Waanzin rondom tijdstippen dopingtests in de Tour: ITA verdedigt tests om 2.00 en 5.00 uur
Tadej Pogačar en Jonas Vingegaard werden enkele uren voor een zware bergrit uit hun slaap gehaald. De testinstantie beroept zich op uitzonderingen in de regels, maar licht de keuze voor beide renners niet toe. Het roept enkel en alleen maar vragen op. Want voor dit tijdstip moet een redelijke verdenking bestaan. Wat was die verdenking dan?
Op zondag 19 juli worden Jonas Vingegaard, tweevoudig Tourwinnaar, en Tadej Pogačar, titelverdediger en drager van het geel, in hun Franse hotels gewekt voor een dopingcontrole. Vingegaard om 2.00 uur, Pogačar om 5.00 uur. Enkele uren later wacht de bergrit naar Plateau de Solaison.
De International Testing Agency (ITA), die sinds 2021 namens de UCI het antidopingprogramma uitvoert, heeft de nachtelijke bloed- en urinecontroles bevestigd. De instantie verdedigt het tijdstip met een beroep op de effectiviteit van de controles en de integriteit van de koers.
“De ITA is zich ervan bewust dat nachtelijke controles de rust en het herstel van renners kunnen verstoren”, zei een woordvoerder tegen Cycling Weekly. “In beperkte en gerechtvaardigde omstandigheden moet effectieve controle echter ook buiten de gebruikelijke uren kunnen plaatsvinden.”
Renners wijzen op verloren herstel
Remco Evenepoel, winnaar van de vijftiende etappe, reageerde na de finish scherp. “Het is behoorlijk respectloos”, zei hij. “Het is onmenselijk en iets wat wij als atleten niet zouden moeten accepteren. Iedereen weet dat slaap het enige herstel is dat we ’s nachts hebben.” Hij riep rennersvakbond CPA op om in actie te komen.
Pogačar accepteerde het principe achter onverwachte controles, maar bekritiseerde de gevolgen. “Als dit nodig is om te blijven bewijzen dat we schoon koersen, accepteer ik het”, zei hij. “Maar het is klote wanneer je midden in een Tour van drie weken op één dag maar vier uur slaapt.”
Vingegaard steunde controles eveneens, zolang die het sportieve verloop niet aantasten. “Het is goed dat ze testen, maar wanneer het je prestatie en slaap beïnvloedt, vind ik het niet zo goed”, zei hij.
In de slotfase van de etappe kwam Vingegaard ten val. Hij brak zijn sleutelbeen en moest als nummer twee van het klassement de Tour verlaten. Pogačar opperde dat de verstoorde nacht mogelijk voor een klein deel had meegespeeld. Vingegaard zelf legde dat verband niet: “Ik wil het daar niet op steken, want dit is een wielerwedstrijd en valpartijen horen bij wielerwedstrijden.”
Uitzondering in de UCI-regels
Artikel 5.2 van de UCI-antidopingregels bepaalt dat een renner normaal niet tussen 23.00 en 6.00 uur wordt getest. Dat kan wel wanneer de renner binnen die uren zelf een testvenster heeft opgegeven, toestemming heeft gegeven of wanneer sprake is van een ernstige en specifieke verdenking van dopinggebruik.
De ITA zei dat alle controles tijdens de Tour plaatsvinden binnen de Wereldantidopingcode, de UCI-regels en de Franse wet. Volgens de instantie volgt het tijdstip uit een risicobeoordeling met meerdere factoren. Een nachtelijke test betekent volgens haar niet dat een renner wordt verdacht van een overtreding.
De instantie gaf geen rennerspecifieke verklaring voor de keuze om juist Vingegaard om 2.00 uur en Pogačar om 5.00 uur te controleren. Daardoor blijft onduidelijk op welke uitzondering of afweging de twee tijdstippen precies waren gebaseerd.
Gerichte controles tijdens de hele Tour
Voor deze Tour kondigde de ITA een informatiegestuurd programma aan. Renners kunnen op ieder moment tijdens de ronde worden gecontroleerd, terwijl de geletruidrager en iedere ritwinnaar verplicht worden getest. In de maand voor de start voerde de instantie bovendien meer dan 360 controles buiten competitie uit bij beoogde deelnemers.
Bij de selectie gebruikt de ITA onder meer gegevens uit het biologisch paspoort, prestatieontwikkelingen, onderzoeksinformatie en wetenschappelijke risicoanalyses. Geselecteerde stalen worden langdurig bewaard voor eventuele heranalyse.
De analyse van de nachtelijke stalen kan volgens de ITA enkele weken duren. De Tour eindigt op 26 juli in Parijs. Alleen wanneer een mogelijke overtreding naar voren komt, wordt de uitkomst volgens het openbaarmakingsbeleid van de instantie bekendgemaakt.