Foto Sirotti
De jarige Aleksandr Vlasov en een bijzondere dubbeldeelname aan Giro en Vuelta 2020
Mooie vraag voor een NK Wielerquiz. Zeker over een aantal jaren, als de recente wielergeschiedenis nog iets meer is vervaagd en een minder prominente plaats in het collectief geheugen inneemt. Maar voor nu is het misschien ook alvast een aardige. Komt-ie: ‘in welk jaar was het deze eeuw niet mogelijk om zowel in de Giro als de Vuelta te starten en waarom niet?’ Het bedenken van het juiste antwoord zal vermoedelijk de hersens nauwelijks doen kraken. 2020 is natuurlijk de oplossing. Het ‘coronajaar’.
Door Covid-19 werd de wereld, en dus ook de koers, voor een langere periode lamgelegd met als gevolg dat veel wedstrijden een nieuwe plaats op de kalender moesten zien te bemachtigen. Of helemaal geen doorgang konden vinden. Voor de belangrijkste rittenkoersen en klassiekers werd een oplossing bedacht door de UCI. In niet meer dan honderd dagen tijd werden ze achter elkaar, en niet zelden zelfs tegelijkertijd, afgeraffeld. Het zorgde ervoor dat renners voor keuzes werden gesteld die ze eerder nooit hoefden te maken. Veel wedstrijden waren immers praktisch gezien niet te combineren. De Giro werd bijvoorbeeld in plaats van in mei verreden tussen 3 en 25 oktober. Het maakte een combinatie met de Vuelta onmogelijk. De Spaanse ronde vertrok namelijk al op een moment dat haar Italiaanse broer nog bezig was. Desondanks – let op, hier komt voor de quizzers de onvermijdelijke vervolgvraag – was er wel degelijk een renner die kan zeggen in 2020 aan die beide grote rondes te hebben deelgenomen. Wie o wie, luidt de vraag. Het antwoord is Aleksandr Vlasov. Natuurlijk heeft hij ze, door de al genoemde overlap, niet allebei kunnen voltooien, maar de Rus is wel degelijk eerst op 3 oktober in het Siciliaanse Monreale van de partij, om zeventien dagen later op te duiken bij de Gran Salida – voor zover die benaming door corona van toepassing is in 2020 – in Spanje.
Girodebuut om snel te vergeten
Het feit dat Vlasov half oktober in het Baskische Irun, waar de 75ste editie van de Vuelta begint, aanwezig is, kan niets anders betekenen dan dat zijn Girodeelname op een sof moet zijn uitgelopen. Dat is inderdaad het geval. Al op de tweede dag van de Italiaanse ronde moet de renner van Astana noodgedwongen opgeven. Waar meerdere van zijn collega’s de Giro niet zullen kunnen voltooien door een positieve coronatest, heeft de opgave van de Rus een heel andere reden. Hevige maagkrampen verhinderen Vlasov de 150 kilometer lange Siciliaanse rit, van Alcamo naar Agrigento, uit te rijden. Halverwege laat de renner zich met een van pijn verwrongen gezicht uitzakken. Na een beroerde nacht en een minstens net zo onplezierige ochtend heeft hij geprobeerd er het beste van te maken, maar als het Giropeloton naarmate de etappe vordert het tempo opschroeft, ontbeert Vlasov de kracht nog langer te kunnen volgen. Teleurgesteld verkiest hij een plekje in de ploegleidersauto boven het vervolgen van zijn lijdensweg. Het is een nieuwe tegenvaller voor zijn Astana-ploeg. Op de eerste dag was de Kazachse formatie ook Miguel Ángel López al kwijt geraakt, na een val in de openingstijdrit. Beide renners waren op voorhand niet alleen kanshebbers op een dagsucces of een fraaie ereplaats in de eindrangschikking. Vlasov en López waren met name naar Italië gekomen om kopman Jakob Fuglsang aan de roze trui te helpen. Zonder zijn knechten is de Deen echter een stuk minder kansrijk en zal dan ook nauwelijks een grote rol van betekenis spelen. Hij wordt roemloos zesde.
Geluk bij een ongeluk
Hevig teleurgesteld laat Vlasov weten zich zijn Girodebuut heel anders te hebben voorgesteld. De Rus verkeerde iets eerder namelijk nog in een uitstekende vorm. In de Tirreno-Adriatico, die heel atypisch in september wordt verreden in plaats van in maart, was hij vijfde geworden en meermaals dicht bij dagsucces geweest. Enkele weken eerder had hij al een klimkoers op de Mont Ventoux gewonnen, was derde geworden in de Ronde van Lombardije – de wielerkalender is door Covid-19 door elkaar geschud alsof die veel te lang in een kermisattractie heeft gezeten – en had vervolgens de Ronde van Emilia gewonnen. Met meer ambities dan alleen te knechten voor Fuglsang was Vlasov naar Sicilië gekomen, maar zijn maag had dus heel andere plannen. Zoals een bekende voetballegende ooit zei heeft ieder nadeel z’n voordeel. Doordat de Vuelta slechts zeventien dagen na de Giro start – gedurende zes dagen kunnen televisiekijkers schakelen tussen de ene en de andere ronde – is het normaal gesproken niet mogelijk in beide etappekoersen aan te treden. Dat kan echter wel als je in Italië voortijdig uit koers bent geraakt. Het tijdsbestek van iets meer dan twee weken is ruim voldoende om uit zieken van zijn maagklachten en fit als een hoentje naar het Baskenland af te reizen. Na een valse start in Italië begint Vlasov alsnog aan zijn eerste grote ronde. Maar nu echt. Opnieuw geldt de Rus als schaduwfavoriet, met name omdat zijn Astana-ploeg zonder uitgesproken kopman in Spanje rondrijdt. Vlasov zet enkele fraaie rituitslagen neer, waarvan de tweede plek achter Hugh Carthy op de Alto de El Angliru met ruime voorsprong het hoogtepunt is. In het klassement schiet hij echter te kort. De Rus loopt enkele keren meer tijdverlies op dan hem lief is en staat in Madrid net buiten de top 10. Iets meer dan een half jaar later rijdt hij alsnog de Giro uit. Hij wordt vierde, achter Egan Bernal, Damiano Caruso en Simon Yates. Een prima uitslag, al zal die nooit een quizvraag worden. In tegenstelling tot die curieuze ‘dubbeldeelname’ van Aleksandr Vlasov aan twee overlappende grote ronden.
