Foto Sirotti

Koersverhalen

De klok tikt voor TotalEnergies: Franse wielerploeg balanceert op de rand van de afgrond

De ene na de andere renner zoekt zijn heil elders, de hoofdsponsor vertrekt en de deadline voor de UCI-registratie komt razendsnel dichterbij. De toekomst van TotalEnergies hangt aan een zijden draadje. Lukt het ploegbaas Jean-René Bernaudeau op tijd een nieuwe geldschieter te vinden, of verdwijnt opnieuw een vertrouwde naam uit het peloton?

In de wielersport is oktober traditioneel de maand waarin de contouren van het volgende seizoen zichtbaar worden. Renners wisselen van ploeg, nieuwe tenues worden aangekondigd en managers presenteren ambitieuze plannen. Bij TotalEnergies is het voorlopig vooral wachten. Wachten op een nieuwe sponsor, wachten op duidelijkheid en vooral wachten op nieuws dat de toekomst van de Franse ploeg veiligstelt.

Dat wachten wordt steeds stressvoller. Op donderdag 15 oktober moet de ploeg haar registratiedossier voor 2027 bij de internationale wielerunie UCI indienen. Op het moment van schrijven is nog altijd niet duidelijk hoe de ploeg er volgend jaar uit zal zien. En de tijd begint te dringen.

Volgens de Franse sportzender RMC Sport werken ploegmanager Stéphane Heulot en de ervaren teamchef Jean-René Bernaudeau al maanden aan een oplossing. Beiden zouden vertrouwen houden in een goede afloop, maar zolang er geen handtekening onder een sponsorcontract staat, blijft de toekomst onzeker.

Een ploeg zonder naamgever

De grootste uitdaging is bekend: na afloop van 2026 stopt TotalEnergies als hoofdsponsor. Het energiebedrijf was sinds 2019 verbonden aan de ploeg, die daarvoor onder meer de namen Direct Énergie en Europcar droeg. De samenwerking leverde in zeven seizoenen meer dan 130 overwinningen op, maar aan die periode komt nu een einde.

Daarmee verliest de formatie uit de Vendée niet alleen haar naamgever, maar ook de financiële basis waarop de ploeg de afgelopen jaren kon bouwen. Een nieuwe hoofdsponsor vinden is in het huidige wielerlandschap bepaald geen eenvoudige opgave. De budgetten van de grootste ploegen blijven stijgen en bedrijven zijn voorzichtig met grote sponsoruitgaven.

Toch is de ploeg geen onbekende in het overleven van financiële onzekerheid. Bernaudeau richtte de structuur in 2000 op en zag de naam in de loop der jaren meermaals veranderen. Van Bonjour en Bouygues Telecom tot Europcar, Direct Énergie en uiteindelijk TotalEnergies: de ploeg heeft vaker een nieuwe identiteit moeten aannemen.

Maar er is een verschil tussen een nieuwe naam op het shirt en een compleet nieuwe financiële basis. Zonder een partner die bereid is een aanzienlijk deel van het budget te dragen, wordt zelfs de meest ervaren ploegbaas weinig gegund.

De ploeg loopt leeg

Intussen voltrekt zich een tweede probleem. De renners wachten niet allemaal rustig af wat er gaat gebeuren. Een flink deel van de selectie heeft inmiddels elders onderdak gevonden of kondigde het einde van de carrière aan.

Van de 28 profrenners die TotalEnergies aan het begin van het seizoen had, zijn er volgens RMC Sport acht die in 2027 voor een andere ploeg uitkomen. Onder hen bevinden zich Jordan Jegat, Anthony Turgis, Émilien Jeannière, Alexandre Delettre, Nicolas Breuillard, Mattéo Vercher, Thomas Bonnet en Pierre Thierry. Daarnaast stoppen Geoffrey Bouchard, Fabien Grellier en Lorenzo Manzin met professioneel wielrennen.

Voor een ploeg die nog niet weet of ze volgend jaar überhaupt aan de start verschijnt, is dat logisch. Renners hebben behoefte aan zekerheid over hun contract, hun salaris en hun sportieve toekomst. Wie te lang wacht, loopt het risico dat de beschikbare plekken bij andere teams zijn vergeven.

Maar voor TotalEnergies maakt ieder vertrek de puzzel ingewikkelder. Een nieuwe sponsor wil niet alleen een naam op een shirt zetten, maar ook weten welk team hij daarvoor terugkrijgt. Een ploeg met een grotendeels lege selectie en weinig tijd om vervangers vast te leggen, is nu eenmaal moeilijker te presenteren dan een stabiele formatie met een duidelijk sportief plan.

De UCI-deadline komt eraan

De komende dagen zijn daarom cruciaal. De UCI verlangt bij de registratie onder meer informatie over de renners, de stafleden en de financiële partners. Ook moet de ploeg een bankgarantie overleggen en de benodigde contracten met coureurs kunnen aantonen.

Op 15 oktober moeten er volgens de door RMC Sport aangehaalde regels minimaal tien rennerscontracten zijn goedgekeurd door de accountant. Op 1 november moet dat aantal zijn opgelopen tot vijftien. Bovendien moeten het ingediende budget en de bankgarantie rekening houden met de volledige selectie die de ploeg wil inzetten.

Wie de deadline mist, kan nog steeds proberen het dossier later in te dienen, maar betaalt daarvoor een prijs: de UCI-regels voorzien in een verhoging van het registratierecht met 500 Zwitserse frank per dag vertraging. Dat is niet het grootste probleem voor een ploeg die een heel budget moet veiligstellen, maar het illustreert wel hoe weinig speelruimte er nog is.

Een officiële mededeling over de toekomst wordt niet vóór donderdag verwacht. Tot die tijd blijft het gissen naar de oplossing waaraan achter de schermen wordt gewerkt.

Terug naar de basis?

Mocht een nieuwe hoofdsponsor uitblijven, dan ligt er mogelijk een alternatief op tafel. Bernaudeau heeft de afgelopen maanden meermaals aangegeven dat hij eventueel met een kleinere structuur verder wil, nauw verbonden aan Vendée U, de opleidingsploeg van de organisatie.

Die opleidingsploeg bracht in het verleden verschillende bekende profs voort, onder wie Thomas Voeckler, Sylvain Chavanel en Bryan Coquard. Het idee zou zijn om de organisatie terug te brengen tot een bescheidener niveau, waarbij de ontwikkeling van jonge renners opnieuw centraal komt te staan.

Lees ook: De Nieuwe Hinault (13): Thomas ‘TiTi’ Voeckler

Vendée U zou in dat scenario kunnen doorgroeien naar het continentale niveau, de derde categorie binnen het internationale wegwielrennen. Dat zou de ploeg in staat stellen om actief te blijven, maar sportief gezien is het een forse stap terug. Een continentale formatie heeft immers niet dezelfde status en mogelijkheden als een ProTeam en kan niet rekenen op dezelfde toegang tot grote wedstrijden.

Een uitnodiging voor de Tour de France zou dan bijvoorbeeld allerminst vanzelfsprekend zijn. Voor een ploeg die jarenlang op het hoogste niveau actief was en geregeld de Franse wielertraditie uitdroeg in de grootste koers ter wereld, zou dat een ingrijpende verandering betekenen.

Een vertrouwde naam op de tocht

De situatie bij TotalEnergies staat niet op zichzelf. De afgelopen jaren verdwenen met B&B Hotels-KTM en Arkéa-B&B Hotels al Franse ploegen uit het profpeloton. Dat maakt de onzekerheid rond de formatie van Bernaudeau extra beladen. Het gaat niet alleen om de toekomst van een team, maar ook om de continuïteit van een organisatie die al sinds 2000 deel uitmaakt van het professionele wielrennen.

De ploeg heeft een rijke geschiedenis, met renners als Voeckler en Pierre Rolland, en met de Tourzege van Anthony Turgis in 2024 als een recent hoogtepunt. Dat verleden biedt echter geen garantie voor de toekomst. In het moderne wielrennen is sportieve traditie waardevol, maar uiteindelijk moeten de rekeningen worden betaald.

Voor Bernaudeau is het dus opnieuw een race tegen de klok. Niet over de Franse wegen, maar langs potentiële sponsors, contracten en financiële garanties. De komende dagen moeten uitwijzen of zijn organisatie een nieuwe start kan maken of noodgedwongen een stap terug moet zetten.

Eén ding is duidelijk: de naam TotalEnergies verdwijnt na dit seizoen van het shirt. Of de ploeg zelf blijft bestaan, is een heel andere vraag. En juist daarop wacht het Franse wielrennen met spanning het antwoord af.

Lees ook van HetisKoers!

Een nieuwe start, een nieuw Het is Koers logo

Koersverhalen

De klok tikt voor TotalEnergies: Franse wielerploeg balanceert op de rand van de afgrond

Koersverhalen