Foto Faema ploegkaart
De jarige Martin Van Den Bossche en de monstertijdrit van Eddy Merckx
Uit niet minder dan 525 overwinningen kiezen welke precies de mooiste of de meest heroïsche is geweest, is een haast ondoenlijke opgave. Toch zal menigeen, niet in de laatste plaats de hoofdrolspeler zelf, bijna onmiddellijk de zeventiende etappe uit de Tour van 1969 noemen. Eerst maar even kort samenvatten hoe die gedenkwaardige rit en de aanloop ernaartoe voor de buitenwereld precies verloopt.
Debuut
Het is het langverwachte debuut in 1969 in de Franse ronde van Eddy Merckx. Na al wereldkampioen te zijn geweest, vier van de vijf monumentale klassiekers te hebben gewonnen en een jaar eerder in de Giro de beste te zijn geweest, reist Merckx in de laatste zomer van de ‘swinging sixties’ eindelijk voor het eerst af naar Frankrijk om de Tour te rijden. De Belgische veelvraat is getergd. Een paar weken eerder was hij hard op weg zijn Girozege te prolongeren. Merckx had al vier ritten gewonnen en droeg de roze leiderstrui stevig om de schouders toen voor de start van de zeventiende etappe een denkbeeldige bom ontplofte. De Belg bleek een dag eerder bij de dopingcontrole een positieve plas te hebben ingeleverd en werd subiet uit koers genomen door de wedstrijdleiding. Merckx was des duivels en beweert, tot op de dag van vandaag, onschuldig te zijn. Er zou geknoeid zijn met de testresultaten om hem een oor aan te naaien en een Italiaan, Felice Gimondi, de eindzege te bezorgen.
Revanche
Vandaar dat Merckx gebrand is op revanche, als hij op 28 juni in Roubaix voor het eerst in zijn leven aan de start van een Touretappe staat. De Kannibaal legt al snel het gehele peloton zijn wil op. Omringd door een bijna volledig Vlaams knechtengilde rijdt de voor het Italiaanse Faema uitkomende renner alles en iedereen de vernieling in. Op de ochtend van de koninginnenrit, de 214 kilometer lange zeventiende etappe van Luchon naar Mourenx over de Peyresourde, Aspin, Tourmalet en Aubisque, bedraagt zijn voorsprong op nummer twee Roger Pingeon al meer dan acht minuten. Dat aantal zal die dag bijna verdubbelen. Merckx tovert een monstersolo uit zijn hoge hoed. Niet dat dat vooraf de bedoeling is, maar De Kannibaal is opnieuw getergd. Ditmaal door een van zijn Faema-ploeggenoten. Martin Van Den Bossche speelt een hoofdrol in de etappe en vormt, onbedoeld, de directe aanleiding voor de dadendrang van zijn kopman, zal Merckx later toelichten.
Aangekondigd vertrek
Een avond eerder, enkele uren nadat een relatief eenvoudigere Pyreneeënetappe tussen Castelnaudary en Luchon is gefinisht, had Van Den Bossche in het rennershotel van de Faema-ploeg het woord gevraagd. Enigszins aarzelend had de knecht van Merckx zijn vertrek bij zijn Italiaanse werkgever aangekondigd. Hij was van plan toe te happen op een bod van een concurrerende ploeg, eveneens afkomstig uit ‘de laars van Europa’. Bij Molteni zou Van Den Bossche niet alleen beter gaan verdienen. Bovendien zou hij daar de kans krijgen als kopman te worden uitgespeeld in grote koersen. Die wens is niet gek. De uit Hingene, bij Antwerpen, afkomstige renner was in 1966 al eens tiende geworden in de Tour en had tweemaal top 5 gereden in Luik-Bastenaken-Luik en een keer in de Ronde van Lombardije. Dat die prestaties in de toekomst buitengewoon lastig te evenaren zullen zijn met de steeds sterker wordende Merckx in de ploeg, is Van Den Bossche kristalhelder. Wil hij zijn eigen erelijst uitbreiden, dan zal hij onder het juk van zijn kopman vandaan moeten kruipen en een overstap maken. De mededeling maakt Merckx des duivels.
Timing
Later zal de Kannibaal uitleggen dat het niet zozeer de aankondiging van zijn ploeggenoot op zich was, die hem tegen de borst stuitte, maar met name de timing. Moest Van Den Bossche nu precies terwijl de Tour in volle gang was, aan de vooravond van de meest gevreesde etappe, zijn naderende vertrek met zijn ploeg delen? Nee, vond Merckx. Vandaar dat hij de volgende dag op de flanken van de Tourmalet zijn ploeggenoot de premie voor degene die als eerste de top van de Pyreneeëncol bereikte, door de neus boort. Nadat Van Den Bossche kilometers lang het tempo had gedicteerd, met Merckx in zijn wiel, besloot de kopman in de het laatste hellende meters langszij te komen. Meteen na de top slaat hij een gat. Ideaal om ongehinderd de afdaling in te zetten en ondanks dat het nog 140 kilometer tot Mourenx is, besluit Merckx zijn solo door te zetten. In zijn uppie over de Col d’Aubisque, ondertussen zijn voorsprong steeds verder uitbreidend. Met liefst zeven minuten voorsprong komt hij moe maar voldaan over de finish. Een van de meest heroïsche prestaties ooit in wedstrijdverband op een racefiets is een feit.
De waarheid?
Natuurlijk heeft een verhaal altijd meerdere kanten, toch zeker minimaal twee, en uiteindelijk hangt de waarheid ergens in het midden. Van Den Bossche heeft dan ook een volstrekt andere lezing van hetgeen gebeurde. Volgens de knecht zei hij die bewuste avond in Luchon helemaal niets. Hij had weliswaar een aanbieding van Molteni op zak, maar was in ruil voor een forse salarisverhoging bij Faema nog altijd bereid zijn werkgever en kopman trouw te blijven. Bovendien werd daar pas na de ronde over gesproken, is zijn verhaal. Merckx kan, als dat tenminste klopt, de mededeling helemaal niet als brandstof voor zijn solo hebben gebruikt. Desondanks loopt het al snel stuk tussen Van Den Bossche en Faema. Het steekt de renner dat ploegleider Guillaume ‘Lomme’ Driessens nog tijdens de Tour bezig is met het aantrekken van versterkingen voor het volgende seizoen, tegen een salaris dat het twee- of zelfs drievoudige is van het loon dat de knecht maandelijks op zijn rekening krijgt bijgeschreven. Verhoging zit er voor Van Den Bossche blijkbaar niet in en dus verkast hij naar Molteni. Het blijkt een uitstekende zet. De Belg gaat niet alleen het viervoudige verdienen bij zijn nieuwe ploeg. Als hij derde wordt in de Giro, er het bergklassement wint en enkele weken later als vierde eindigt in de Tour, wachten hem riante bonussen. Desondanks kan Van Den Bossche niet lang van zijn status als kopman genieten. Een jaar later stappen ook Merckx en diens entourage over naar Molteni. Er is te veel oud zeer, waardoor de gewezen knecht door zijn kopman uit de selectie voor de belangrijkste koersen wordt gehouden. Tussen de twee komt het nooit meer helemaal goed, ook al raken ze na hun loopbaan wel weer ‘on speaking terms’. Gelukkig maar. Zonder Martin Van Den Bossche was de heroïsche zeventiende Touretappe in 1969, met de befaamde monstersolo van Eddy Merckx, misschien wel heel anders verlopen.
Foto Equipe Faema
Foto Door Giuseppe Pino (Mondadori Publishers) - http://www.gettyimages.co.uk/detail/news-photo/portrait-of-the-belgian-racing-cyclist-eddy-merckx-during-news-photo/158745244, Publiek domein, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=41808956
Foto Faema ploegkaart