Koersverhalen

Olympisch kampioen wil ruilen: van goud op het ijs naar sprint tegen Pogačar

Twee dagen geleden, op 14 februari krijgt Jordan Stolz, 21-jarige sprintschaatser uit Kewaskum, Wisconsin, zijn tweede gouden medaille van de Winterspelen om zijn nek  gehangen in Milaan. In de mixed zone praat hij vervolgens niet over een derde plak, maar over de Stelvio, de Teide en de droom om ooit tegen de besten van het peloton te sprinten. In interviews met o.a. NBC, afgenomen na zijn overwinning op de 500 meter, bevestigt Stolz ondubbelzinnig: hij wil profwielrenner worden. “Ik hoop ooit profrenner te worden,” zei hij. “Er is nog veel werk te doen.” De Amerikaan pakte eerder die week al goud op de 1000 meter met een olympisch record van 1:06,28. Twee titels, twee afstanden, en in de mixed zone praat hij over wielrennen.

Naast hem op het podium staat tweemaal Jenning de Boo, de boomlange (1.95m), 22-jarige krachtpatser uit Groningen. Die liet zich zeker niet onbetuigd en met een getest piekvermogen van 2400 (!) watt kreeg hij al een informele uitnodiging van de Nederlandse baanselectie. Gaan we straks sprinten in de Tour met De Boo vs Stolz?

Of gaan we straks Vingegaard vs Pogacar op het ijs zien? Dat zou ook wat zijn!

 

Schaatsen en wielrennen – gouden combi

Voor wie een beetje ingewijd is in Neerlands volkssport schaatsen, weet dat er veel schaatsers zijn die in de zomer ook op de fiets trainen. In de podcast ‘Join the Ride’ sprak ik met voormalig Olympisch Kampioen Jochem Uytdehaage, die nu nog steeds fietst (en soms nog schaatst).

Hij vertelde over de vele uren op de fiets. Aan Olympisch Kampioen en topschaatser Sven Kramer is waarschijnlijk een succesvolle fiets carrière verloren gegaan.  En zo zijn er zeker meer voorbeelden te noemen.

Er zijn nog wel treffender voorbeelden: De Canadese Clara Hughes bijvoorbeeld. Zij won in het Wielrennen twee keer brons op de Olympische Spelen van 1996. Daarvoor was ze al schaatster, maar nog niet zo succesvol als op de fiets in 1996. Maar na Atlanta 1996 ging ze weer het ijs op en in Turin 2006 pakte ze wederom goud, maar nu op de ijzers.

Martina Sablikova deed het ook niet onverdienstelijk op twee wielen. Zij werd 9e op de WK tijdrijden, maar oogstte toch de meeste lof (en medailles) op de schaats. WK’s, Olympische medailles, het ijs was het terrein van Sablikova.

De meest bijzondere prestatie komt toch uit het DDR tijdperk. In 1988 was daar Christa Luding. Toen de Zomer- en Winterspelen nog in hetzelfde jaar gehouden werden, pakte zij dubbel eremetaal goud als schaatster in Calgary en zilver als renster in Seoul. Oh en dat was bovenop een gouden medaille op de fiets in LA 1984.

Het is dus niet heel gek dat Stolz (en De Boo) een beetje flirten met de mooiste sport die er is.

De schaduw van Heiden

Eric Heiden, de vijfvoudig olympisch kampioen van Lake Placid 1980, maakte na zijn schaatscarrière de overstap naar het profpeloton. Velen weten waarschijnlijk niet dat Eric Heiden onderdeel was van de beroemde 7-Eleven formatie, de Giro van 1985 finishte en de Tour de France van 1986 reed. Dat hij ‘en passant’ ook Amerikaans kampioen werd in 1985, zal niemand verbazen. Tussen Heiden en Stolz zijn wel meer overeenkomsten.

Stolz fietst al sinds zijn twaalfde structureel en gebruikte de fiets jarenlang als motor achter zijn schaatsprestaties. Zijn trainingsregime bestaat uit: ritten van 6,5 uur, dagen met 4.000 hoogtemeters in Park City, en trainingskampen in Livigno en op Tenerife, waar hij de Stelvio en de Teide beklom. Hij reed bovendien de Snake Alley Criterium in Iowa, een steil criterium in de Verenigde Staten.

Zone 2 versus de sprint

Stolz spreekt over de kloof tussen hemzelf en de WorldTour. Over Tadej Pogačar zei hij: “Zijn wattages in zone 2 haal ik bij lange na niet, maar als we tegen elkaar zouden sprinten is het een heel ander verhaal.” Hij grijnsde toen hij zijn voorkeur uitsprak: “Ik zie Pogačar liever winnen dan Vingegaard. Zijn manier van koersen is prachtig, hij valt altijd aan.”

De explosiviteit die hem op de 500 en 1000 meter olympisch kampioen maakte, zou in theorie te vertalen zijn naar massasprints of een korte tijdrit. Maar een lichaam dat getraind is op inspanningen van ongeveer één minuut moet wennen aan zes uur koers in het peloton. Wie weet staat er nu al een profteam klaar om hem in te lijven, al is het maar voor de media aandacht.

Voorlopig rijdt Stolz nog de rest van het olympisch programma in Milaan. De 1500 meter en de mass start staan nog op zijn kalender. Wat betreft de mass-start is dat hetgeen wat het dichtsbij sprinten in een peloton komt. Maar van een echte ploegentactiek kun je niet spreken, omdat de teams zo klein zijn. Misschien dat Stolz een keer de marathon kan uitproberen? Jillert Anema zal ‘m graag de kneepjes van het vak leren.

Terug dan naar sprinten. En naar Jenning de Boo. Van hem doen al een tijdje de resultaten van een fietstest de ronde, waarbij hij een piekvermogen van 2400 watt aantikte. Dat dit niet on opgemerkt is gebleven, bleek wel toen hij een appje ontving van Daan Kool (sprinter in de NL-baanselectie, red.)  “Moet jij niet een keertje met ons meetrainen?” viel er te lezen.

Dus wie weet. Misschien zien we in de komende jaren nog een keer een tweestrijd tussen De Boo en Stolz maar dan op de baan of op de weg.

Wij kijken er al naar uit.

Lees ook van HetisKoers!

Nieuw jaar, nieuwe kansen? Deze transfers brachten nu al resultaat!

Koersverhalen

Olympisch kampioen wil ruilen: van goud op het ijs naar sprint tegen Pogačar

Koersverhalen