Koersverhalen

Strade Bianche 2026: Vier Lessen uit Pogačar’s Vierde Zege en de Opkomst van Seixas

Tadej Pogačar rijdt voor de vierde keer Strade Bianche op zijn naam, sneller dan ooit. Maar achter de solo schuilt meer dan dominantie alleen: een tiener die indruk maakt, en een ploeg die elke coalitie verstikt.

Het stof hangt nog boven de witte wegen rond Siena als Tadej Pogačar op 7 maart 2026 in zijn eentje over de Piazza del Campo rijdt, zijn armen wijd, de regenboogtrui besmeurd met Toscaans grind. Het is zijn vierde zege in Strade Bianche, zijn derde op rij, en een record dat Fabian Cancellara nu definitief moet afstaan. De wereldkampioen van UAE Team Emirates – XRG reed circa 78 kilometer solo en finishte met een gemiddelde snelheid van 42,7 km/u, een koersrecord. Nummer twee, de 19-jarige Paul Seixas van Decathlon CMA CGM Team, kwam op een minuut binnen.

Vier observaties na een middag die tegelijk vertrouwd en verontrustend was.

1. Pogačar is nog beter dan vorig jaar

Het verhaal van een solo van 78 kilometer klinkt als een herhaling van 2024, toen Pogačar in dezelfde koers 81 kilometer alleen vooruit reed. De cijfers vertellen een ander verhaal. Volgens teammanager Mauro Gianetti en data gedeeld via Velon trapte Pogačar een gemiddeld vermogen van 380 watt tijdens zijn solo, tegenover 340 watt in de edities van 2024 en 2025.

“Tadej is sterker dan ooit, hij blijft zich verbeteren”, zei Gianetti na de finish. “Elke renner verbetert zich jaar na jaar, dat moet wel, anders raken ze uiteindelijk achterop. Gelukkig blijft Tadej ons verrassen.”

De koersrecordsnelheid van 42,7 km/u past in dat beeld. Waar zijn soloafstand fluctueert per editie, van 50 kilometer in 2022 tot 19 kilometer vorig jaar, is het vermogen waarop hij die afstanden rijdt structureel gestegen. Op zijn 27ste vindt Pogačar nog steeds ruimte om zijn aerobe plafond op te schuiven.

2. Paul Seixas dwong Pogacar tot het uiterste

Op de moeilijke sector van Monte Sante Marie, waar ploegmaats Florian Vermeersch en Jan Christen het peloton al hadden uitgedund, versnelde Pogačar zoals verwacht. Wat niemand had verwacht: Seixas, 19 jaar, debutant in Strade Bianche, bleef als enige lang in zijn buurt.

Pogačar keek om. Hij zag de Fransman. En hij moest nóg een keer versnellen.

“I looked back at one point after the first steep section and he was not that far behind,” zei Pogačar achteraf. “So I said ‘OK’ and realised that I need to really leave it all out there and try to snap the gap.”

De wereldkampioen noemde Seixas na de koers “a big machine” en “impressive”. Pas na die tweede, volgens getuigen venijnige versnelling sloeg Pogačar het gat dat hij nodig had. Seixas werd teruggeslokt door een achtervolgende groep met Tom Pidcock (Pinarello Q36.5) en Matteo Jorgenson (Visma – Lease a Bike), reed daar vervolgens weg met Isaac del Toro (UAE Team Emirates – XRG), en klopte de Mexicaan op de Via Santa Caterina, waar de weg zestien procent omhoog loopt, voor de tweede plek.

Seixas dwong Pogačar op het steilste stuk van de koers tot het uiterste en werd vervolgens alsnog tweede.

3. UAE verstikt elke coalitie

De brede verwachting voor 2026 is dat rivalen zich tactisch tegen Pogačar zullen organiseren. Eén ploeg kan hem niet aan; dus moeten er coalities (of in de termen van Ducrot, kongsi’s, ontstaan. Strade Bianche liet zien waarom dat voorlopig theorie blijft.

UAE plaatste drie renners in de top zes: Pogačar (eerste), Del Toro (derde), Christen (zesde). Dat is geen toeval. Toen de achtervolging zich na Monte Sante Marie probeerde te formeren, zaten Del Toro en Christen in diezelfde groep. Ze namen uiteraard geen kopbeurten over. Jorgenson en Pidcock konden niet efficiënt jagen zolang er UAE-truien in het wiel zaten.

Pidcock had bovendien pech: twee keer sprong zijn ketting eraf op het cruciale grindsector. Na afloop sprak de Brit van diepe frustratie.

Het probleem voor de rest is tweeledig. Pogačar is individueel onaanspreekbaar, en zijn ploeg maakt collectief reageren bijna onmogelijk. Zelfs als Visma, Pinarello Q36.5 en Groupama-FDJ een pact zouden sluiten, is één UAE-renner in de achtervolging genoeg om de rotatie te saboteren. Wout van Aert finishte als tiende op 3’46”, Romain Grégoire (Groupama-FDJ United) als vierde op 2’04”.

4. Compleet aan de finish

Het moet gezegd worden. Het is niet alleen maar aan jezelf om compleet aan de finish te verschijnen. Een valpartij zit in een klein hoekje, maar ook botte pech, net achter de wagen en je ben volledig uit koers. Zeker in een wedstrijd als Strade Bianche, waar de onverharde wegen voor genoeg problemen zorgen. Het is opvallend om te zien hoeveel teams NIET volledig aan de finish verschijnen. Sterker nog, sommige teams komen met minder dan de helft van de zeven renners aan. Toch zijn er drie teams, die en speciale vermelding verdienen. WorldTour ploegen Visma-Lease-a-Bike en Decathlon CGM-CMA waren allemaal binnen de top-100 binnen. Wie maakte de lijst compleet? Ja, weer die verdomde Unibet Rose Rockets. Vorig jaar in Parijs-Roubaix was het al opgevallen: zij kwamen volledig aan. Tijdens het openingsweekend spraken we er al over met Bas Tietema. Het is een dingetje. De Rockets hameren er niet per se op, maar het is echt wel bijzonder voor een ProTour team.

Vooruitkijken: Sanremo en Roubaix

Pogačar’s seizoensdoelen liggen bij de Monumenten die hij nog niet won: Milano-Sanremo en Parijs-Roubaix. UAE mist voor Sanremo wel Jhonatan Narváez en Tim Wellens door blessures; Del Toro krijgt daar een grotere rol, met name op de Cipressa.

Siena heeft geen vonnis opgeleverd over het voorjaar. Wel een opdracht. Wie Pogačar wil verslaan in 2026, moet niet alleen sterker worden, maar ook een antwoord vinden op een ploeg die elke achtervolging van binnenuit ontmantelt. Tot die oplossing er is, rijdt de wereldkampioen alleen vooruit.

Bekijk ook van HetisKoers!

Tirreno-Adriatico: Ganna breekt snelheidsrecord in Lido di Camaiore, Arensman bezorgt Ineos droomstart

Koersverhalen

Strade Bianche 2026: Vier Lessen uit Pogačar’s Vierde Zege en de Opkomst van Seixas

Koersverhalen