Wielercultuur

Hoe de vandaag (30 augustus) jarige Danny Clark met zijn stem het publiek inpalmde

Voor een kort moment is Krijn Torringa stil. De normaal zo spraakzame en gevatte radio-diskjockey weet even niet hoe hij moet reageren. Niet dat hij nooit vreemde verzoeken heeft gekregen vanuit het publiek tijdens zijn vele draaiklussen en schnabbels in het land – een huwelijksaanzoek of een feestganger die een serenade voor zijn of haar geliefde wil zingen is bijna wekelijkse kost – maar dat iemand die zelf behoort tot het hoofdprogramma van de avond vraagt of hij in de pauze niet even een paar liedjes met de band mag meezingen, is nieuw voor Torringa.

Even aarzelt de deejay, maar dan stemt hij toe. De man, die zo even nog in sneltreinvaart zijn rondjes aflegde op de tijdelijke wielerbaan in de Eurohal in Maastricht, kent hij verder niet. Laat staan dat hij durft te zeggen of het iemand is met een enigszins acceptabel gevoel voor maat, ritme en toonsoorten. Torringa laat zich niet uit het veld slaan en gaat akkoord. Onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat de band in kwestie, de Tornado’s heten ze, zelf ook instemt met het toch tamelijk ongebruikelijke verzoek.

Nog geen uur later staat Torringa met kippenvel op zijn beide armen en zichtbaar onder de indruk te luisteren naar de bijzondere, geïmproviseerde samenwerking tussen de Tornado’s en een Australische renner die, behalve over een stel turbodijen, tot de grote verrassing van alle aanwezigen in de Eurohal, ook blijkt te beschikken over een gouden strot. Wat begint als een pauzeact wordt een paar maanden later een stuk serieuzer, als er een heuse 7 inch-single in de platenzaken ligt.

Dankzij de bemiddeling van Torringa, die onmiddellijk geld ziet in de zangkunsten van de renner en hem in contact brengt met zijn netwerk in de muziekindustrie. Met hoorbare trots kondigt de deejay het plaatje zelf aan in zijn radioshow op Hilversum 3. ‘Hier is My End And My Beginning van Danny Clark & The Ruud Hermans Band’, schalt het op een AVRO-maandag door de ether, waarna de single van de zingende Zesdaagsekoning wordt ingestart.

Diep in zijn hart was Danny Clark liever artiest geworden dan wielrenner. De uit Tasmanië, een eiland zo’n 250 kilometer onder het zuidelijkste puntje van Australië, afkomstige baanspecialist heeft meer bewondering voor Bruce Springsteen dan voor Eddy Merckx of Raymond Poulidor. Toch loopt zijn levenspad anders. Clark ontbeert de middelen en de knowhow om een carrière als zanger op te starten. Het blijft bij het vertolken van countryliedjes, zijn favoriete genre, op feesten en partijen van vrienden en bekenden.

Op de fiets is hij succesvoller. Al heeft Clark wel de oversteek naar de andere kant van de wereld moeten maken. In zijn thuisland Australië heeft hij weliswaar wat bescheiden prijzen bij elkaar gereden, zowel op de baan als op de weg, er is ‘down under’ nauwelijks droog brood te verdienen met een bestaan als coureur. Vandaar dat Clark, in gezelschap van zijn vrouw, de stoute schoenen had aangetrokken en in Gent was neergestreken om vanuit Vlaanderen een poging te wagen een profcarrière uit de grond te stampen. Iets dat niet bepaald zonder slag of stoot was gegaan.

Wegploegen moeten bar weinig hebben van een Australiër. Dat gegeven dwingt Clark zijn heil te zoeken op de baan. Het is een plek die hem kort voor zijn oversteek naar België al veel succes heeft gebracht. Op de Olympische Spelen van 1972 in München pakt Clark het zilver op de kilometertijdrit. Dankzij die prestatie krijgt hij datzelfde jaar de kans zijn eerste Zesdaagse in Europa te rijden. In het Duitse Frankfurt wordt hij op het allerlaatste moment opgetrommeld om een collega, die ten langen laatste verstek heeft moeten laten gaan, te vervangen. Niet dat het debuut in een succes uitmondt. Clarks kompaan Alain Van Lancker moet al na drie van de zes dagen opgeven, waardoor de Australiër zelf ook automatisch uit koers verdwijnt.

Ondanks dat teleurstellende begin zal Clark in de jaren die volgen uitgroeien tot de onbetwiste koning van het Zesdaagse-circuit. Aan de zijde van met name zijn vaste maatje Don Allan, maar somtijds ook de Nederlandse baanspecialist René Pijnen, begint de Australiër de overwinningen aaneen te rijgen alsof het malse kipsateetjes aan een spies zijn. Ondertussen spreekt hij ook tijdens de wereldkampioenschappen op de baan zijn woordje mee.

Met name op de keirin toont Clark zich een ware klasbak, die uiteindelijk meerdere mondiale titels in de wacht zal slepen. Zijn groeiende status, gekoppeld aan de heimelijke ambitie vele malen liever een publiek te vermaken als zanger dan als renner, maakt dat Clark op een decemberavond in 1979, de Zesdaagse van Maastricht in de Eurohal is net haar eerste dag ingegaan, besluit de stoute schoenen aan te trekken en af te stappen op de man die gedurende de pauzes het entertainmentprogramma verzorgt. Krijn Torringa dus.

Die is stomverbaasd als Clark, nog zichtbaar bezweet en vermoeid van de zojuist geleverde inspanning op de fiets, hem vraagt of hij niet eens een paar nummers mee kan zingen met de Tornado’s, de band die, op momenten dat de deejay geen plaatjes draait, de muzikale omlijsting van de avond verzorgt. Nog geen uur later staat de renner zingend op het middenterrein. Niet alleen het publiek in Maastricht wordt op de, volgens Torringa en vele anderen buitengewoon hoge, zangkwaliteiten van Clark getrakteerd. Ook tijdens de Zesdaagse van Rotterdam treedt de Australiër tussen het fietsen door op met het vaste huisorkest, de Bobby Setter Band.

Het resulteert er in dat Clark in het najaar van 1980 in de Wisseloordstudio’s in Hilversum een singletje mag komen opnemen. Vergezeld door The Ruud Hermans Band – de naamgever van het gezelschap was in de jaren ‘70 zanger van de countrygroep The Tumbleweeds (hitsingle: Somewhere Between), presenteerde jaren later talloze radioprogramma’s op Radio 2 en zou uiteindelijk, 2019 is het dan, zelfs nog The Voice Senior winnen – mag hij een nummer inzingen. ‘My End And My Beginning’, luidt de titel.

Helaas doet het singletje, afgezien van het beetje airplay dat initiator Krijn Torringa in zijn AVRO-radioprogramma’s geeft, niet bepaald veel. Een doorbraak als zanger zit er niet in voor Clark. Het blijft bij sporadische optredens als pauzeact bij Zesdaagsen, waarin hij zelf jarenlang een absolute uitblinker is. Maar liefst 74 stuks weet hij er in totaal te winnen. Al zijn er heimelijke momenten in het leven van Danny Clark dat hij ze dolgraag allemaal zou willen inleveren voor die ene Top 40-hit.

Bekijk ook van Vincent de Lijser

Hoe de vandaag (30 augustus) jarige Danny Clark met zijn stem het publiek inpalmde

Wielercultuur

Toen de vandaag (29 augustus) jarige Frank Hoste zijn woord brak

Wielercultuur