Hij vloog over de Dolomieten en verdween net zo snel uit de uitslagen van de Giro
Een verhaal over een renner wiens gloriedagen in het eerste decennium van deze eeuw liggen is haast ondoenlijk zonder de termen EPO en/of Cera te gebruiken. Ze weglaten zou de werkelijkheid immers geweld aan doen. De afgelopen week gold dat al voor Danilo Di Luca en Bernhard Kohl en bij Emanuele Sella is het van hetzelfde laken een pak. De smaakmaker en bergkoning van de Giro van 2008 kan maar kort genieten van zijn liefst drie ritzeges en de veroverde groene trui, die hem, als beste klimmer van de ronde, aanvankelijk wordt omgehangen. Een maand of twee. Langer niet. Op 5 augustus, 65 dagen nadat de Giro van dat jaar Milaan heeft bereikt, maakt de Italiaanse wielerbond bekend dat de renner van CSF Group-Navigare positief heeft getest op Cera na een onaangekondigde controle buiten competitie. Sella ontkent in alle mogelijke toonaarden, alsof hij het stembereik van operazanger Luciano Pavarotti probeert te evenaren. De Italiaan is niet de eerste renner die de ronde van zijn thuisland in 2008 reed op verboden middelen. Een maand eerder was Riccardo Riccò ook al betrapt op Cera-gebruik in de Giro. Saillant detail: uitgerekend Sella reageert op die bekendmaking met de woorden ‘nederlaag voor de sport’. Het blijkt met terugwerkende kracht een vlucht naar voren. De drie bergetappes die de renner uit Vicenza, nabij Venetië, heeft gewonnen kan hij inleveren. Net als zijn groene trui van het bergklassement.
Het sterke rijden van Sella doet, wanneer de Giro nog in volle gang is, niet onmiddellijk alarmbellen rinkelen. Het groene en verder vooral als een goedkope reclamefolder van een kiloknaller ogende tenue van het bescheiden CSF Group-Navigare, waarvoor Sella uitkomt, is veelvuldig in voorste gelederen te bewonderen. De continentale ploeg heeft in de vorm van Domenico Pozzovivo, die negende wordt in het eindklassement, en Fortunato Baliani, de nummer twaalf in Milaan, naast Sella nog twee klassementsijzers in het vuur. Die is zelf in eerdere edities van de Giro al eens respectievelijk als twaalfde (2004), tiende (2005) en elfde (2007) gefinisht. Bovendien had Sella bij zijn debuut, in de ronde van 2004, meteen een rit op zijn naam geschreven, namens de kleine Ceramica Panaria-ploeg. In de elfde etappe, een heuvelachtige overgangsrit naar Cesena, de geboorteplaats van de betreurde Marco Pantani, was hij op vijftig kilometer van de aankomst weggereden uit een omvangrijke kopgroep. Op de Passo delle Siepi toonde Sella zich niet alleen de sterkste klimmer van het voorste gezelschap, in het volgende koersuur blijkt de dan nog maar 23 jaar jonge Italiaan ook een uitstekende solo uit zijn benen te kunnen schudden. Tot de verrassing van velen houdt de Italiaan stand en schrijft de grootste overwinning uit zijn loopbaan op zijn erelijst bij.
Vier jaar later speelt de etappe die finisht in Cesena opnieuw een sleutelrol. Ditmaal is Sella er niet de beste. Integendeel. In de elfde Girorit van 2008 wordt hij slechts negentigste. De latere bergkoning komt niet alleen achttien en een halve minuut na ritwinnaar Alessandro Bertolini over de meet, hij verliest een slordig kwartier op Alberto Contador, Gilberto Simoni, Paolo Savoldelli en de andere klassementsfavorieten. In de algemene rangschikking maakt Sella die dag een vrije val en kukelt pardoes van de zeventiende stek naar de 44ste. Drie dagen later zal de renner van CSF Group-Navigare toelichten dat het tijdverlies gepland was. Zijn riante achterstand biedt Sella een vrijgeleide om in de bergetappes die volgen zijn goddelijke gang te gaan. De Dolomieten-ritten naar eerst Alpe di Pampeago en een dag later de Passo di Fedaia hebben de Italiaan en zijn ploegleiding al ruim voor de Giro in kapitalen opgeschreven in hun ‘plan de campagne’. Sella moet beide dagen proberen mee te zitten in de vroege vlucht, onderweg volop bergpunten verzamelen en op de slotklim zijn overgebleven rivalen zien kwijt te raken. Het leest weg als een simpel zinnetje en de manier waarop Sella het strijdplan uitvoert doet het ook in de praktijk eenvoudig lijken. Uitgepierd, maar blij komt de Italiaan twee opeenvolgende dagen als eerste over de finish op een Dolomietenreus. Het dwingt hem bovendien een belofte in te lossen, want kort voor de Girostart heeft Sella zijn vriendin Laura beloofd met haar te trouwen als hij erin slaagt een dagsucces te boeken. Bijna voltooit hij zelfs een loepzuivere hattrick door drie dagen op rij te winnen, maar in de zestiende etappe, een 13,8 kilometer lange klimtijdrit op de flanken van de Kronplatz – of zoals de Italianen zeggen, Plan des Corones – is Franco Pellizotti niet meer dan zes luttele seconden sneller. Die derde ritzege zal Sella vijf dagen later alsnog laten bijschrijven. In Tirano zet hij ook de laatste bergetappe van de ronde van 2008 op zijn naam. De groene trui, die de beste klimmer van de ronde toekomt, zit dan al lang en breed stevig om zijn schouders en ondanks dat de renner van CSF Group-Navigare geen seconde bezig is geweest met zijn positie in het algemeen klassement, is hij dankzij zijn ijzersterke optredens in de bergen opgerukt naar de zesde plaats. Stond Sella na zijn forse tijdverlies in Cesena nog bijna een kwartier achter de uiteindelijke winnaar Contador, op de slotdag in Milaan is dat nog maar vier en een halve minuut. Sella is de absolute revelatie van de ronde. Iets meer dan twee maanden kan hij van die status genieten. Dan wordt het dinsdag 5 augustus en maakt de Italiaanse wielerbond de uitslag van een onaangekondigde dopingcontrole, twee weken eerder gehouden, wereldkundig. Het communiqué is als een vlijmscherpe naald, waarmee de zeepbel die het buitengewoon sterke Giro-optreden blijkt te zijn geweest, genadeloos wordt doorgeprikt. Alle drie de ritzeges van de Italiaan, de groene bergtrui en de zesde stek in het eindklassement; ze worden stuk voor stuk geschrapt, alsof ze nooit zijn gebeurd. Er is op dat moment één schrale troost voor Emanuele Sella. Zijn huwelijk met Laura is een week na de Giro al voltrokken.