Foto Sirotti
Alpe d’Huez: moet er eerst een dode vallen voor we iets gaan doen?
Elk jaar kijk ik weer met verbazing naar de taferelen in de bergetappes. Los van enthousiaste fans zijn er de ‘mankini’s’, dinosaurussen, blotebillen-idioten en altijd gekke fans die niet weten hoe je je moet gedragen. Elk jaar lijkt het gekker te worden. Elk jaar zien we meer dingen die weg hebben van gedrag dat je in voetbalstadions ziet. Leuk natuurlijk maar de rookpotten, fakkels en het intense benaderen van renners, dat hoort gewoon niet. Ook dit jaar ging het ‘net goed’. Of niet?
De mensenmassa op de beroemdste klim van de Tour hinderde opnieuw renners en volgwagens. Hekken en politietoezicht bleken onvoldoende. Een van de simpelste oplossingen voor meer controle is toegangscontrole, met of zonder betaald ticket. Dat verdient nu een kans. Want zo kan het in mijn optiek niet verder.
Op 24 juli 2026 raakte het wegdek van Alpe d’Huez, de 13,8 kilometer lange klim met 21 haarspeldbochten, geregeld bedolven onder toeschouwers. Renners kregen nauwelijks ruimte, volgwagens konden moeilijk passeren en buiten het zicht van de televisiecamera’s reed Einer Rubio vol tegen een volgwagen van UAE aan. Niet omdat die iets geks deed. Nee, die volgwagen moest abrupt remmen omdat een toeschouwer voor z’n auto viel (of werd geduwd). Rubio reed er vrij strak achter en pats. Met z’n neus op de achterruit. Achterruit kapot, gezicht Rubio kapot. Einde Tour.

Wat wel direct zichtbaar was: Remco Evenepoel, de Belgische kopman die voor het eerst in koersverband de Alpe beklom, werd opgehouden door de mensenmassa en de motoren.
De incidenten hadden meerdere oorzaken. De Tour wist vooraf hoeveel mensen naar de berg kwamen, kende de waarschuwingen van renners en had al extra maatregelen getroffen. Toch bleef een veilige, bruikbare doorgang op delen van de klim afhankelijk van het gedrag van een menigte die urenlang feest had gevierd.
Het menselijk gedrag viel weer op: hoe vaak je mensen ook waarschuwt, welke touwen je ook spant, je krijgt altijd te maken met de mens die zich niet kan inhouden. En die pas erg heeft in wat hij (meestal) of zij doet, nadat het gebeurd is.
Eigenlijk is het gekmakend. Elk jaar weer is het billen knijpen en hopen dat er niks ernstigers gebeurd. Hoewel je je kunt afvragen of met het incident van Rubio niet gewoon een grens overschreden is.
De berg was voor de etappe al vol
Campers, tenten, vlaggen en muziekinstallaties stonden dagen voor de aankomst langs de bochten. In de vallei ontstond naar verluidt een file van ongeveer twintig kilometer. De politie sloot de klim donderdagmiddag al voor gemotoriseerd verkeer, terwijl nieuwe bezoekers te voet en per fiets bleven toestromen.
De volgende ochtend reden duizenden wielertoeristen omhoog. Later moesten ook zij afstappen en lopen. Op beelden waren supporters dansend op de weg te zien, met vuurwerk en luide muziek rond de overvolle kampeerplaatsen. De Tour riep bezoekers op om geen renners aan te raken, niet op het asfalt te staan en telefoons achter de afzetting te houden.
Een absoluut loze oproep. Iedereen heeft zeker tegenwoordig overal schijt aan. Het is immers belangrijker om met je telefoon te laten zien dat JIJ er bij bent, in plaats van de wedstrijd te volgen en de renners ook echt aan te moedigen.
ASO, de organisator van de Tour, zette hekken in bij het begin en in de slotkilometers. Op andere plaatsen werden touwen gespannen. Ook Franse, Nederlandse en Deense politiemensen werden ingezet. Parcoursdirecteur Thierry Gouvenou zei vooraf: “We hebben de nodige hekken geplaatst en we werken ook met touwen. Er zullen veel politieagenten aanwezig zijn om het gedrag van de fans in de gaten te houden.”
Toch bleven op sommige delen van de klim doorgangen te smal. Gouvenou legde een deel van de verantwoordelijkheid bij het publiek: “Ze hebben het voorrecht om dicht bij de renners te komen, maar ze moeten hen respecteren en genoeg ruimte geven om te koersen.” Dat uitgangspunt werkt alleen zolang honderdduizenden bezoekers zich beheersen. Kansloos en het laat ook zien dat Gouvenou en consorten niet in staat zijn om dit te managen.
In mijn optiek is respect een woord uit vervlogen tijden. Fransen hebben al jaren geen respect voor renners die niet Frans zijn. Vraag maar aan Froome die met urine werd overgoten. Zeker in een open apres-ski hut als Alpe d’Huez is het woord respect het laatste wat je kunt verwachten. Dat weet Gouvenou, dat weet de A.S.O. Als ik Movistar was, zou ik eens goed nadenken over juridische stappen, al was het maar om een statement te maken.
Renners waarschuwden vooraf
Evenepoel had vóór de etappe al een concreet alternatief genoemd: “Op een populaire klim als Alpe d’Huez zouden ze vanaf de voet touwen moeten plaatsen en de laatste vijf kilometer met hekken moeten afzetten.” Hij wees ook op het sportieve gevolg van een te smalle doorgang. Een renner die op een aanval wil reageren, kan vast komen te zitten achter supporters die op de weg staan.
Paul Seixas, de jonge Franse klassementsrenner, zei vooral te hopen dat hij niet zou vallen. Richard Plugge, topman van Team Visma | Lease a Bike, zag mensen voor zijn ploegauto stappen. “Als ze dat bij een renner doen, is het levensgevaarlijk”, zei hij. Voor de etappe van vandaag vraagt Visma om complete afhekking van de Alpe. Fijn. Maar laten we elkaar ook scherp houden en niet gaan koersen als het niet geregeld is. Waar is de rennersstaking van weleer?
Alpe d’Huez kent bovendien een historie met . In 2018 kwam Vincenzo Nibali, toen een van de Tourfavorieten, ten val nadat zijn stuur vermoedelijk achter het camerariempje van een toeschouwer bleef haken. Hij verliet de wedstrijd. Geraint Thomas en Chris Froome kregen die dag eveneens te maken met fysiek opdringerige supporters. In 2022 moest ritwinnaar Tom Pidcock tussen mensen, vuisten en vlaggen door laveren.
Ticketing biedt controle, geen automatische veiligheid
De vorm van de Alpe maakt toegangscontrole uitvoerbaar. De klassieke klim heeft één duidelijke aanvoerroute, terwijl de laatste vijf kilometer als afzonderlijke zone kunnen worden ingericht. Een ticket, reservering of gratis toegangsbewijs met beperkte capaciteit kan het aantal bezoekers beheersbaar maken. Controleposten onderaan kunnen vuurwerk weren en bezoekers informeren voordat zij de berg opgaan.
Een betaald ticket alleen maakt de koers niet veilig. Daarvoor zijn een maximumcapaciteit, een doorlopend vrij parcours, voldoende beveiligers en een bereikbaar evacuatieplan nodig. De opbrengst kan voor die maatregelen worden gebruikt, maar veiligheid moet ook gegarandeerd zijn wanneer toegang gratis blijft.
Voormalig prof Jérôme Pineau pleitte al voor betaalde toegang tot de laatste vijf kilometer. Plugge ziet een heffing eveneens als middel om de dichtheid en het urenlange drankfeest te beperken. ASO-bestuurder Pierre-Yves Thouault wees dat idee af: “Wielrennen is van nature gratis te bekijken.” Tickets zijn volgens hem niet aan de orde. Ook UCI-voorzitter David Lappartient verwacht grote weerstand wanneer publiek moet betalen.
Van nature is het gratis, maar dat is ook met de aanname dat het veilig blijft.
Vrije toegang past inderdaad bij de koers. Tijdens de Tour functioneert Alpe d’Huez echter niet meer als een gewone openbare weg. De berg wordt afgesloten, verkeer wordt geweerd en politie regelt de toestroom. Hotels, restaurants en winkels profiteren ondertussen van de bezoekers. In de praktijk is het daarmee al een evenemententerrein zonder vaste publiekscapaciteit.
De keuze van de A.S.O. zou je als nalatigheid kunnen betitelen. Want inmiddels weet je wat de uitkomst gaat zijn.
Ook zonder ticketing kan de Alpe veiliger worden ingericht. Een proef met vooraf gereserveerde toegang tot de laatste vijf kilometer kan gratis beginnen. Pas wanneer het aantal bezoekers, de vrije doorgang en de hulpverlening vooraf zijn geregeld, gaat de berg open.
De historie is meestal geen fijne raadgever. Als dit doorgaat, wordt het elk jaar gekker en is het wachten tot het een keer tot een massale knokpartij komt, totdat er renners zwaar geraakt worden dat ze nooit meer kunnen fietsen, of dat er, hard gezegd, een dode valt. Dat laatste zorgt meestal voor de schok die nodig is om echt iets te veranderen. Laten we hopen dat dat niet nodig is.