Foto Tour du Rwanda
Studio Kigali: Moritz Kretschy eindwinnaar in de heuvels van Rwanda
In het laatste deel van Studio Kigali: Duitse knecht Moritz Kretschy wint de Tour du Rwanda 2026. Hij draagt de overwinning en de bijbehorende gele trui op aan zijn overleden opa en verlaat zo Rwanda met een bijzonder en onverwacht resultaat.
Een groep van dertig renners rolt over de kasseien van Kimihurura, de klim die over een half jaar het WK-parcours moet scherpstellen. De zon bakt op het asfalt van het Kigali City Circuit. Moritz Kretschy rijdt ingesloten door zijn ploeggenoten van NSN Development Team, onzichtbaar bijna, precies waar hij wil zijn. Aan de finish bij het Kigali Convention Centre zal Henok Mulubrhan, de Astana renner die nu onderdeel is van het Eritrese nationale team de sprintzege grijpen. De 23-jarige Duitser die eigenlijk als knecht naar Rwanda vloog, vertrekt als eindwinnaar.
Geel
Al vanaf etappe 4, van Karongi naar Rubavu was Kretschy de sterkste. Hij had een dag eerder al 150 kilometer kopwerk verricht voor ploeggenoot Itamar Einhorn, die twee ritzeges zou pakken. Maar op de weg naar het Kivumeer bleek de knecht sterker dan gedacht. Hij nam het geel over en zou het niet meer afstaan.
“Het is moeilijk te geloven, eerlijk gezegd,” zei Kretschy na de slotetappe. “Ik kwam naar deze koers als helper voor mijn ploeggenoten, maar uiteindelijk eindig ik in het geel. Ik weet niet goed wat ik moet zeggen.”
Vier etappes lang controleerde NSN Development Team de koers met chirurgische precisie. Sportdirecteur Lahav Davidzon wees na afloop naar Finlay Tarling als stille architect van die controle: de Brit reed op kop alsof hij twee man tegelijk was. Het tempo dat hij dicteerde op de hellingen liet weinig ruimte voor aanvallen.
De cijfers
Kretschy finishte na 997,8 kilometer in een totaaltijd van 23:08:48, goed voor een voorsprong van 2 minuten en 8 seconden op landgenoot Johannes Adamietz (Rembe | Rad-net). De Belg Duarte Marivoet van Lotto – Groupe Wanty completeerde het podium op 2:32. Amaniel Desta van Team Amani werd vierde en beste Afrikaanse renner.
Het totaalplaatje van NSN was indrukwekkend: het eindklassement, drie ritzeges (twee voor Einhorn, één voor Pau Martí) en een ploeg die van start tot finish de koers naar haar hand zette. “We waren de sterkste ploeg en uiteindelijk was dit een teamprestatie,” zei Kretschy.
Mulubrhan onderstreept Afrikaans succes
De slotetappe over het 83,8 kilometer lange stadscircuit leverde het enige Afrikaanse dagresultaat op. Henok Mulubrhan, in het dagelijks leven WorldTour-renner bij XDS Astana maar hier actief voor Eritrea, won de sprint bergop na een aanloop van Mauro Cuylits. “Ik wachtte op deze overwinning,” zei Mulubrhan. “Deze week voelde ik me niet goed omdat ik maar geen ritzege pakte. Vanmorgen was ik echt gemotiveerd.”

Hij pakte ook het puntenklassement. Ploeggenoten Even Yemane en Yafiet Mulugeta finishten vlak achter hem op de vierde en vijfde plek in de rit, een demonstratie van Eritrese sprintkracht op de flanken van Kigali.
Voor Rwanda zelf eindigde Samuel Niyonkuru als zestiende in het eindklassement, de beste lokale renner. Eric Muhoza bewees zich in de slotrit met een zevende plek in de sprint.
Opgedragen aan opa
Kretschy is de zestiende eindwinnaar van de Tour du Rwanda en pas de derde Europeaan sinds de koers de UCI 2.1-status kreeg. Hij volgt Fabien Doubey (2025) en Joseph Blackmore (2024) op, beiden renners die de koers gebruikten als springplank. Maar voor de Duitser zelf weegt iets anders zwaarder dan palmares.
“Dit geel is voor mijn opa,” zei hij. “Hij is vorig jaar overleden, dus dit betekent veel voor me. Ik wil ook mijn ouders bedanken, mijn vriendin, iedereen die me al die jaren heeft gesteund.”
Hij gaf toe dat het allemaal nog niet zo was ingedaald. “Ik denk dat ik wat tijd nodig heb om het te beseffen. Misschien vanavond, als we allemaal samen zijn, laat ik wat emoties zien.”
Moritz Kretschy vertrekt met een tijd, een gat, een gele trui voor een man die hem niet meer kan zien dragen, en de woorden die hij als laatste sprak voor de camera: “Ik hoop dat dit niet het einde is.”