Foto Sirotti
Alles over Luik-Bastenaken-Luik 2026: waar de oude dame pas laat haar tanden laat zien
Er zijn koersen die zich meteen tonen, met kabaal, nervositeit en vroege schermutselingen. En er zijn koersen die wachten. Die zich eerst nog even vriendelijk voordoen, alsof er niets aan de hand is. Luik-Bastenaken-Luik hoort bij die laatste categorie. La Doyenne geeft zich nooit in het eerste uur bloot. Ze laat het peloton eerst rijden, eten, drinken, rekenen. Maar ergens diep in de Ardennen, wanneer Bastogne achter de rug is en de terugweg naar Luik begint, verandert de sfeer. Dan wordt deze koers wat ze altijd al was: een slijtageslag voor mannen met bergbenen, koersinstinct en een hart dat ook na zes uur koers nog niet op slot zit. Voorjaarsklassiekers.be-kopman Erik Aaftink blikt voor Het is Koers vooruit op Luik-Bastenaken-Luik 2026.
Historie Luik-Bastenaken-Luik 2026
Luik-Bastenaken-Luik is geen gewone klassieker. Het is een monument dat al bestond voordat de Tour de France überhaupt werd geboren. Daarom heet deze koers La Doyenne, de oude dame. Niet als bijnaam uit folklore, maar als erkenning. Deze wedstrijd draagt ouderdom niet als last, maar als statuur. Ze heeft generaties overleefd, oorlogen doorstaan en zich telkens opnieuw aangepast, zonder ooit haar wezen te verliezen.
De erelijst is er een van adel. Eddy Merckx won hier vijf keer en blijft de koning van Luik. Moreno Argentin en Alejandro Valverde kwamen elk tot vier zeges. Ook grootheden als Bernard Hinault, Seán Kelly, Philippe Gilbert, Remco Evenepoel en Tadej Pogačar vonden in deze koers een terrein dat hun naam nog zwaarder maakte. En toch is Luik meer dan een optelsom van kampioenen. Net als alle grote klassiekers leeft ook deze wedstrijd van haar verhalen. Van de manier waarop Frank Vandenbroucke in 1999 niet alleen won, maar de koers bijna theatrale flair gaf. Van de dagen waarop een renner niet simpelweg sterk blijkt, maar de oude dame echt naar zijn hand zet.
Dat maakt Luik-Bastenaken-Luik zo aantrekkelijk. Dit is geen wedstrijd die zich gemakkelijk laat vangen in cijfers alleen. Ze is oud, streng en soms onverbiddelijk, maar wie haar wint, krijgt daar meer voor terug dan alleen een monument. Die krijgt een plaats in een heel oud wielergeheugen.
Lees ook:
- In het geheugen gegrift: Luik-Bastenaken-Luik 1987
- Luik Bastenaken Luik 1980
- Wout Poels wint Luik-Bastenaken-Luik
Parcours Luik-Bastenaken-Luik 2026
Het parcours van Luik-Bastenaken-Luik 2026 is zoals een goede Ardennenklassieker hoort te zijn: een langzaam opbouwend verhaal dat pas laat zijn ware wreedheid onthult. De Oude dame wordt om 10:00 ’s ochtends in gang geschoten als de mannen starten in Luik. Zij krijgen 259,5 kilometer voor de wielen. Voor de wielerliefhebbers en gewone stervelingen die de LBL toertocht – of cyclo, zoals U wilt – ook al eens heeft afgevinkt weet het: het is de hele dag op en af. Een zware beproeving. En dat midden door de Ardennen.
In het eerste deel van de wedstrijd blijft het nog relatief beheerst. Er wordt wel geklommen, uiteraard, maar nog niet op de manier waarop de koers haar slachtoffers kiest. De Côte de Saint-Roch is een eerste prik, een vroege herinnering aan wat voor dag dit zal worden, maar nog niet de plaats waar de koers openbarst.
Vroeg in de ochtend verlaat het peloton Luik, en tegen het middaguur duikt Bastogne op. Daar, tussen oorlogserfgoed en wielergeschiedenis, lijkt de dag soms nog even stil te hangen. Een blik op de Shermantank, het monument van de Amerikaanse generaal Anthony McAuliffe, nog snel wat eten, nog een moment van schijnrust. Maar eigenlijk weet iedereen: hierna begint Luik pas echt. Want wanneer Bastogne achter je ligt en de terugweg naar Luik zich aandient, verschuift deze koers van reis naar beproeving.
Dan volgt het echte Ardennengebed. Côte de Wanne. Côte de Stockeu, waar geen tijd is om stil te staan bij het monument van Eddy Merckx, omdat de koers allang weer roept. Côte de la Haute-Levée. Col du Rosier. Col du Maquisard. Côte de Desnié. Het zijn niet zomaar hellingen, maar treden op een trap naar uitputting. Je eet wat je nog kunt eten, werkt nog snel wat zout en suiker naar binnen en hoopt dat de benen blijven antwoorden.
En dan komt La Redoute. Altijd weer La Redoute. Geen enkele helling in deze koers heeft zo’n bijna mythische status. Niet alleen vanwege de percentages, maar vooral omdat ze komt op het moment dat de koers al diep in het lijf is gekropen. Fris opgereden is ze al gemeen. Maar na ruim 224 kilometer wordt ze iets anders: een folterbank met uitzicht. De grootste smeerlap van de Ardennen, zoals ze wel eens wordt genoemd. Hier wordt niet altijd gewonnen, maar hier wordt de koers wel vaak opengetrokken.
Alsof dat nog niet genoeg is, volgen daarna nog de Côte des Forges en de Roche-aux-Faucons. Vooral die laatste helling, met nog iets meer dan twintig kilometer te gaan, is vaak de plek waar de finale definitief breekt. Na de top volgt nog een uitloper, een afdaling, dan de aanloop naar Luik en uiteindelijk die vlakke laatste twee kilometer. Maar wie daar nog met een voorsprong rijdt, weet meestal al dat het vonnis uitgesproken is.

Favorieten Luik-Bastenaken-Luik 2026
Deze editie lijkt te draaien om drie zwaargewichten: Tadej Pogačar, Remco Evenepoel en Paul Seixas. Pogačar blijft de logische topfavoriet, omdat Luik hem op het lijf geschreven lijkt: steile hellingen, een slopende finale en alle ruimte om de koers op één demarrage open te breken. Evenepoel is de man die hem het best kan uitdagen. Hij won hier al twee keer en voelt zich thuis op dit Ardense terrein, waar punch en inhoud samenkomen. Seixas is de derde grote naam: jong, onbevreesd en met precies het soort klimflits dat deze koers gevaarlijk kan maken. Seixas liet in Waalse Pijl zien dat dit werk óók bij hem past.

Daarachter volgen mannen als Mattias Skjelmose, Benoît Cosnefroy en Tom Pidcock, met daarnaast outsiders als Romain Grégoire, Mauro Schmid, Tobias Halland Johannessen, Ion Izagirre en Kévin Vauquelin.
Skjelmose liet al goede vorm zien in de AGR en eindigde ook kort in Waalse Pijl, hoewel hij daar zijn vijfde plek toeschreef aan een positioneringsfout. Pidcock lijkt in de Tour of the Alps op weg naar een wonderbaarlijk herstel na zijn uitstapje in het ravijn tijdens de Ronde van Catalonië. Mauro Schmid pakte een podium in Huy, maar of hij meekan met het geweld van de grote drie, dat is de vraag. De rest? Die mag hopen. Hopen op een slechte dag. Of hopen op een ander mirakel dat Pogačar, Evenepoel of Seixas van de winst houdt.
Maar zoals altijd in Luik geldt: deze koers kiest meestal niet voor toeval, maar voor de renner die bergop het hardst durft te beslissen.
Koers op TV
In tegenstelling tot andere koersen in België is L-B-L in Wallonië en dat betekent geen ‘wall-to-wall’ coverage.
Vanaf 12:45 kan je al terecht op HBO Max, terwijl vanaf 13:30 het signaal ook op de gewone zender, Eurosport 1, door gaat komen. Pas vanaf 14:30 komen de NOS en VRT1 / Sporza in beeld. De wedstrijdbeelden van de dames volgen na de herenwedstrijd, net als in Waalse Pijl en Parijs-Roubaix.