Fietsinspiratie

Column: De mentale machine

Eentje nog dan? Ik ruk mezelf los uit de zetel en loop naar de automaat. Nog een laatste shot cafeïne. Tegen beter weten in. Want eigenlijk weet ik al dat deze me niet meer gaat smaken. Laat staan dat deze zwartbruine substantie nog een opwekkend effect teweegbrengt. Het zijn hoogstens nog vloeibare stokslagen. Bitter en maagzuuropwekkend. In elk geval trok het me even los van mijn zetel. Dat is nog iets van winst.

Een tikje mistroostig beweeg ik de muis heen en weer over het scherm, turend naar een document waarvan ik de woorden amper nog absorbeer. Al koester ik stilletjes nog de vergeefse hoop op iets dat nog lijkt op een briljant inzicht. Mijn blik doet suggereren dat ik dwars door het scherm heen staar, er een gat in brand. Stiekem staar ik misschien zelfs inmiddels voornamelijk naar buiten.

Een opeenstapeling van Teams-overleggen, mailconversaties, chatberichten en bila’s slurpte de batterij leeg. Het is dat beeldscherm dat ons kluistert aan een voortdurend peloton van prikkels. Schakelen, steeds maar schakelen. Eigenlijk is er maar een ding dat ik nu echt wil: weg van pop-ups, weg van die neiging om meteen op alles te moeten reageren. Weg ook van de drang steeds maar (te) dienstverlenend te willen zijn voor anderen en niet aardig genoeg voor de BV ik.

De kunst is de neiging te weerstaan maar te blijven zitten, om door te gaan in de illusie van efficiency en taakjes afvinken. Hoe drukker mijn hoofd, hoe dieper ik in mijn hoofd kruip. Peinzend, piekerend, stapelend. Er is maar één manier om me te ontworstelen aan dit gevoel: de uitgang opzoeken. De focus even op iets anders, het op kweek zetten van nieuwe ideeën en andere inzichten.

De fiets is die mentale machine, die methode om mezelf weer in het reine te trappen.

Want dat is het. Mijn recept om alles even opzij te zetten heeft twee wielen, trappers en een stuur om op te steunen. Uitermate geschikt om me even op een andere manier over materie te buigen. De fiets is die mentale machine, die methode om mezelf weer in het reine te trappen. Misschien zijn de eerste meters nog wat stroef, een tikje onwennig, maar al snel komt er een kentering. Het is het bekende Snickers-effect dat de fiets heeft. Ineens word je weer een beetje jezelf.

Terwijl ik trap trekt de mist in mijn hoofd vlaag voor vlaag op en beginnen puzzelstukjes hoe langer hoe minder complex te ogen. Het is alsof het een spelletje Tetrisblokjes wegtrappen is, maar dan een spel dat zich in mijn hoofd afspeelt. Zeker zodra ik de stad achter me gelaten heb en volop door het groen fiets. Dan voelt het kantoor onder het systeemplafond direct heel ver weg.

Als ik op stoom ben lijken de kilometers alsmaar sneller onder de wielen te verdwijnen. Net als die mentale roestigheid. Waarom heb ik zo lang getwijfeld om dit vanmiddag te doen, terwijl ik hier een immens veel beter gevoel en gemoed van krijg dan tot in den treure op die bureaustoel te blijven hangen? Misschien ook wel vanwege een soort plichtstrouw, vanwege de urenmachine, het gevoel er te moeten zijn, te presteren, te leveren.

Maar ook nu krijg ik meteen weer dat gevoel dat er in beweging zoveel meer loskomt. Het denkproces draait mee met de ketting en de radertjes, wordt door menskracht op de pedalen aangejaagd. Een hoofd dat weer lucht krijgt. Ademruimte, een plek om vanuit te creëren, oplossingen te bedenken, doordenken. Ideeën waar ik stompzinnig starend naar een knipperende cursor beslist niet op was gekomen. Met iedere kilometer schuiven de gedachten vanzelf in een logischere volgorde. Het is werk zonder te werken.

Als ik weet dat het fietsen het hoofd op orde krijgt, ordening en rust brengt, waarom twijfel ik dan soms om toch te gaan?

Wat eerder vandaag nog complex leek, wordt met elke meter wat eenvoudiger en meer behapbaar. Soms hebben dingen tijd nodig om te rijpen. De blik op oneindig zetten helpt. Net als de frisse lucht. En dan steeds toch die vraag: als ik weet dat het fietsen het hoofd op orde krijgt, ordening en rust brengt, waarom twijfel ik dan soms om toch te gaan? En waarom voelt fietsen als spijbelen en wél op kantoor blijven zitten als werken? Er is altijd wel iets dat nog moet, altijd nog een checklist die afgewerkt kan worden. De wereld staat nooit stil. En tegelijk werk je die lijstjes beter weg met een geledigde bovenkamer. Maar zelfs het thuisfront zegt het wel eens: “Wordt het niet tijd dat je weer eens gaat fietsen?”, als ze zien dat ik te veel in dat eeuwig denkende hoofd zit.

Het werpt ook meteen de vraag op wie ik ben zodra ik mijn fietshelm op het hoofd posteer en in mijn wielerkloffie op de fiets spring. Niet een onbesuisde wegpiraat, maar veel eerder een gast die mollemalend orde schept in de alledaagse mallemolen. Die het gewicht van de schouders laat glijden, de fysieke en mentale balans opzoekt. Kopwerk in een solokoers. Vrijdenkend, associatief. Met te veel nieuwe ideeën in het hoofd en te weinig tijd om ze uit te voeren. De tweewieler is mijn denkprocesmanager, een razende reflector. Om in alle opzichten even uit te razen, uit te blazen. Te werken aan een opgeruimd, lichter hoofd.

Niet dat werk onbelangrijk is. Integendeel zelfs. Plichtsgetrouw en streverig, dat blijf ik. Straverig trouwens ook, want als het niet op Strava staat dan bestaat het niet. Maar als tegenwicht aan al die uren die we zittend doorbrengen is die fiets soms de beste keuze die ik kan maken. Zittend op een zadel, ja, dat wel, maar dan wel terwijl de ideeëncentrifuge draait. Dat werkt om het monster weer even te temmen. Juist als een vol hoofd even niet mee wil werken op een schijnbaar doodgewone werkdag. Niet stationair achter het scherm, maar ergens in de vrije denkruimte van het fietspad. In de frisse lucht, in de slagschaduw van grote bomen.

Soms wachten de antwoorden, zoals een bekende songwriter het ooit zei, waaiend in de wind.

Dit artikel verscheen als eerst op het Substack-account van auteur Niels Steeghs.

Bekijk ook van Niels Steeghs

Column: De mentale machine

Het Snickers-effect van het fietspad

Fietsinspiratie

Van Zülle tot Jonker – geadopteerde Nederlanders in de Tour

Buitenlandgenoten in Frankrijk

Wielercultuur