Foto Sirotti

Koersverhalen

Giro d’Italia verlaat Bulgarije, de karavaan krijgt er een mini-odyssee bij

De eerste rustdag van de Giro 2026 is allesbehalve rust. Drie chartervluchten, een ferry vanuit Griekenland en ruim 1.000 kilometer over de weg moeten zo’n 2.000 mensen tijdig in Zuid-Italië krijgen.

Stapels dozen en overvolle fietstassen staan opgestapeld langs de finishstraat in Sofia. De derde rit is nog geen uur oud als elke beschikbare hand al inpakt, sjouwt en sorteert. Renners douchen in haast, eten wat ze kunnen vinden, en wachten. Het vliegtuig vertrekt vanavond na 21.00 uur Bulgaarse tijd. De rustdag, formeel maandag, is voor een groot deel van de karavaan vooral een reisdag.

RCS Sport heeft drie chartervluchten geregeld van Sofia naar Lamezia Terme in Zuid-Italië, met 21 stoelen per ploeg, een aantal dat pas in de laatste dagen is opgehoogd van 18. De vliegtijd bedraagt een uur en veertig minuten. Maar die charters vervoeren alleen renners en kernstaf. Het overige personeel, de bussen, trucks en ploegleiderswagens moeten over de weg, een route van ruim 1.000 kilometer via Griekenland, waar vanuit Igoumenitsa een ferry naar Brindisi of Bari wacht. Daarna resteert nog een rit van 390 kilometer naar de ploeghotels rond Catanzaro, waar dinsdag etappe vier begint.

Het tijdvenster is krap: de karavaan van zo’n 2.000 mensen heeft ongeveer 40 uur tussen de finish in Sofia en de herstart op Italiaans asfalt.

Splitsen of improviseren

“Ik ben blij als ik in Italië ben,” zei Marcel Kittel, ploegleider van Unibet Rose Rockets, na afloop van de derde rit. Het was niet de eerste keer dat iemand die zin uitsprak dit weekend. Bij Visma | Lease a Bike klonk logistiek verantwoordelijke Arthur van Dongen identiek: “Ik ben blij als ik iedereen in Italië heb.”

Hoe die planning eruitziet, verschilt per ploeg, en vooral per budget. Visma | Lease a Bike splitste de staf vroegtijdig op. Een groot deel van de groep was zondagmiddag al in Zuid-Italië. De ploeg schakelde logistiek partner Van Eijck in om de ploegleiderswagens op een berger naar Bulgarije te vervoeren, zodat stafleden konden vliegen in plaats van dagenlang over de Balkan te rijden. Twee bussen op twee locaties: die optie heeft vooral een WorldTour-topploeg.

Unibet Rose Rockets had minder ruimte in de planning. De ploeg had in Bulgarije geen bus en moest het volledige weekend zonder doen, net als Groupama-FDJ. Het materieel gaat nu via de ferryroute vanuit Griekenland. Maandagavond laat pas, zo is de verwachting, arriveert de karavaan bij het ploeghotel.

Bart Wellens, ploegleider van Lotto-Intermarché, schetste bij Cyclingnews een vergelijkbaar beeld. Zijn ploeg werkte met twee gescheiden teams: één voor het Bulgaarse blok, één voor Italië. “Many teams, including ourselves, chose to go to the start in Bulgaria with a minimal number of vehicles,” zei Wellens. “After all, the race there lasts only three days, so we make do with a little less luxury.” Foodtrucks en extra matrassen bleven thuis. Pas wanneer het peloton op het Italiaanse vasteland staat, zo zei hij, kan de spanning wat zakken.

Drie dagen Bulgarije, ruim twaalf miljoen euro

Filippo Ganna vatte de zondagavond samen in logistieke termen. “We doen nu een snelle douche en eten rap wat, voordat we moeten wachten om per vliegtuig naar Italië te vertrekken. Rond 23.00 uur zijn we dan in het hotel en dan gaan we goed slapen.” De late finish in Sofia, rond 17.00 uur lokale tijd, was geen toeval: het tijdverschil met Italië dicteerde dat de koersbeelden in Europese primetime vielen. Bulgarije betaalde voor de start, die deel uitmaakte van de promotie via Visit Bulgaria.

Hoeveel precies, daarover lopen de schattingen licht uiteen. Een eerste schatting is 12 miljoen euro die RCS binnenhaalt via Visit Bulgaria. Cyclingnews noemt 12,5 miljoen, afkomstig van de Bulgaarse overheid. Het is een bedrag dat de logistieke meerkosten voor de organisatie ruimschoots dekt, maar niet noodzakelijk voor de ploegen. Grote ronde-organisatoren betalen doorgaans zo’n 60.000 euro startgeld per ploeg. De extra personeelskosten, het splitsen van staf en het huren van voertuigen voor de Balkantransfer kunnen dat bedrag snel overschrijden. Sommige ploegen spraken al van een gevoel dat ze “betaalden om te koersen”.

RCS compenseerde de teams wel extra voor de Bulgaarse omweg, maar de uitvoering verschilde per ploeg. Een ploeg met twee bussen en een logistiek partner stuurt zondag de helft van de groep vooruit. Een ploeg zonder bus in Bulgarije vaart ’s nachts over de Adriatische Zee en verwacht maandagavond laat het ploeghotel te bereiken.

Op weg naar Catanzaro

De hele operatie, van de moeizame aankomst in Bulgarije via Varna of Sofia tot de ‘driedaagse van Bulgarije’ door Nessebar, Veliko Tarnovo en de Bulgaarse hoofdstad, vergde al weken voor de Grande Partenza voorbereiding. Servië, de kortste route vanuit de Lage Landen, bleek als niet-EU-land onpraktisch. Over meerdere dagen reden konvooien via Hongarije en Roemenië door files richting een kustlijn die in mei nog wat doods aanvoelt.

Dinsdag schiet het peloton weer op gang in Catanzaro. Dan volgt het Italiaanse deel van de Giro: Italiaanse wegen, Italiaanse cols, hotels die per bus bereikbaar zijn zonder een grens of een veerboot. De rustdag die daaraan voorafgaat, is voor veel personeel pas voorbij wanneer de laatste ferry heeft aangelegd.

Lees ook van HetisKoers!

Giro d’Italia verlaat Bulgarije, de karavaan krijgt er een mini-odyssee bij

Koersverhalen

Giro d’Italia: Groenewegen noemt gemiste kans in Sofia ‘stom’

Koersverhalen