers!

Milan-Sanremo 2026: Poggio-beelden voeden oud debat over motoren in het peloton

Vijf koersmotoren voor Pogačar en Pidcock, nul voor de achtervolgers. Een video van een toeschouwer, gefilmd op de Poggio legt een terugkerend probleem bloot op belangrijke momenten. Met name in de Italiaanse koers, maar we hebben natuurlijk ook genoeg andere voorbeelden gezien van bijzonder motorwerk.

Zaterdag, op de Poggio. Een toeschouwer filmt de bijzondere prestatie van Pogacar. Onbewust filmt deze (naar wij aannemen, man) ook iets geks. Vijf koersmotoren rijden in lijn voor Tadej Pogačar en Tom Pidcock, de twee overgebleven koplopers. Mathieu van der Poel en de achtervolgende groep, met daarin Wout van Aert, heeft leeg asfalt voor zich. Wij zeggen verder weinig….

Dat er altijd wel iets voordeel is, dat zal vast, maar als je het zo ziet, dan was het voor Mathieu en de achtervolgers uberhaupt niet meer mogelijk om terug te keren. Vijf (!) motoren. Dat is geen voordeel, dat is alsof je met een windscherm ervoor rijdt.

Pidcock voelt “een motor voor me”

Wat ook opvallend was: Pidcock had ook het gevoel een motor voor zich te hebben. Maar hij refereerde aan de man van UAE Team Emirates. “On the Poggio, it felt like there was a motor in front of me,” zegt hij bij Eurosport. Hij voegt eraan toe: “That won’t be the case next year. Tadej said he’s not coming back to this race.” Hoewel hij hier refereerde aan Pogacar en niet aan de motoren zelf, laten de beelden zien dat het allebei was.

Wat de wetenschap zegt

Het voordeel van een motor is duidelijk. Prof. Bert Blocken, professor Mechanical Engineering aan Heriot-Watt University, onderzocht de luchtweerstandsreductie die een fietser ervaart achter een koersmotor. De resultaten, gepubliceerd door Velo, zijn concreet: op 10 meter afstand daalt de luchtweerstand met 23%. Op 2,5 meter loopt dat op tot 48%. Vertaald naar tijdwinst bij een snelheid van 54 km/u betekent dat 5,4 seconden per kilometer op 10 meter, 12,7 seconden per kilometer op 2,5 meter.

Zelfs op 30 meter blijft een reductie van 12% meetbaar, goed voor 2,6 seconden per kilometer. Het voordeel verdampt pas ver buiten het zicht van de camera.

Blockens team pleit voor een gedefinieerde bufferzone rondom renners waarin motoren niet mogen komen.

Wie hier de beelden ziet, snapt dat er wel discussie kan ontstaan.

De koers achter de controverse

Pogačar viel kort voor de Cipressa, dacht dat zijn koers voorbij was, en keerde dankzij het werk van ploeggenoten Florian Vermeersch en Felix Großschartner terug in de eerste groep. Op de Poggio plaatste hij de versnelling die Mathieu van der Poel voor het eerst in vier edities niet kon beantwoorden. Pidcock kon wél volgen, wat een tweegevecht opleverde tot op de Via Roma.

“When I crashed, I thought it was all over,” zei Pogačar na afloop. “Luckily I was quickly back on the bike and there was not too much damage to me or the bike.” De sportieve feiten — een val, comeback en sprint — raken verweven met de discussie over de motoren doordat de marge aan de meet minder dan een wielbreedte was.

Van RCS Sport en de UCI is vooralsnog geen reactie bekend op de beelden.

De Poggio is 3,7 kilometer lang en beslecht al decennia de Primavera. Verschillen zijn er zelden groot. Nu zeggen we zeker niet dat Van Der Poel Pogacar zomaar geklopt had, maar als je dit ziet, dan is het een bijzonder voordeel voor Pogacar en Pidcock ten opzichte van de rest.

Het blijft altijd weer een ding. In de Tour had Pogacar ooit last van motoren, die te dicht voor ‘m reden toen hij een beslissende demarrage wilde plaatsen op Vingegaard. Ook nu claimde Mauro Giannetti dat Pogi last had van de motoren. Last lijkt een groot woord, maar wie zijn wij.

 

Bekijk ook van HetisKoers!

Milan-Sanremo 2026: Poggio-beelden voeden oud debat over motoren in het peloton

Koers!

Nairo Quintana kondigt afscheid aan: Vuelta a España wordt zijn laatste profkoers

Koers!