Wielercultuur

Timo Roosen verrast op de Col du VAM en wordt Nederlands kampioen

In coronatijd biedt de Col du VAM, zoals de Drentse VAM-berg met een goed bedoelde mengeling van ironie en een lichtelijk gevoel voor grootheidswaan ook wel gekscherend wordt genoemd, uitkomst om het Nederlands kampioenschap toch zoveel mogelijk als gepland te laten doorgaan. Als Covid-19 in de eerste maanden van 2020 de wereld en daarmee ook de mondiale wielerkalender in het slot gooit en aanvankelijk de sleutel op een onvindbare plaats lijkt te verstoppen, is het afgesloten circuit op steenworp afstand van Wijster de meest geschikte plaats om, zodra er weer mag worden gefietst in wedstrijdverband, het NK alsnog doorgang te laten vinden. Sterker, het geïmproviseerde parcours van liefst 25 rondjes over de in een venijnige heuvel getransformeerde vuilnisbelt valt zodanig in de smaak bij renners en volgers dat een jaar later voor dezelfde opzet gekozen wordt. Staat er in 2020 nog geen maat op Mathieu van der Poel, die met groot machtsvertoon de Nederlandse driekleur voor zich opeist in Drenthe, een jaar later is de uittredend kampioen verre van in grootse vorm. Zijn tegenvallende optreden zet de deur open naar een nationale titel voor een verrassende outsider, die op de Col du VAM de grootste zege uit zijn loopbaan boekt en daardoor twaalf maanden lang in het roodwitblauw mag koersen. Zijn naam? Timo Roosen.

Als in het najaar van 2019 nog helemaal niemand van Covid-19 heeft gehoord, besluit de KNWU het nationaal kampioenschap van het volgende wielerseizoen toe te kennen aan Drenthe. Op dat moment is het nog de bedoeling dat er, zoals altijd, in de tweede helft van juni om de Nederlandse titel zal worden gestreden. Het peloton, de vrouwen vanzelfsprekend op zaterdag en de mannen een etmaal later, zal een lange aanloop door de ‘leegste’ provincie van Nederland – in Drenthe wonen van de twaalf Nederlandse provincies de minste mensen per vierkante kilometer – nemen, om vervolgens in de finale twee plaatselijke rondes op de VAM-berg af te leggen. De finishklim, tegen een gemiddeld stijgingspercentage van bijna 10%, met een dekselse uitschieter van liefst 15%, moet bepalen welke renner zich een jaar lang in de Nederlandse kampioenstrui mag hullen. De pandemie dwingt de wedstrijdleiding echter tot een aanpassing, die de titelstrijd een ware uitputtingsslag zal maken. Door Covid-19 mag de titelstrijd niet door publiek worden bezocht en zijn uitsluitend bevoegden welkom op en rond het parcours. Vandaar dat het NK, wanneer het twee maanden later dan aanvankelijk gepland alsnog doorgang vindt, op een door de autoriteiten te overzien rondje van niet meer dan zeven kilometer plaatsvindt. Om aan een fatsoenlijke afstand te komen dienen de renners de omloop zodoende liefst 25 keer te rijden. En dus moeten ze precies even zo vaak de venijnige Col du VAM bedwingen. Het zorgt dat het NK-parcours door de steil op- en aflopende wegen en het aantal rondjes doet denken aan een achtbaan, die het peloton voor enkele uren in haar macht houdt.

Dat de KNWU een jaar later voor dezelfde opzet kiest, heeft niet alleen te maken met de uitkomst van de titelstrijd in 2020. De grote ‘Mathieu van der Poel-show’ was voor elke wielerfan, die noodgedwongen thuis op bank voor de televisie het spektakel moest gadeslaan, in plaats van langs de Drentse wegen de aanstaande kampioen te kunnen komen aanmoedigen, een prachtig koersverloop geweest. Bovendien gelden er in 2021 nog altijd coronamaatregelen. Er is weliswaar weer publiek welkom op de VAM-berg, maar niet meer dan tweeduizend toeschouwers. Zij moeten behalve vijftien euro lappen voor een kaartje, ook via het programma Testen Voor Toegang een gratis coronatest ondergaan. Door die maatregelen biedt het zeven kilometer lange Drentse lusje opnieuw uitkomst. De wereld is duidelijk weer wat meer ‘open’, als op zondag 20 juni negentig renners aan de start van het NK staan.

De tweeduizend toeschouwers zorgen voor de broodnodige sfeer en ook de provincie Drenthe en de lokale middenstand leveren een niet te onderschatten bijdrage. Zo wordt er bijvoorbeeld een speciale VAM-burger verkocht. Met een beklimming van de Col du VAM heb je precies het aantal calorieën van de plaatselijke lekkernij er weer af gereden. De wedstrijd zelf is ook een ware afvalkoers en opnieuw een buitengewoon boeiend schouwspel. Als titelverdediger Van der Poel in een vroegtijdig stadium de slag mist en niet meer in staat blijkt vooraan aan te sluiten, neemt Team Jumbo-Visma het heft in handen. Niet alleen Roosen, maar ook ploeggenoten Mike Teunissen, Dylan Groenewegen en Olav Kooij bevinden zich de gehele dag in voorste gelederen. Als bij het ingaan van de slotronde Martijn Tusveld en Sjoerd Bax zich losmaken van de overgebleven kopgroep, lijkt het heel even of de geelzwarte bijenzwerm de slag heeft gemist, maar zodra Oscar Riesebeek zich bij het leidende duo voegt, stokt het tempo en kunnen de vier reeds genoemde Jumbo-Visma-renners alsnog vooraan aansluiten. Eerst waagt Teunissen een uitvalspoging en zodra die strandt neemt Roosen het commando over. Zijn aanval slaagt wel. Achter hem doen zijn ploeggenoten geen trap te veel, terwijl Tusveld, Bax en Riesebeek hun eerder geleverde inspanning bekopen. Een jaar eerder was Roosen weliswaar al knap derde geworden achter Van der Poel en runner-up Nils Eekhoff, met een titel voor hem had niemand rekening gehouden. ‘Bizar!’ roept de nieuwe Nederlands kampioen na afloop tegen een ieder die het horen wil. Gevolgd door ‘het was een rollercoaster!’ Al zou Timo Roosen die zondag in Drenthe niet duidelijk maken of hij met die beschrijving nou de achterliggende Covid 19-periode bedoelde, het parcours op en rond de Col du VAM, het koersverloop of de uitkomst. Of misschien wel alle vier.

Bekijk ook van Vincent de Lijser

Timo Roosen verrast op de Col du VAM en wordt Nederlands kampioen

11 januari is hij jarig!

Wielercultuur

De vandaag jarige Lukas Pöstlberger en zijn onverwachte Girozege in 2017

Uitgeselecteerd. Opgeroepen. En ineens in het roze.

Wielercultuur