Foto Miguel Ena
Etappe 20 Vuelta 2026: de Collado del Alguacil als laatste scherprechter voor Mas en Roglič
Bijna 5.000 hoogtemeters, twee keer El Purche, de vervanger van Hazallanas en een nieuwe slotklim van bijna tien procent gemiddeld. Wie de Vuelta nog wil kantelen, krijgt op zaterdag zijn laatste kans.
Het kwik in La Calahorra wijst zaterdag 28 graden aan wanneer het peloton om 12.36 uur de vrije start krijgt. Dat is koeler dan de hitte van de voorbije weken, maar de renners hebben dan al negentien koersdagen en de 4.000 hoogtemeters van Peñas Blancas in de benen. Voor hen liggen 186,8 kilometer en bijna 5.000 nieuwe hoogtemeters, met als slot de Collado del Alguacil, een klim die de Vuelta nog nooit heeft aangedaan. Bij de parcoursvoorstelling trok deze rit meteen de meeste aandacht. Nu is het de laatste realistische kans om de rode trui van schouders te laten wisselen.
Foto UnipublicHet klassement voor de laatste bergrit
Enric Mas (Movistar Team) begint als leider met 1:37 voorsprong op Primož Roglič (Red Bull-BORA-hansgrohe) en 3:01 op Felix Gall (Decathlon CMA CGM Team). Richard Carapaz (EF Education-EasyPost) volgt op 5:17, Oscar Onley (Netcompany INEOS) op 6:03 en Jakob Omrzel (Bahrain Victorious) op 7:06. Daarachter staan Cristián Rodríguez op 8:21, Mattias Skjelmose op 9:06 en Harold Tejada op 10:27.
Die verhoudingen zijn sinds de tijdrit van Jerez nauwelijks veranderd. Roglič won daar 33 seconden op Mas en nam de tweede plaats over van Gall, maar de Spanjaard beperkte de schade op een dag waarop hij veel meer had kunnen verliezen. Op Peñas Blancas volgde Mas vervolgens een late aanval van Roglič zonder zichtbaar in de problemen te komen. Eddie Dunbar (Pinarello-Q36.5) won die rit voor Santiago Buitrago, met ploegmaat Thomas Gloag als derde.
“Eerlijk gezegd voelde ik me heel goed,” zei Mas na de tijdrit. “We hadden min of meer dit tijdverlies voor ogen. Ik ben tevreden, maar het is nooit genoeg. Er volgen nog twee zware bergetappes en de slotdag in Granada.”
Parcours: van Los Blancares naar de dubbele El Purche
De eerste veertig kilometer zijn glooiend en dienen vooral om de vlucht van de dag te laten vertrekken. De Puerto de Los Blancares, 7,7 kilometer aan 3,7 procent met de top op kilometer 50,7, is een derde categorie die de klassementsmannen geen pijn doet, maar sterke klimmers wel de ruimte geeft om weg te rijden. Na de afdaling rijdt het peloton na 77 kilometer door Granada, de stad waar de Vuelta zondag eindigt. Het Alhambra blijft rechts liggen.
Via Huétor Vega en Monachil draait de koers een lokale lus in, met daarin de Puerto de El Purche, in de streek ook bekend als de Collado del Muerto. De cijfers: 8,2 kilometer aan 8,1 procent, met stroken tot 18 procent vlak onder de top. De eerste passage ligt op kilometer 94,3. Daarna volgt exact dezelfde lus en exact dezelfde klim, met de tweede top op kilometer 125,5, op ongeveer 61 kilometer van de streep.
Juist die herhaling maakt de rit zwaar. Wie El Purche één keer hard rijdt, zal het zwaar hebben. Wie het een half uur later nog eens doet, die zal vast en zeker om z’n moeder roepen. Het biedt kansen voor een harde koers. Maar wie is dan in het voordeel? Mas heeft een prima ploeg en is nog niet aan het wankelen gebracht.
Puerto de El Duque, de vervanger van Hazallanas
Na de tweede afdaling loopt de route via Pinos Genil naar Güejar Sierra. Daar ligt de tussensprint op kilometer 144. Vier kilometer daarna begint de Puerto de El Duque, een beklimming van 7,4 kilometer met een gemiddelde stijging van 8,3 procent en uitschieters tot 20 procent. De klim voert naar het skistation van de Sierra Nevada op 1.670 meter; de top ligt op 31,4 kilometer van de finish. El Duque kwam op het parcours nadat aardverschuivingen in februari de toegangsweg naar de oorspronkelijk geplande Alto de Hazallanas hadden beschadigd. Lichter is de rit er niet van geworden.
Dit is een belangrijk punt in de koers. Na de top volgt een lange afdaling over de wegen die het peloton al twee keer vanaf El Purche is afgedaald, gevolgd door een verbindingsstuk terug naar Güejar Sierra. Een eenling die op El Duque wegrijdt, moet een kleine voorsprong twintig kilometer lang verdedigen voordat het echte werk begint. Een ploeggenoot in de vroege vlucht kan dan van grote waarde zijn.
Collado del Alguacil: 8,3 kilometer aan 9,8 procent
De slotklim begint direct na Güejar Sierra, met nog 8,3 kilometer te gaan. De organisatie noteert 816 hoogtemeters en een gemiddelde van 9,8 procent, met de finish op 1.884 meter. De klim is van de buitencatégorie en is nog niet eerder opgenomen in een grote ronde.
Het begint meteen met een muur van 22 procent. De eerste drie kilometer schommelen tussen 8 en 10 procent, en dat zijn de makkelijkste. Daarna zakt het gemiddelde per kilometer niet meer onder de dubbele cijfers, en de laatste kilometer is met stroken tot 16 procent de steilste van allemaal. Aan de voet is het nog 28 graden, boven vijf à zes graden minder.
Het contrast met Peñas Blancas is groot. Daar konden renners in het wiel een tempo vinden en op vermoeidheid gokken. Op de Alguacil telt in het wiel zitten nauwelijks nog. Wie op deze percentages één keer over zijn grens gaat, verliest in korte tijd minuten. Dit zou nog een punt voor Rogla kunnen zijn. Maar ja, hoe zit hij er zelf bij na drie weken in de hitte op dit parcours?
Tactiek: Movistar controleert, Red Bull moet forceren
Mas hoeft zaterdag niets te winnen. Zijn referentiepunt is Roglič, en zolang die niet meer dan 1:37 pakt, blijft het rood in Movistar-handen. De ploeg kan met Raúl García Pierna en Iván Romeo lang tempo rijden en een kopgroep binnen schot houden, zoals UAE dat voor Pogačar pleegt te doen. Het grootste gevaar voor de leider is dat hij op El Purche en El Duque op elke versnelling reageert in plaats van op het klassement te koersen.
Roglič heeft het moeilijker. Anderhalve minuut terugpakken op een slotklim van acht kilometer, tegen een renner die deze Vuelta op Aitana en La Pandera de sterkste was, is een gigantische opdracht. Een prikje op twee kilometer van de streep volstaat niet. Red Bull-BORA-hansgrohe zal El Purche dus twee keer moeten gebruiken om Mas van zijn helpers te scheiden, en El Duque om de koers open te breken. Luke Tuckwell kan daarin een rol krijgen, al dan niet vanuit de vlucht.
Gall rekent anders. De tweede plaats ligt op 1:24 en het profiel van zaterdag past hem beter dan 32,1 kilometer vlakke tijdrit. Voor La Pandera stond de Oostenrijker nog boven Roglič. Een aanval van Gall op El Duque zet Roglič voor een dilemma: meegaan en energie verspillen die hij tegen Mas nodig heeft, of laten rijden en de tweede plaats prijsgeven. Decathlon heeft met Léo Bisiaux en Matthew Riccitello de klimmers om dat scenario voor te bereiden.
Carapaz staat op 5:17 en mag zijn eigen koers rijden zonder dat Movistar meteen hoeft te reageren. Onley en Omrzel vechten met 1:03 onderling om de witte trui, een strijd die eveneens al voor de slotklim kan losbarsten. Zo lopen er meerdere koersen door elkaar in dezelfde favorietengroep, en elke extra aanval kost de anderen energie.
Voor de vlucht betekent dat: Movistar heeft geen reden om te jagen. Red Bull en Decathlon wel. Wie mee wil zijn voor de ritzege, moet zijn voorsprong opbouwen voor de eerste passage van El Purche en genoeg overhouden tot El Duque.
Favorieten
Topfavorieten: Enric Mas (Movistar Team) en Primož Roglič (Red Bull-BORA-hansgrohe).
Outsiders:
- Felix Gall (Decathlon CMA CGM Team)
- Richard Carapaz (EF Education-EasyPost)
- Oscar Onley (Netcompany INEOS)
- Jakob Omrzel (Bahrain Victorious)
- Sepp Kuss (Team Visma | Lease a Bike)
Long shots:
- Santiago Buitrago, die naast de rit ook de bergtrui in het vizier heeft
- Pablo Castrillo (Movistar Team)
- Jørgen Nordhagen (Team Visma | Lease a Bike)
- Eddie Dunbar en Thomas Gloag (Pinarello-Q36.5)
- Harold Tejada, Cristián Rodríguez en Lorenzo Fortunato (XDS Astana Team)
- Mattias Skjelmose (Lidl-Trek)
- Tobias Halland Johannessen (Uno-X Mobility)
- Marco Brenner (Tudor Pro Cycling Team)
- Jarno Widar (Lotto-Intermarché)
- Urko Berrade (Equipo Kern Pharma), vrijdag nog vierde
- Valentin Paret-Peintre (Soudal Quick-Step)
- Georg Steinhauser (EF Education-EasyPost)
Mas won op Aitana al een rit door op drie kilometer van de finish aan te vallen. Sinds die dag is niemand hem bergop voorbijgereden. Zaterdag heeft hij nog één klim te overleven die niemand kent, en daarna alleen nog de rit naar Granada waar de Vuelta hem, als alles standhoudt, voor het eerst het rood laat behouden tot de laatste dag.
Verwachte aankomst op de Collado del Alguacil: rond de klok van vijf uur.