De goeroe van een generatie rockers

Zien rijden heb ik ‘m niet. Oké, onlangs op internetfilmpjes waar hij schokschouderend en met een brede grijns een of andere col beklimt.  Maar lange tijd wist ik weinig te vertellen over de coureur die zestig jaar gelden van zich deed spreken. Toch denk ik Stan Ockers al zo’n twintig jaar te kennen. Dankzij Hugo Matthysen.

Vlaming Matthysen is schrijver, filosoof, radiomaker en nog veel meer. In zijn hoedanigheid als zanger maakte hij van Stan Ockers een mythische figuur. Voor mij althans. Ergens in 1993 kocht ik Dankuwel!, een cd van Matthysen die vol staat met grappige en vaak absurde liedjes. Matthysen dicht mooi, vind ik. Over badplaats Blankenberge bijvoorbeeld.

In het geheugen gegrift: De etappezege van de familie Merckx

Het was geen slechte gok om de zondagse rit naar Prato aan te stippen in het rondeboek. De langste – meer dan 255 km – met een paar flinke beklimmingen en een technische afdaling op ’t eind. Echt iets voor Axel. Was het een bewuste keuze van Michel Wuyts en z’n crew om Eddy Merckx (24 ritzeges in de Giro) juist voor díe etappe in te vliegen als co-commentator voor één dag? Het leverde in elk geval mooie televisie op.

VIDEOLINK: http://video.canvas.be/belga-sport-extra-axel-en-eddy-merckx

Top 5 van veldrit-WK’s

Oké, de vroegste WK’s (gehouden vanaf 1950) heb ik niet meegemaakt. Aan drama geen gebrek, waarschijnlijk. Genoeg klasbakken ook. André Dufraisse bijvoorbeeld en natuurlijk Eric de Vlaeminck. Dan is er nog zo iemand als Roland Liboton, in mijn geheugen altijd strijdend tegen Hennie Stamsnijder. Maar dé vijf WK’s komen uit een recenter crossverleden.

Raad het plaatje: de oplossing

Op de fotokaart uit 1995 rijdt Juan Llaneras Rossello in de bergen, en in ONCE-shirt. De 26-jarige Spanjaard is  vijf jaar prof en heeft enkele zeges op zijn erelijst staan, waaronder de Ronde van Mallorca en een rit in de Ruta de Sol.  Maar zijn moments of fame moeten nog komen. Op de baan. Llaneras wordt Olympisch kampioen puntenkoers in 2000 en herhaalt dat huzarenstukje acht jaar later, als hij al 39 jaar is. Tussen 1996 en 2007 behaalt hij ook nog eens zeven wereldtitels, in de punten- en de koppelkoers.

De roes van een melkboer

Proost! Gezondheid! Ditmaal met een borrel. Frans Verbeeck draait er zijn hand niet voor om. Geens genever uit – hoe kan het ook anders – Schiedam is je sponsor, dus drink je een borrel. Of doe je alsof. Alles voor het fotomoment.

Of Verbeeck (1941) een stevige innemer was (en is), valt te betwijfelen. Daar was hij te succesvol voor. Na vijftien jaar niet onverdienstelijk hardrijden op de fiets, doet de Vlaming het vanaf 1978 ook in zaken meer dan goed. Verbeeck verkoopt wielerkleding en start een eigen productielijn. Het bedrijf vernoemt hij naar zoon Marc, die er inmiddels de scepter zwaait. Vermarc dus.

Raad het plaatje: de oplossing

Het Nederlandse veldrijden zit in de lift, concludeerde Wielerrevue in december 1986 met het viertal dat dan wordt geïnterviewd. Hennie Stamsnijder (PDM), Reinier Groenendaal (Skala-Skil), Frank van Bakel (Arkel) en Martin Hendriks (amateur bij Amstel) zijn de crossers die het dat seizoen goed doen in met name de wedstrijden om de Super Prestige. Op het WK missen de Nederlanders echter net het podium. Stamsnijder en Hendriks worden allebei vierde, op resp. het prof- en het amateur-WK.

En biljarten kon-ie ook al niet

Populair? Nee, Joop Zoetemelk was een pispaaltje. In Vlaanderen welteverstaan. Waarom kwam Zoetemelk nooit op kop? Bleef hij altijd maar in dat wiel van Eddy Merckx zitten? Zoetemelk is een wieltjesplakker die van het werk van Merckx profiteerde, luidde het Belgische antwoord. Het woord wieltjesplakker (ook wel wieltjeszuiger) is zo’n beetje uitgevonden door Merckx-supporters die Joop erom uitjouwden. Grappen kwamen er natuurlijk ook.

‘Waarom ziet Zoetemelk zo bleek?
Omdat hij altijd in de schaduw van Merckx rijdt.’

De hetze beperkte zich niet tot de periode Merckx.  Toen Lucien van Impe in 1976 de Tour won, wist zanger Juul Kabas maar al te goed waarom niet Zoetemelk maar zijn landgenoot aan het langste eind trok.