UCI heroverweegt regels: wankelt ook de 6,8-kilogrens?
Dertig jaar na dato wil de UCI het fundament onder haar materiaalregels herschrijven, met fabrikanten en onafhankelijke experts aan tafel. Concrete voorstellen zijn er nog niet, maar alles kan ter sprake komen.
Zes komma acht kilo. Al ruim een kwart eeuw is dat de gewichtsondergrens voor elke fiets in het profpeloton, maar nu gaat de UCI het fundament onder haar materiaalregels opnieuw bekijken. Is het tijd om die ondergrens aan te passen of op te heffen?
Na de vergadering van het UCI Management Committee in Montréal, tijdens het WK, kondigde de bond aan dat de Lugano Charter herzien wordt. Die tekst uit 1996 is geen compleet technisch reglement, maar wel de basis voor een groot deel van de technische voorschriften: de bekende beperkingen rond fietsontwerp incluis. ‘Dertig jaar na de aanname, gezien de ontwikkeling van de praktijk, maatschappelijke kwesties en veiligheidseisen, was het noodzakelijk geworden de inhoud te herzien,’ schrijft de UCI.

De dure grammen van Wiebes
De gewichtsgrens zelf komt niet uit 1996. De UCI voerde die pas in 2000 in, toen carbonframes en andere lichte constructies sterk opkwamen. Het argument destijds: een minimumgewicht moest voorkomen dat fabrikanten onderdelen te licht zouden maken, waardoor de veiligheid in het geding zou kunnen komen. Of de grens nu ook echt sneuvelt, zakt of blijft staan, daarover zegt de bond niets. Er is nog geen enkele concrete wijziging aangekondigd, maar de discussie binnen het peloton wordt al enkele jaren gevoerd, omdat fietsen met de huidige technieken zonder veiligheidsproblemen een stuk lichter gebouwd kunnen worden.
Hoe hard de bestaande regel kan aankomen, ondervond Lorena Wiebes. Na haar zege in de openingsrit van de Giro d’Italia Women werd de renster van Team SD Worx-Protime uit koers gehaald omdat haar fiets te licht was. Volgens de ploeg woog die 6,78 kilo, en zat er bovendien meer dan 50 gram verschil tussen twee metingen van de UCI. De dure 20 gram van Wiebes kostten haar niet alleen de ritzege, maar de hele ronde.
Fabrikanten aan tafel
Naast de Charter tuigt de UCI een nieuw overlegkader op voor toekomstige materiaalregels. Er komen technische comités voor onder meer frames, wielen en banden, kleding, beschermende uitrusting en data en technologie, met daarin de UCI, de industrie en onafhankelijke technische experts. Hun adviezen gaan naar de Equipment and New Technologies Commission, die aanbevelingen doet aan het Management Committee. Daar valt uiteindelijk het besluit. Eerst draait een pilot met comités voor baan, gravel en wielen; vanaf februari 2027 volgen de andere comités.
Die stem voor de industrie komt niet uit de lucht vallen. De UCI zag haar verzetlimiet van 54×11 al vastlopen bij de Brusselse rechter, en ook de velgdieptegrens van 65 millimeter leverde de nodige wrevel op bij fabrikanten. Een directe link tussen die dossiers en de herziening legt de bond zelf niet.
‘Dat ze bereid zijn de Lugano Charter (en de regels die daaruit voortkomen) opnieuw te bekijken, is zeer welkom nieuws,’ zei Xavier Disley, oprichter van AeroCoach en lid van de World Federation of the Sporting Goods Industry, tegen Cyclingnews. ‘Technologie verandert voortdurend op onvoorspelbare manieren en het is volkomen logisch dat regels daarop worden aangepast.’
De UCI houdt wel een rem in de tekst: nieuwe regels moeten ‘excessen vermijden die veiligheid, eerlijkheid, universaliteit of duurzaamheid in gevaar brengen’.
Tijdpad
De bond schrijft eerst zelf een ontwerp. Van februari tot en met april 2027 kunnen de verschillende geledingen van de wielersport en de fabrikanten daarop reageren. De nieuwe Charter wordt nog in 2027 gepresenteerd.