Met een doffe klap raakt de linkerschouder van George Hincapie het asfalt. Enkele tientallen meters was de Amerikaan zo-even nog verwijderd van de eindoverwinning in de tweede editie van de Eneco Tour. Ineens ligt hij op de grond. Terwijl hij hoopt dat zijn sprintende collega’s in staat zijn hem te ontwijken, probeert Hincapie te bevatten wat hem is overkomen. Hij herinnert zich het aangaan van de sprint. Het passeren van de borden met de afstand tot de finishlijn. Honderdvijftig meter. Honderd. Vijfenzeventig… Plotseling ziet de Amerikaan in zijn linkerooghoek een gele gedaante zijn sprintlijn in sturen. Het is Stefan Schumacher, in de gele trui van het jongerenklassement. Tijd en ruimte om de Duitser in een sprint op topsnelheid te ontwijken is er niet. De seconden die volgen heeft het brein van Hincapie niet opgeslagen. Een fractie later ligt hij op het asfalt. Aangeslagen probeert de renner van Discovery Channel overeind te komen. Hij voelt de pijn aan zijn linkerarm en –schouder. Schaafwonden. Meer niet. Hincapie’s ervaring leert hem dat hij er relatief ongeschonden van af is gekomen. Een zucht van opluchting gaat door het lichaam van de Amerikaan. De val had hem met gemak een gebroken sleutelbeen kunnen opleveren. Of erger. Het blijft Hincapie bespaard. Maar is zijn eerste plaats in het algemeen klassement wel veilig? Voor zijn val was Hincapie voluit aan het sprinten voor de bonificatieseconden, die aan de finish klaarliggen voor de nummers twee en drie van de etappe. De ritwinst is buiten het bereik van het groepje met kanshebbers op een goede eindklassering in de Eneco Tour van 2006. Op vier kilometer voor de finish in het Belgische Ans heeft Philip Gilbert zijn duivels ontbonden. De renner van Française des Jeux weet zijn achtervolgers op de eindstreep in zijn eigen achtertuin net voor te blijven. Hij kaapt niet alleen de dagzege weg, ook de bijbehorende tien tellen bonificatie.

Achter Gilbert strijden Hincapie en Schumacher om de resterende seconden. Zes voor de nummer twee in de etappe. Vier voor degene die derde wordt. De twee vechten al sinds de proloog in Den Helder een secondespel uit. Precies een week voor de ontknoping in Ans heeft Schumacher Hincapie in de 5,8 kilometer lange race tegen de klok met nog geen halve seconde voorsprong verslagen. Vijfenveertig honderdste is de Duitser sneller. Het verschil wordt in het algemeen klassement naar boven afgerond. Naar één seconde. De volgende dag moet Schumacher de rode leiderstrui weliswaar afstaan aan Tom Boonen, dankzij een tussensprint loopt zijn voorsprong op Hincapie op naar drie seconden. Weer een dag later komt daar nog een seconde extra bij. In de vierde etappe slaat de Amerikaan echter toe. De voormalig meesterknecht van Lance Armstrong is iedereen te snel af in een individuele tijdrit. Opnieuw zijn de verschillen minimaal. Voor de lus van zestien kilometer in en rond Landgraaf heeft Hincapie eenentwintig honderdste van een seconde minder nodig dan Vincenzo Nibali. Schumacher is zeven seconden trager en wordt derde. De marginale voorsprong levert Hincapie niet alleen de etappezege op. Hij neemt ook het rood over van Boonen. Tot diens vreugde. De regerend wereldkampioen realiseert zich enkele weken voor de volgende titelstrijd de waarde van zijn regenboogtrui. Het rode leiderstricot van de Eneco Tour weerhoudt Boonen er van die te dragen. Niet vreemd dus dat de Belg opgelucht is als hij de leiding in het klassement af kan staan. Hincapie trekt de rode trui maar wat graag aan. Drie seconden is zijn voorsprong op rivaal Schumacher, na de tijdrit in Landgraaf. Een verschil dat een paar dagen later, als de slotrit met start en finish in Ans op punt van beginnen staat, onveranderd is. De sprint om de tweede plaats achter Gilbert in de laatste etappe, en de bijbehorende bonificatieseconden, bepalen wie de tweede editie van de Eneco Tour wint.

George Hincapie twijfelt niet aan zijn sprintcapaciteiten. De Amerikaan heeft zich jarenlang weggecijferd voor Lance Armstrong, maar is in de periode daarvoor een heel behoorlijk sprinter. Niet iemand die toppers als Erik Zabel, Mario Cipollini of Tom Steels kan kloppen, maar in massasprints in de Tour de France behaalt Hincapie eind jaren ’90 met regelmaat een top 10-klassering. Ook Schumacher vertrouwt op een goed eindschot. Bovendien is het peloton op de wegen rond Ans flink uitgedund. De mini-versie van Luik-Bastenaken-Luik, met beklimmingen van onder meer de Redoute en de Saint-Nicolas, zorgt dat de snelste sprinters geen deel meer uitmaken van de groep die koploper Gilbert op de hielen zit. Zij bevinden zich in het achterveld. Of hebben een plaatsje in de bezemwagen gezocht. Hincapie weet maar al te goed wat hem te doen staat: het wiel van Schumacher kiezen en de Duitser in de laatste meters voor de finish voorbij snellen. Het succesvol uitvoeren van die opdracht is het enige dat hem nog scheidt van de eindzege. Het lot beslist anders.

Terwijl Hincapie en Schumacher hun duel uitvechten en ondertussen moeten zien af te rekenen met een aantal andere rappe mannen in de groep achter Gilbert, wijkt de Duitser plotseling uit. Hij kan niet anders. Een keuze is er simpelweg niet. Schumacher sprint in de naar links buigende bocht op vijftig meter voor de finish zo dicht langs de hekken dat hij geraakt wordt door een arm uit het publiek. Een toeschouwer reikt te ver naar voren en tikt tegen de linkerschouder van Schumacher. In een reflex gooit de renner van Gerolsteiner zijn stuur naar rechts. De onverwachte manoeuvre brengt hem precies in de lijn die Hincapie volgt. De onfortuinlijke Amerikaan kan geen kant op. Weerloos ondergaat Hincapie zijn noodlot. Met zijn arm voor zich uit gestrekt, in een ultieme poging zijn val nog enigszins te breken, klapt hij op het asfalt. Terwijl hij verbouwereerd op de grond ligt en hoopt dat de sprintende meute hem kan ontwijken, ziet hij in zijn ooghoeken de gele gedaante de streep passeren. Stefan Schumacher is overeind gebleven en finisht de etappe als derde. In de consternatie wint de Italiaan Manuele Mori de sprint achter Gilbert en steekt zes bonificatieseconden in zijn zak. De derde plaats van Schumacher doet de Duitser vier tellen cadeau. Drie meer dan hij nodig heeft om George Hincapie te passeren in het klassement.

De Amerikaan zit ondertussen rechtop op het wegdek. Gelaten ondergaat hij een eerste inspectie door het toegesnelde ambulancepersoneel. Zodra zij zien dat Hincapie niets ernstigs mankeert wordt hij overeind gehesen. Met zijn fiets aan de hand en begeleid door dienstverleners passeert de gehavende renner een paar minuten na zijn val lopend de finish. Alleen een ingreep door de jury kan hem nu nog aan de eindoverwinning helpen. Welk besluit de juryleden ook nemen, het zal ongetwijfeld stuiten op weerstand bij de benadeelden. Het is niet voor het eerst dat de jury van de Eneco Tour voor zo’n lastige opgave staat. Een jaar eerder zijn de gemoederen al eens flink opgelopen. Ook door toedoen van een jurybesluit.

De Eneco Tour staat sinds 2005 op de wielerkalender, als opvolger van de Ronde van Nederland. Die wordt tussen 1948 en 2004 in totaal 44 keer verreden. Eneco is al hoofdsponsor van de laatste edities van de Nederlandse ronde. Halverwege de jaren ‘00 neemt de Eneco Tour de plaats van de Ronde van Nederland op de wielerkalender over. De oorsprong van de nieuwe ronde valt samen met de invoering van de ProTour door de UCI. De internationale wielerbond heeft geen plaats op de kalender voor aparte etappekoersen door respectievelijk Nederland en België. Een gezamenlijke ronde ziet de UCI wel zitten. Door voortaan niet alleen over Nederlands grondgebied te rijden, maar ook over de Vlaamse en Waalse kasseien en heuvels wordt de ronde selectiever. Dat maakt de wedstrijd spannender en dus interessanter. Voor renners. Voor toeschouwers. En, niet onbelangrijk, voor sponsoren. Er zijn zelfs plannen voor een Ronde van de Benelux, maar uiteindelijk gaat de Eneco Tour alleen maar over Belgische en Nederlandse wegen. Luxemburg zal nooit worden bereikt.

Met Bobby Julich heeft de eerste editie van de Eneco Tour in 2005 meteen een aansprekende naam op haar erelijst. De nummer drie uit de Tour de France van 1998 blijft na een week koers Erik Dekker en Leif Hoste voor in het eindklassement. De eerste Eneco Tour verloopt echter niet vlekkeloos. In de vierde etappe, tussen Landgraaf en Verviers, wordt het peloton in de afdaling van de Côte de Wanne de verkeerde kant op gestuurd. Op 65 kilometer voor de finish behoren de renners volgens hun routekaartje linksaf te slaan. Richting Stavelot, net als in Luik-Bastenaken-Luik. In plaats daarvan rijdt het peloton rechtdoor. Gevolg van de blunder is dat koplopers Christian Vandevelde, Jason McCartney en Bart Dockx hun voorsprong van ruim zes minuten plotseling zien groeien naar bijna een kwartier. Er breekt paniek uit bij de wedstrijdleiding. Een helder antwoord op de schuldvraag is er niet. Sommige ploegleiders beweren dat een pijl langs de weg, net voorbij de Côte de Wanne, rechtdoor heeft gewezen in plaats van naar links. De organisatie ontkent. Een seingever die vroegtijdig zou zijn doorgereden naar een volgende plaats langs het parcours is de vermoedelijk echte boosdoener. Dat een motard van de Belgische televisie en een politiemotor het peloton voor zijn gegaan en als eerste de verkeerde route hebben gekozen, maakt de situatie er niet beter op. Met een kwartier voorsprong voor de koplopers zal het klassement van de Eneco Tour zo goed als zeker in een definitieve plooi komen te liggen. Bovendien zal er voor altijd een smet kleven aan de uitslag, aangezien Vandevelde, McCartney en Dockx het merendeel van hun voorsprong in de schoot geworpen hebben gekregen. Er moet iets gebeuren om de ronde te redden, is het oordeel van de jury. Tot grote onvrede van de ploegleiders van de koplopers.

Het zit de kersverse etappekoers bepaald niet mee. De eerste ritten van de Eneco Tour van 2005 kunnen rekenen op flink wat kritiek. Klachten van renners over het te rijden parcours zijn niet van de lucht. Met name het passeren van vele rotondes en vluchtheuvels doen de allereerste Eneco Tour geen goed. De nogal stroef verlopende samenwerking tussen de Nederlandse en Belgische organisatie helpt ook niet mee. Een geflatteerde eindrangschikking door een gemiste afslag is wel het laatste dat de ronde kan gebruiken. Ingrijpen is dus genoodzaakt. In de wetenschap dat wat het besluit ook is, er hoe dan ook weerstand zal komen. ‘Damage-control’. Meer kunnen jury en wedstrijdleiding niet doen.

Het gevolg is een scène die op Urbanus na alles in zich heeft voor een kolderieke Belgische klucht. De jury besluit om twintig kilometer van de etappe te neutraliseren. Zo krijgt het peloton de tijd om de juiste route te hervinden en kan de te hoog opgelopen voorsprong worden verrekend. Na de onderbreking zal verder worden gereden met de tijdsverschillen van voor het incident. Vandevelde, McCartney en Dockx krijgen vanuit de jury-auto de order te wachten. De drie weigeren. De ploegleiders van CSC (Vandevelde), Discovery Channel (McCartney) en Davitamon-Lotto (Dockx) geven stuk voor stuk opdracht de jurybevelen te negeren. Het levert vreemde televisiebeelden op. Een druk gebarende wedstrijdcommissaris lijkt niet te bestaan voor de drie vluchters. De organisatie besluit tot meer drastische maatregelen om de drie opstandelingen tot inkeer te brengen. Een politieagent grijpt de koplopers bij de arm om ze tot stoppen te dwingen. Alsof ze een ernstige verkeersovertreding hebben begaan worden de drie gesommeerd halt te houden tijdens de beklimming van de Rosier. Uitsluiting van de wedstrijd zal de sanctie zijn als Vandevelde, McCartney en Dockx blijven doortrappen. Uit protest legt Bart Dockx zijn fiets naast zich neer. Demonstratief gaat de Belg op het asfalt zitten. Zijn armen heft hij omhoog om zijn onbegrip voor de situatie kracht bij te zetten. Ploegleider Dirk Demol van de Discovery-ploeg van Jason McCartney dreigt zijn renners uit koers te halen als de drie niet mogen doorrijden. Niet veel later trekt hij zijn dreigement echter toch weer in en schikt zich onder protest naar de eis van de jury.

Als na een klein kwartier het peloton zich bij de drie koplopers voegt, mag het trio weer vertrekken. Nu moeten de anderen wachten. Maar in plaats van na zes minuten mag het peloton al na vier minuten aan haar achtervolging beginnen. Compensatie voor de onnodig te veel gereden kilometers, is het excuus van de jury naderhand. In de tussentijd hebben Marzio Bruseghin en Jussi Veikkanen de etappe mogen voortzetten. Zij bevinden zich in de afdaling van de Côte de Wanne nog tussen koplopers en peloton. De vlucht van Vandevelde, McCartney en Dockx heeft na de herstart geen schijn van kans. Door het incident is de motivatie om de ontsnapping tot een goed einde te brengen gedaald tot het nulpunt. Nu er ook nog eens twee minuten van hun voorsprong is afgenomen vinden de drie het wel best. Op iets minder dan twintig kilometer voor de aankomst in Verviers kan er definitief een streep door hun vluchtpoging. Alessandro Ballan komt een half uur later als eerste over de finish.

Een jaar later heeft de Eneco Tour opnieuw te kampen met incidenten. De val van Hincapie in de slotmeters van de ronde is niet het eerste ongelukkige voorval. In de tweede etappe, tussen ‘s Hertogenbosch en Sittard-Geleen, wordt Luis Pasamontes door de jury uit koers gehaald. De Spanjaard rijdt op dat moment in zijn eentje aan de leiding. Een minuut of acht is zijn voorsprong op het peloton als hij bij het Limburgse Kelpen een spoorwegovergang nadert. Vlak voor de oversteek springt een stoplicht op rood. Bellen beginnen te rinkelen. Het is het sein dat de spoorbomen ieder moment hun daling kunnen inzetten. Volgens de reglementen behoort Pasamontes nu in zijn remmen te knijpen. ‘Wacht tot het rode licht gedoofd is’. Iedereen kent de tekst op borden bij een spoorwegovergang. Die woorden gelden ook voor een wielrenner in koers. Pasamontes mag zijn weg dus officieel pas vervolgen als de bomen weer in hun oorspronkelijke stand staan en de lichten uit zijn. De Spanjaard besluit anders. In plaats van vaart te minderen, zet Pasamontes nog eens kort aan. Terwijl de spoorbomen langzaam zakken kruist hij de overgang. De jury is onverbiddelijk. De renner moet subiet uit koers. Diskwalificatie. Een rode kaart wordt vanuit de jury-auto door de lucht gezwaaid ten teken dat Pasamontes niet meer meedoet. Alsof het asfalt plotseling is veranderd in een voetbalveld en er vanuit het niets een kleedkamer opduikt waar de renner van de Unibet.com-ploeg zich per direct naar dient te begeven. Discussie met de jury is niet mogelijk. Einde Eneco Tour voor Pasamontes. De Spanjaard kan koers zetten naar zijn hotel, zijn spullen pakken en naar huis vertrekken. Of naar een vakantieoord. Naast diskwalificatie hangt hem door zijn actie namelijk ook nog eens twee weken schorsing boven het hoofd. Eigen schuld.

Maar wiens schuld is het incident in de etappe rond Ans? Niet die van George Hincapie in ieder geval. De Amerikaan is ten val gebracht door de onverwachte manoeuvre van rivaal Stefan Schumacher. Op zijn beurt heeft de Duitser noodgedwongen moeten uitwijken door een uitgestoken arm van een toeschouwer. De jury zit met de handen in het haar. Natuurlijk krijgt Hincapie dezelfde tijd als de groep waar hij voor zijn val deel van heeft uitgemaakt. Dat is logisch. Maar wat te doen met de bonificatieseconden? Zonder val zou Hincapie de sprint van de groep misschien hebben gewonnen. Of was hij net achter Schumacher als derde over de finish gekomen. In beide gevallen een prestatie die voldoende zou zijn voor de eindzege.
Na lang wikken en wegen valt het besluit de bonificatieseconden toe te kennen volgens de uitslag van de etappe. Schumacher blijft dus derde en krijgt de bijbehorende vier tellen bonus. Hincapie wordt als 41ste geklasseerd. In dezelfde tijd als de groep. Het levert Schumacher een voorsprong van drie seconden op in het eindklassement. Net als een jaar eerder is Dirk Demol des duivels. Toen deed het incident met de koplopers na de afdaling van de Côte de Wanne de oud-winnaar van Parijs-Roubaix koken van woede. Nu is het benadelen van George Hincapie de oorzaak van de boosheid bij de Belgische ploegleider van Discovery.

Natuurlijk tekent Demol protest aan. Zonder resultaat. De jury houdt vast aan haar beslissing. Demol trekt een ultieme troefkaart uit zijn binnenzak en stipt nog eens aan dat Schumacher in zijn optiek een valse start heeft gemaakt in de proloog. De Duitser zou te vroeg van het podium zijn gereden en zo een paar tellen tijdwinst op zijn concurrenten hebben geboekt. Precies de seconden die hij nu overhoudt op Hincapie. De jury veegt de argumenten genadeloos van tafel. Hincapie zelf geeft zich ook nog niet helemaal gewonnen. Als laatste strohalm doet hij een beroep op de sportiviteit van zijn opponent. Kan Schumacher de eindzege niet gewoon aan hem afstaan? Als de laatste tientallen meters van de Eneco Tour eerlijk zouden zijn verlopen zou Schumacher immers ook niet in de rode trui op het podium staan, is de stellige overtuiging van de Amerikaan. Schumacher is niet ontvankelijk voor het voorstel. Hij wast zijn handen in onschuld. Blij met het koersverloop is de Duitser weliswaar zelf ook niet, maar wat kon hij nou doen aan de val? Zijn manoeuvre was pure noodzaak. Geen kwade opzet. Het is zoals het is en Hincapie moet het er maar mee doen, luidt de reactie van de man die de Eneco Tour op zijn erelijst mag bijschrijven. Teleurgesteld zet Hincapie koers naar het hotel van de Discovery-ploeg. Stefan Schumacher neemt op hetzelfde moment op het podium twee truien in ontvangst: de gele van het jongerenklassement, die hij de gehele ronde al in z’n bezit had, en de rode die toebehoort aan de winnaar van het eindklassement. Voor het eerst valt een voorzichtige glimlach om de mond van de Duitser te ontwaren.

Bij hoofdsponsor Eneco valt niet veel te lachen. Twee edities van de Eneco Tour. Twee incidenten die beslissend zijn voor het eindklassement. Het lijkt haast of er een vloek rust op de ronde. Op het directiekantoor in Rotterdam wordt getwijfeld over de toekomst. Uiteindelijk besluit het energiebedrijf door te gaan met sponsoring. Eneco blijft naamgever van de belangrijkste meerdaagse wielerwedstrijd van Nederland en België. In de jaren die volgen blijven grote incidenten de Eneco Tour gelukkig bespaard. Maandag begint in het Friese Bolsward de twaalfde editie. Hoe luidt het spreekwoord ook al weer? Alle begin is moeilijk…

Vincent de Lijser