Foto A.S.O./Danial Hakim
Recensie: Cavendish ging voor het onmogelijke
Cavendish was er gewoon altijd. Waar andere sprinters je verbaasden met optredens als keizer, of als blonde god alle vrouwen deed zuchten, was hij er gewoon altijd. Steeds één touretappe meer. Maar dat kwam natuurlijk niet zomaar. In zijn nieuwe autobiografie beschrijft hij zijn laatste jaren. Zijn weg naar nummer vijfendertig.
Een autobiografie gaat vaak over een heel rennersleven, maar ‘Geloof in het onmogelijke’ beschrijft de jaren 2021-2024. Zijn eerdere boek , met meer over het eiland Man en de meeste overwinningen, heette ‘Op snelheid” (2013). Toen ging het allemaal nog makkelijk. Met sterke ploegen als HTC-Colombia won hij zelfs Milaan-Sanremo in 2009.
Cavendish is een liefhebber. Wie wel eens de special van Wilfred de Jong heeft gezien over die Milaan-Sanremo weet dat. Een bebrilde Cavendish verteld dan met liefde over de Cipressa. Ook in dit boek merk je de liefde voor de stadjes in Toscane waar hij een huis heeft en de bergen van Colombia.
Het boek begint in 2021. Cavendish wint in Carcassonne zijn 34ste etappe overwinning. Voor hem zelf was dat lang het doel. Het onaantastbaar geachte record van Merckx. Hij krijgt zelfs de kans om het te breken in Parijs. Maar dat lukt niet. En dan begint de twijfel.
We volgen Cav vervolgens in zijn strijd met ploegbazen, (met name de strijd met en trucjes van ‘PatLef’) valpartijen en verwachtingen. Hij wordt Brits kampioen, maar niet geselecteerd. Hij krijgt geen goed aanbod voor 2023 en kiest dus maar voor Astana. Daar raakt hij tot zijn verbazing bevriend met de Kazakken. Zo raar is die ploeg toch ook weer niet. Hij leert vodka drinken (en dat dit alleen voor mannen is).
De Tour van 2023 lijkt een kans, maar hij valt. Zou hij dan toch stoppen? Volgens het boek zijn het zijn kinderen die hem overtuigen. En dus – spoiler alert – gaat hij nogmaals op voor de Tour. Deze begint in zijn geliefde Toscane. Hij moet snel de bergen. Maar dan, de dag na een vroege Galibier slaat hij toe.
Tijdens het lezen van het boek beleef je de sprints van binnenuit. Ook een aantal mislukte wordt in detail beschreven. Het is dan ook heerlijk om bij het lezen af en en toe naar youtube te schakelen naar de relevante sprint. Zie Cav winnen, maar ook Philipsen en Girmay.
Cav is natuurlijk geen groot schrijver, maar dat is ook niet zo erg. Hij schrijft zoals hij ook zijn interviews deed, en dat brengt je een beetje dichter in het hoofd van de sprinter en zijn positiespel. Na het lezen van dit boek begrijp je de volgende Milaan-San Remo weer net iets beter.
Zoals bij elke biografie worden de rauwe randjes vermeden. Dat Cav lange tijd de bad boy van het peloton is, daar gaat het niet over. Je leest vooral over de mentor rol die hij op zich neemt met jonge renners.
De Biografie getiteld ‘Geloof in het onmogelijke’ is hier te koop.