WK Montréal: vier favorieten zoeken naar antwoorden na McNulty’s solo
Van Aert en Evenepoel voelden zich vroeg niet goed. Seixas kreeg kramp, terwijl Pidcock de achtervolgers niet aan het samenwerken kreeg. Na de race zochten ze naar antwoorden op de vraag waar hun koers misliep.
Brandon McNulty won zondag het WK in Montréal met een solo van 32 kilometer. Hij stond niet per se op het favorietenlijstje, maar gezien zijn prestaties in de GP Montréal van dit jaar en vorig jaar, had dat wellicht wel gemogen. Achteraf is wat dat betreft mooi wonen. Wout van Aert, Remco Evenepoel, Paul Seixas en Tom Pidcock grepen mis. Michael Matthews en Mathieu van der Poel volgden dertien seconden na de Amerikaan als tweede en derde. Die eerste vier grepen naast eremetaal en dat zorgde voor het zoeken naar verklaringen achteraf.
Van Aert en Evenepoel komen tekort
Van Aert schoof met nog ongeveer 87 kilometer te gaan mee in een sterke groep met Van der Poel en Primož Roglič. Toen Van der Poel opnieuw versnelde, moest hij lossen. ‘Mijn benen deden al heel vroeg verschrikkelijk veel pijn’, zei Van Aert achteraf Hij hoopte nog dat zijn groep dicht genoeg bij de kop zou blijven. ‘In de laatste ronden kroop ik alleen nog maar naar de finish.’ Hij reed uiteindelijk de laatste ronde rustig uit en kwam met zijn landgenoot Van Gils binnen op ruime achterstand.
Evenepoel kwam later bij Van Aert terecht. ‘Ik vroeg hoe het met hem ging. Hij zei dat hij zich niet echt goed voelde, maar ik probeerde hem te zeggen dat hij er toch voor moest gaan’, deed Van Aert zijn relaas. Van Aert probeerde daarna het gat naar de groep voor hen kleiner te maken.
Voor Evenepoel was de slechte dag al in de eerste ronde begonnen. Een week na zijn vierde wereldtitel tijdrijden op rij wilde het in de wegrit niet lopen. ‘Het was vanaf de eerste ronde zwaar. Ik voelde dat ik geen geweldige dag had. Het is behoorlijk klote dat het vandaag gebeurde’, zei hij tegen Eurosport. Ook ploeggenoot Thibau Nys had van Evenepoel gehoord dat hij zich niet goed voelde.
Evenepoel werd meermaals gelost, kwam toch terug en finishte uiteindelijk als twaalfde, op 25 seconden van McNulty. Van Aert werd 28ste, op meer dan vijf minuten.
Seixas krijgt kramp in de finale
De Franse ploeg had met meer dan honderd kilometer te gaan het tempo al opgevoerd. In de slotfase kreeg kopman Paul Seixas kramp. De twintigjarige, eerder dit jaar vierde in zijn eerste Tour de France, kwam als vijftiende over de streep.
‘Zo in de kramp schieten is beschamend. Het is een beginnersfout, ik heb op de fiets nog nooit kramp gehad’, zei Seixas. ‘Mijn ploeggenoten hebben geweldig werk geleverd. Ze verdienen geen kopman als ik’, zei de jonge Fransman schuldbewust. Seixas vermoedde dat hij te weinig had gedronken, maar zei niet te weten waardoor de kramp precies kwam. Als hij om zich heen had gekeken, had hij gezien dat iedereen op de limiet zat.
Pidcock krijgt de achtervolgers niet mee
Pidcock had Montréal vooraf zijn beste kans tot nu toe op de wereldtitel genoemd. Hij viel vroeg in de wedstrijd en moest terug naar voren rijden. Toch had hij naar eigen zeggen goede benen. Toen McNulty in de finale wegreed, probeerde Pidcock herhaaldelijk de achtervolging op gang te brengen.
‘Die val hielp zeker niet’, zei Pidcock na afloop tegen Velo. De wind maakte het volgens hem lastig om weg te rijden. Matteo Jorgenson zat bovendien bij de achtervolgers en had als landgenoot van McNulty geen reden om het gat te dichten. Ook Isaac del Toro, McNulty’s ploeggenoot bij UAE Team Emirates XRG, reed volgens Pidcock sterk.
Op de laatste klim slonk McNulty’s voorsprong tot ongeveer tien seconden. Daarna stokte de samenwerking en liep hij weer uit. ‘Niemand wilde in die groep samenwerken’, zei Pidcock. ‘Ik denk niet dat ik ergens spijt van heb. Ik heb gedaan wat ik kon.’