Foto Sirotti

Wielercultuur

Vuelta A Colombia 2005: het onrecht van de jarige Buenahora

Toen de parcoursbouwers van de Vuelta A Colombia van 2005 besloten de etappekoers af te sluiten met een veredeld criterium in Bogotá, hadden ze nooit durven denken dat het defilé het klassement nog even door elkaar zou schudden. Het zeven kilometer lange lusje, dat zestien keer moet worden afgelegd, was bedacht als Zuid-Amerikaanse tegenhanger van het rondje over de Champs-Élysées, dat jaarlijks de apotheose vormt van de Franse Tour.

Ceremoniele processie

Ondanks dat de renners telkens een klimmetje van derde categorie over moeten, in Colombia is immers bijna geen vlakke kilometer te vinden, is de slotetappe bedoeld als ceremoniële processie om de sterkste in koers, te midden van een aaneenschakeling van festiviteiten, nog wat meer in de schijnwerpers te zetten. De praktijk verloopt anders. De renner die ’s ochtends als klassementsleider zijn hotelbed uitstapt, is een aantal uren later niet de winnaar van de ronde. Sterker, hij zal de finish op de slotdag niet eens halen. Met het stoom uit zijn beide oren, vanwege het onrecht dat hem half koers wordt aangedaan en dat hem de eindzege kost, smijt Hernán Buenahora zijn fiets tegen het Colombiaanse asfalt. Verder rijden om een ereplaats is zinloos. Tenminste, in de optiek van de klassementsleider en met name van diens ploegleider. Die praat minutenlang, hangend uit het geopende raam van zijn volgauto, op zijn pupil in. Als Buenahora een gewillig oor wil vinden om wat hem geflikt is uit de doeken te doen, kan hij beter een statement maken door subiet de koers te verlaten. In plaats van tegen wil en dank verder te fietsen. De renner besluit te luisteren. Hij stapt van zijn fiets en neemt plaats op de achterbank van de ploegleidersauto. In plaats de eindzege staat er die avond DNF achter de naam Buenahora.

Bekende naam

Voor een ieder die bijna uitsluitend de grotere koersen, en dan met name die op Europees grondgebied volgt, is de naam Buenahora vermoedelijk een ‘oh-ja’-tje. De Colombiaan komt in de jaren ’90 zeven seizoenen lang uit voor het Spaanse Kelme en laat zich meermaals gelden. In de Tour de France van 1995 is de aanvalslustige Buenahora een van de smaakmakers. Hij profiteert optimaal van de mindere jaren binnen de ploeg, doordat kopman Laudelino Cubino over zijn hoogtepunt heen blijkt te zijn, jong talent Roberto Heras nog stagiair is binnen de ploeg en latere vedetten als Fernando Escartín en Santiago Botero elders rijden of nog ontdekt moeten worden door de scouts van de groenwit gekleurde armada. In het hooggebergte trekt de kleine Colombiaan dagelijks ten strijde. Zijn dadendrang weet hij net niet in dagsucces om te zetten. Hij blijft steken op een tweede, een derde en een vierde plaats in een etappe. Met een tiende stek in het eindklassement en de strijdlustprijs sluit hij de Tour echter meer dan waardig af. Drie jaar later wint Buenahora namens het eveneens Spaanse Vitalicio Seguros nog de Ronde van Catalonië en in 2000 eindigt hij de Giro als zesde. Daarna speelt de carrière van de onderhand aardig op leeftijd rakende renner zich vooral af in eigen land. Tot zijn vierenveertigste, we zitten dan in 2011, duikt hij op in allerlei koersen op het Zuid-Amerikaanse continent en dan met name in Colombia.

Zes jaar eerder

Het is dan zes jaar nadat de eindzege in de ronde door zijn thuisland hem in de laatste etappe, het 113 kilometer lange veredelde criterium in Bogotá, door de vingers glipt. Niet dat Buenahora op zijn lauweren kan rusten tijdens de zestien plaatselijke rondes, die het peloton moet afleggen. Zijn voorsprong op de nummer twee, Libardo Niño, bedraagt niet meer dan zes tellen. Die kan de voormalig Kelme-ploeggenoot van Buenahora niet alleen wegwerken door te ontsnappen. De parcoursbouwers hebben drie tussensprints in de etappe gelegd en ook aan de meet zijn er bonificaties te verdienen. Buenahora dient dus alert te zijn, maar raakt al in een eerder stadium kansloos. In de zevende lokale omloop rijdt de klassementsleider lek. Uitgerekend op de klim van derde categorie. Ondanks dat hij onmiddellijk een nieuw wiel krijgt aangereikt en ploeggenoot Édgar Fonseca de longen uit het lijf fietst om zijn kopman terug naar voren te rijden, laat Niño zijn Loteria De Boyacá-knechten vooraan vol gas geven. De achterstand van Buenahora slinkt niet. Integendeel. Die loopt steeds verder op. Eerst naar tientallen seconden, maar al snel naar een dikke minuut. Als Niño’s ploegleider José Alfonso ‘Pollo’ López de klassementsleider en diens helper tot overmaat van ramp hindert met zijn auto tijdens hun achtervolging, is de maat vol bij Buenahora. Met name zijn eigen ploegleider bij Alcaldía De Cabimas, Hernán Alemán, is des duivels. Die sommeert hem meermaals de strijd te staken en een statement te maken tegen het onrecht dat hem is aangedaan. De eindzege is immers hoe dan ook buiten bereik geraakt door alle tegenslag en het daardoor veroorzaakte tijdverlies. Zowel Buenahora als Alemán zal na afloop veelvuldig het woord ‘competitievervalsing’ – nou ja, de Spaanse vertaling dan – in de mond nemen tijdens interviews. De drager van de leiderstrui val je niet aan als die pech heeft, is hun evidente en ondubbelzinnige mening. Niño riposteert met de tekst ‘koekje van eigen deeg’. Vier dagen eerder had hij in de slotfase van een etappe immers lek gereden en werd er ook niet gewacht, zodat hij een slordige twintig seconden aan zijn broek kreeg. Zonder dat tijdverlies zou Niño de slotrit al in de leiderstrui zijn gestart en had hij mogelijk moeiteloos de eindzege opgestreken. Europese wielerliefhebbers bereikt de opmerkelijke afloop van de Vuelta A Colombia van 2005 nauwelijks. De uitkomst van het titanenduel tussen Hernán Buenahora en Libardo Niño zou de gemoederen in Colombia daarentegen nog geruime tijd bezig houden.

Foto www.nuestrociclismo.com (via Commons-Wiki)
Hernan BuenahoraFoto Sirotti

Bekijk ook van Vincent de Lijser

Vuelta A Colombia 2005: het onrecht van de jarige Buenahora

Wielercultuur

Gianni Bugno: een klassieke zege in Sanremo dankzij een klassieke componist

Italië Klassiekers