Wielercultuur

Frans Maassen en de vergeten Britse klassieker van 1989

Het idee dat in de tweede helft van de jaren ’80 aan het brein van Alan Rushton ontspruit bevat de nodige weeffoutjes, maar een gebrek aan ambitie valt de geboren Ier niet te verwijten. Samen met twee kompanen, de Brit Michael Bennett en de eveneens uit Ierland afkomstige Pat McQuaid – inderdaad, de latere voorzitter van de UCI – heeft de zakelijke ingestelde oud-renner zich enkele jaren eerder op het organiseren van wielerwedstrijden gestort, om vervolgens de uitzendrechten voor een fraai bedrag te verkopen aan televisiestations. Sport For Television heet hun bedrijf dan ook. De vlag dekt de lading. Het trio stampt, naast talloze criteriums aan de overkant van de Noordzee, onder meer heuse ronden van Engeland en Ierland uit de grond en levert in het najaar van 1988 een plan in bij de UCI voor een eendagskoers op Brits grondgebied. Als het aan Rushton ligt gaat de wedstrijd die hij in gedachten heeft direct deel uitmaken van de Coupe du Monde, het wereldbekercircuit, waartoe naast de vijf monumentale klassiekers ook onder meer de Amstel Gold Race, de Clásica San Sebastián en het Kampioenschap van Zürich behoren. De UCI is in het kader van mondialisering eind jaren ’80 naarstig op zoek naar koersen in minder traditionele wielerlanden, zoals de Verenigde Staten, Canada en Groot-Brittannië. Het voorstel dat Rushton indient wordt dan ook met groot enthousiasme verwelkomd door de bobo’s van de internationale wielerbond, op een manier die doet denken aan een stel kinderen dat een ijscoman begroet wanneer die op een snikhete dag de straat komt inrijden.

Op dinsdag 22 november 1988 ontvangt Sport For Television het heugelijke nieuws dat Rushtons idee, de zogeheten Summer Classic, een week na de Tour het begin mag inluiden van de najaarscampagne van de Coupe du Monde. De naam blijkt uiteindelijk slechts een werktitel. Met het binnenhalen van de Wincanton Group, een logistieke dienstverlener, als hoofdgeldschieter is de geboorte van de Wincanton Classic een feit. Het sponsorschap is niet het enige voordeel waar een nadeel aan kleeft – veel mensen denken door de naam ten onrechte dat de wedstrijd in het plaatsje Wincanton in Zuidwest-Engeland wordt verreden, in plaats van in Newcastle upon Tyne, pal onder de Schotse grens in het noordoosten van Engeland – ook de plek op de wedstrijdkalender is minder gunstig dan verwacht. De directie van Sport For Television had gedacht een week na de Tour handig mee te liften op de populariteit van het grootste wielerevenement ter wereld, maar ziet even over het hoofd dat veel vedetten niet bepaald staan te springen om slechts zeven dagen na de Franse uitputtingsslag naar Groot-Brittannië af te reizen voor een koers van 236,5 kilometer, zonder enige status of historie. Veel liever pakken zij de broodnodige rust om zich voor te bereiden op het WK, een maand later, of maken ze hun Toursuccessen te gelde in criteriums. Tot grote teleurstelling van Rushton wagen niet meer dan 127 renners de oversteek naar het Verenigd Koninkrijk om op zondag 30 juli 1989 de eerste klassieker op Angelsaksische bodem aan te vangen. Sean Kelly, Maurizio Fondriest, Moreno Argentin, Adrie van der Poel, Phil Anderson en Frans Maassen zijn op papier de meest aansprekende namen en natuurlijk is ook de leider in het wereldbekerklassement en tevens Maassens ploeggenoot bij Superconfex, Edwig Van Hooydonck, in Newcastle van de partij. Om de Coupe du Monde nog wat aantrekkelijker te maken voor het peloton heeft de FICP een premiesysteem bedacht, waarbij niet na iedere wedstrijd een geldbedrag aan de klassementsleider wordt uitgekeerd, maar aan het einde van elke maand. Kassa voor Van Hooydonck, die in de maanden mei en juni, waarin de wereldbeker stil ligt, toch krijgt uitbetaald zonder een trap te hoeven doen. Het is slechts één van de vreemde kronkels in de Coupe du Monde-reglementen. Een nog absurdere is dat naarmate het wereldbekerseizoen vordert er per wedstrijd meer punten te verdienen zijn. Dat levert de lachwekkende situatie op dat de winnaar van de Wincanton Classic meer scoort dan die van Milaan-Sanremo, de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix of Luik-Bastenaken-Luik. Het is een gekunstelde manier om de spanning gaandeweg te vergroten, maar in de praktijk wekt het puntensysteem vooral onbegrip op en hoongelach aan het adres van de UCI. Het zal niemand verbazen dat die vreemde gedachtegang na een jaar al wordt teruggedraaid.

Voor chauvinistisch ingestelde Britten valt er niet veel aan te moedigen in de eerste Wincanton Classic. Met Robert Millar en Sean Yates staan er niet meer dan twee landgenoten aan het vertrek. De meeste Britse profs zijn ondergebracht bij kleine, semiprofessionele ploegen, die op basis van hun prestaties niet in aanmerking komen voor een plaats in het startveld. Speciaal voor hen stampt Sport For Television in allerijl een tijdrit uit de grond, die een dag voor de Wincanton Classic verreden wordt. Op die manier worden de renners uit het organiserende land niet helemaal genegeerd, al krijgen ze in geen enkel opzicht de aandacht die Rushton vooraf had gehoopt. Dat geldt een etmaal later ook voor de profs. Rushton heeft weliswaar met Channel Four afgesproken dat de wedstrijd op televisie wordt uitgezonden, maar de zender vertoont pas in de avonduren een samenvatting. De organisatie weet haar naam Sport For Television dus geheel niet waar te maken, want ook in andere landen is de Wincanton Classic niet live te zien. Pas een paar uur nadat Maassen als winnaar over de finish op de verraderlijk oplopende Grey Street is gekomen, kan de NOS de Nederlandse kijker een uiterst kort wedstrijdverslag aanbieden. Te zien is nog net hoe Maassen in de slotkilometers slim wegspringt uit de voorste gelederen en na een korte solo Fondriest, Kelly en de andere favorieten het nakijken geeft. Met beide handen in de lucht komt de regerend Nederlands kampioen over de finish, enkele seconden later gevolgd door de groep geklopten van wie Kelly de leiderstrui van de Coupe du Monde overneemt van Maasssens ploeggenoot Van Hooydonck. Die kan op de Engelse wegen geen potten breken en zal de wereldbekerzege aan het einde van het seizoen aan Kelly moeten laten. Dankzij zijn overwinning in de allereerste editie van de Wincanton Classic strijkt Maassen een mooie prijs op als bonus. Tenminste, het lijkt zo fraai. Er blijkt echter een flinke adder onder het gras te zitten. Een gloednieuwe Ford Escort Cabriolet met een waarde van, omgerekend naar de Nederlandse valuta van die tijd, 40.000 gulden is een leuk extraatje, maar het zal de Limburger nog flink wat moeite kosten zijn prijs daadwerkelijk om te zetten in een geldbedrag. De auto is namelijk gemaakt voor de Britse markt. Doordat het stuur rechts zit kan Maassen ‘m aan deze kant van de Noordzee pas na heel veel pijn en moeite verkopen.

Foto Sirotti

Bekijk ook van Vincent de Lijser

Frans Maassen en de vergeten Britse klassieker van 1989

Wielercultuur

De jarige Peter Sagan en de vloek van de regenboogtrui

Waarom deze mythe niet klopt

Wielercultuur