Foto Stefano Sirotti
Pogacar brak niet één, maar drie wervels: ‘Ik ben blij dat ik nog leef’
Tadej Pogacar heeft bij zijn zware val in de Vuelta meer letsel opgelopen dan eerst werd gemekld. De Sloveen brak niet één, maar drie wervels. In een interview met The Athletic vertelt de wereldkampioen openhartig over de fysieke en mentale gevolgen van zijn crash. Ook heeft hij stevige kritiek op de prioriteiten van de UCI.
De valpartij in de Vuelta a España maakte een einde aan het indrukwekkende seizoen van Tadej Pogačsar. De Sloveen droeg de rode leiderstrui en leek hard op weg om eindelijk ook de Ronde van Spanje aan zijn palmares toe te voegen. Maar een val in de achtste etappe betekende het einde van zijn seizoen. Wat aanvankelijk al een ernstige blessure leek, bleek na uitgebreider onderzoek nog ernstiger .
Pogacar wist dat hij een breuk in zijn nekwervel had opgelopen, maar in het ziekenhuis kwamen nog twee gebroken wervels aan het licht. “Ik wist dat ik een C7-breuk had, maar toen zagen we dat ik nog twee gebroken wervels had, T1 en T2”, vertelde hij aan The Athletic.
De ernst van de diagnose drong pas echt tot hem door toen hij de beelden en de uitslagen onder ogen kreeg. “Toen ik zag dat ik drie gebroken wervels had? Ik ben eigenlijk gewoon blij dat ik nog leef, of überhaupt kan staan.”
Mentaal een zware periode
De blessure was niet alleen lichamelijk een flinke klap. Pogacar geeft toe dat hij de eerste weken na het ongeluk mentaal behoorlijk diep zat. “De eerste twee weken ging het mentaal echt niet goed met me. Ik was heel somber. Ik was geen prettig gezelschap.”
Pogacar moest niet alleen accepteren dat zijn seizoen voorbij was, maar zag ook een belangrijk doel uit zijn handen glippen. De Vuelta winnen en daarmee de trilogie van eindzeges in de drie grote rondes voltooien, was een van zijn ambities voor 2026. Ook deelname aan het WK en het EK in eigen land ging aan zijn neus voorbij.
De val en de gevolgen lijken hem ook anders naar de veiligheid in het wielrennen kijken.
‘De snelheden liggen veel hoger’
Pogacar ziet dat het professionele wielrennen in de afgelopen jaren steeds sneller is geworden. De materiaalontwikkeling, de trainingsmethodes en de manier waarop koersen worden gereden hebben het niveau naar een hoger plan getild. Maar volgens hem is de sport niet in hetzelfde tempo veiliger geworden.
“De snelheden liggen veel hoger, maar de finishes zijn hetzelfde”, stelt hij.
Daarmee raakt hij aan een discussie die al langer speelt in het peloton. Renners rijden steeds vaker met hoge snelheid naar finales toe, terwijl de ruimte op de weg en de omstandigheden waarin ze moeten sprinten of positioneren niet mee veranderen. De combinatie van snelheid, koersdruk en beperkte ruimte blijft een gevaarlijke.
Ook de rol van de internationale wielerunie UCI komt ter sprake. Pogacar vindt dat de bond zijn aandacht beter kan richten op de belangrijkste veiligheidsproblemen in de sport. “Er moet veel gebeuren. Maar dat is zeker niet het meten van sokken en hoe breed sturen zijn door de UCI.”
Met die opmerking verwijst hij naar de reglementen en discussies over materiaalafmetingen, zoals de lengte van sokken en de breedte van het stuur.
Pogacar heeft inmiddels zijn vizier op 2027 gericht, met de Tour, het klim-WK en nogmaals die Vuelta op zijn programma. De ambities zijn er dus nog altijd, maar deze val zou zomaar meer impact op hem kunnen hebben dan eerst gedacht.
Lees ook: Lactaatmix van Pogacar officieel te koop: 9 euro per gel