Foto @tbcyclingphotos
Gaan we weer crossen in Denemarken? Bid voor WK 2031 ligt op tafel
De Deense wielerbond wil het WK veldrijden terug naar Denemarken halen. Wederom is ‘bike island Fyn’ het decor. Maar na Bogense in 2019 moet nu het idyllische Egeskov Slot als decor dienen. De UCI beslist in september en zal gezien de sterke organisatorische kwaliteiten van de Denen (zie WK Kopenhagen, Tourstart en eerder genoemde WK Cross) zeker een streepje voor hebben.
Rond de tuinen en de toren van Egeskov Slot op Fyn moet in 2031 gestreden worden om de regenboogtrui in het veld. Danmarks Cykle Union (DCU), de Deense wielerbond, heeft een bod ingediend bij de UCI om het WK veldrijden dat jaar te organiseren. Een persbericht van de bond maakt melding van dit bid. De wereldbond maakt tijdens het WK wielrennen op de weg, later dit jaar in september, bekend welke kandidaat de organisatie krijgt toegewezen.
Omloop van 3,5 kilometer
Het parcours dat DCU voor ogen heeft is een 3,5 kilometer lange, rondgang met het kasteel, zijn tuinen en de markante toren als achtergrond. De combinatie van het parcours en de omgeving met het kasteel moeten zowel voor spektakel in de koers als mooie TV-beelden zorgen. Voor Fyn zou het de tweede keer worden binnen twaalf jaar dat het eiland gastheer is van het WK veldrijden: in 2019 was Bogense de locatie.
Historie
Klaus Falk Paarup, eventchef van DCU, wijst op de Deense staat van dienst als argument richting de UCI. “We hebben ongetwijfeld een sterk voorstel, aangezien we veel waarde hechten aan samenwerking op lokaal, regionaal, nationaal en sportief niveau,” zei hij in het persbericht. “Samen met Destination Fyn en Sport Event Denmark kunnen we nu al een indrukwekkend palmares voorleggen als het gaat om succesvolle wielerevenementen.”
Paarup noemde daarbij het recente Copenhagen Sprint als voorbeeld. Sport Event Denmark, de nationale sportorganisatie opgericht en gesteund door de Deense overheid, fungeert als partner in het bid. De organisatie heeft in het afgelopen decennium meer dan 250 sportevenementen naar Denemarken gehaald.
UCI
De UCI zal zeker kijken naar de resultaten uit het verleden. Uit de officiële bid guide van de UCI voor 2031 blijkt dat kandidaten niet met enkel een tasje geld en wat leuke cadeau’s het bid binnen halen. Uiteraard wordt een compleet dossier verwacht met onder meer een presentatie van de locatie, parcourskaart, veiligheidsplan, gedetailleerd budget, hotelinformatie en steunbrieven van lokale overheden en de nationale bond. De hele mikmak dus.
De financiële drempel is stevig: de UCI rekent een fee van CHF 500.000 per editie, exclusief tv-productie. Binnen zestig dagen na toewijzing moet de organisator bovendien een bankgarantie stellen ter waarde van twintig procent van het contractbedrag. Nu zijn DKK vast niet het probleem, maar toch is ruim 500k in euro’s een fikse investering. En dat zonder serieuze Deense kanshebber. Althans nu.
September
Het is vijf jaar vooruit kijken. De kans dat op dat moment Mathieu van der Poel nog aan de start staat lijkt klein. Het lijkt logischer om dan te kijken naar Thibau Nys of Tibor del Grosso die dan met elkaar vechten om de eer. Of wellicht is er weer een ander talent opgestaan. Misschien wel uit Denemarken.
Voor de Denen is het nog even afwachten of het rondje rond de kerk in Egeskov het winnende bid gaat worden.