Foto A.S.O./Charly López
3 juli in de Tourgeschiedenis: Manx Missile Cavendish breekt record Merckx
Het record van etappezeges in de Tour de France behoorde decennialang toe aan ‘de Kannibaal’. Dat in het huidige tourtijdperk een sprinter die eretitel zou afpakken, dat hadden velen van ons niet kunnen bevroeden. Dat het uiteindelijk Mark Cavendish was, in zijn ultieme Tour de France start, dat maakt het verhaal alleen maar mooier.
Saint-Vulbas. Met een beetje goede wil kun je het een voorstadje van Lyon noemen. Bij de volkstelling in 2021 telde het dorpje 1.234 inwoners. I kid you not. Ze zullen alle 1.234 op 3 juli 2024 langs de kant hebben gestaan van het Tourparcours. Niet omdat ze verwachtten onderdeel te worden van de lange tourgeschiedenis. Nee, simpelweg omdat er anders geen reet te doen is in Saint-Vulbas.
Foto A.S.O./Charly López
Foto A.S.O./Charly López
Wie het stadje opzoekt op de kaart zal dat vast en zeker onderschrijven. Afbeeldingen op ‘het internet’ laten een oud kerkje zien met op de achtergrond vier pijpen van de kerncentrale Bugey. Sfeervol, alsof het Departement ‘Nord’ zich tijdelijk naar de Ain heeft verplaatst. Volgens mij dé reden waarom een Touretappe nooit in Petten, Borssele of Doel zal finishen. Al is het alleen maar vanwege het beeld. In het bidboek van Saint-Vulbas zullen ze de kerncentrale niet genoemd hebben. Die ligt tenslotte ook in het naastgelegen Bugey. Het zwembad en het conferentie centrum zullen het bidbook wellicht gehaald hebben. Een sterrenrestaurant of een ander etablissement van naam, nee, we kunnen het niet vinden.
Alle 1.234 inwoners van Saint-Vulbas zullen wel gedacht hebben: waarom komen die gasten naar hier? We hadden het de burgemeester moeten vragen. Aan het eind van de rit (pun intended) zal een rijke zakenman (of vrouw) zich wel hard gemaakt hebben voor de komst van de Tour en de benodigde €100.000 of €200.000 op tafel hebben gelegd. Niet wetende dat dit zou leiden tot de taferelen die we zagen bij de overwinning van the ‘Manx Missile’.
En niet wetende dat Saint-Vulbas nu onderdeel is van artikelen die terugblikken op een historische 3 juli. En dat Saint-Vulbas ineens het antwoord op een wielerpubquiz vraag is geworden. Dat allemaal vanwege een tonnetje hier of daar voor promotie. Zo zie je maar.
Cavendish bijzondere prestatie
Wat je ook vindt van Mark Cavendish, dat hij dit gerealiseerd heeft is bijzonder, knap ook. Want een aantal jaar eerder leek zijn carriere ten dode opgeschreven. Hij zat letterlijk in de put, leek niet meer te kunnen winnen. Zijn biografie schrijft daar niet zo expliciet over, maar als je 3 jaar lang (van 2018 Dubai tot Turkije 2021) niets wint als topsprinter, dan moet je sterk in je schoenen staan. Zijn teller stond op 30 touroverwinningen. Het leek erop alsof hij daarmee een plafond had geraakt wat niet meer gebroken kon worden. Sinds 2016 stond die teller stil.
Menig renner was allang wat anders gaan doen .Maar niet Cavendish. Zeker na zijn serie met overwinningen in de Tour van 2021, waarmee hij met vier overwinningen in één Tour de France het record van Eddy Merckx evenaarde, was het wachten op die ene dag. In 2023 kwam hij al eens dichtbij. Wild gebarend werd hij tweede. Typisch Cav.
In 2024, hij had min of meer al besloten dat het zijn laatste jaar zou zijn, viel alles op z’n plek. De Tour ging van start in Italië, een bijzonder moment. Een eerste keer. De eerste paar etappes waren bepaald niet voor de sprinters weggelegd. Cav moest zich inhouden. Maar toen was daar 3 juli 2024.
In een etappe van Saint-Jean-de-Maurienne naar Saint-Vulbas was de sprint zoals Cav ‘m graag heeft. Vlak, rechttoe rechtaan. De D-weg was extra geplaveid. Ze hadden zelfs een rotonde vlak gemaakt, om niet eromheen te moeten. Alles was neergelegd voor een sprint der sprints. En dus was daar de kleine Brit. Ineengedoken, als een duveltje uit een doosje.
Hij schoot naar voren, hij zal niet gezien hebben dat er achter hem nog een crash (en een bunny-hop) plaats vond. Zijn lancering was er eentje met een missie.
De beelden spreken voor zich. Nummer 35. Saint-Vulbas. Of all f*cking places. Maar de Tour wacht op niemand en houdt geen rekening met dit soort zaken. En dat maakt het ook zo mooi. Dat Saint-Vulbas (of Saint-Jean-de-Maurienne) een plekje krijgen in de geschiedenis van de mooiste en grootste wielerronde.
Met dank aan Mark Cavendish. En de burgemeester.