Foto Sirotti

Koersverhalen

Giro d’Italia 2026, etappe 4: Cozzo Tunno geeft Magnier zijn eerste echte test

Na twee sprintzeges in Bulgarije keert het peloton terug naar Italië voor een rit die niet op maat van Paul Magnier is gesneden. De Cozzo Tunno, 14,5 kilometer aan bijna 6%, kan het sprintersfeest vroegtijdig beëindigen.

De Giro d’Italia bereikt op 12 mei Italiaanse bodem. Vanuit Catanzaro, in het hart van Calabrië, trekt het peloton 138 kilometer noordwaarts richting Cosenza, over een parcours dat op een sprintersrit lijkt, maar zwaarder is. De reden: de Cozzo Tunno, een beklimming van tweede categorie die op zo’n 40 kilometer van de streep piekt en het verschil kan maken tussen een massasprint en een uitgedunde finale.

In twee van de eerste drie etappes was Paul Magnier de snelste in de sprint. De jonge Fransman van Soudal Quick-Step won zowel de eerste als de derde rit in Bulgarije, met Jonathan Milan en Dylan Groenewegen eveneens op het podium. In Calabrië krijgen de rivalen voor het eerst een parcours dat minder gunstig is voor een massasprint.

De beklimming van de dag

De Cozzo Tunno is geen Alpencol, maar wel zwaar genoeg om de koers te openen. Het is 14,3 kilometer aan gemiddeld 5,9%, met pieken tot 11%. Voor pure sprinters is dit doorgaans een lastige inspanning. Wie op de top gelost is, heeft net geen 40 kilometer om terug te keren, maar de afstand is kort genoeg om een achtervolging onzeker te maken.

Tactisch draait de rit om gedeelde belangen. Magnier, Milan en Groenewegen hebben er geen enkel belang bij dat het tempo op de klim stijgt. Hun ploegen worden op Cozzo Tunno bondgenoten, niet rivalen. Daartegenover staan teams die baat hebben bij een hard tempo.

Ploegen met een plan

INEOS Grenadiers kan het tempo opvoeren voor Ben Turner, de Brit die in een uitgedunde groep meer kans heeft dan in een massasprint. Movistar Team heeft met Orluis Aular, de Venezolaan met punch, een vergelijkbaar profiel, en beschikt bovendien over Javier Romo en Juan Pedro López als helpers op de klim. Decathlon zal willen doortrekken voor Tobias Lund Andresen, een lichtere sprinter die op rit 1 al als tweede eindigde en beter met hoogtemeters overweg kan dan de klassieke massasprinters.

Ook NSN Cycling Team heeft uiteenlopende belangen: Corbin Strong is gebaat bij selectie, maar ploegmaat Ethan Vernon, derde op de openingsrit, verkiest een vlakke aankomst. Die interne spanning bepaalt mede hoeveel druk er op de klim komt.

Daarnaast zijn er aanvallers. Christian Scaroni (XDS-Astana) kan voor bergpunten en ritwinst gaan. Andreas Leknessund (Uno-X Mobility), Filippo Zana (Soudal Quick-Step) en Jefferson Alexander Cepeda (EF Education-EasyPost) zijn renners die op een klim van dit kaliber een minuut of twee kunnen pakken op een peloton dat niet vol doortrekt. Het is niet onwaarschijnlijk dat een groep vluchters om de ritzege strijdt.

De finale in Cosenza

Na de Cozzo Tunno is de rit nog niet beslist. Na een lange afdaling naar de vlakte van de Crati volgt een vals plat, waarna de laatste 1,5 kilometer door Cosenza technisch wordt: scherpe bochten, chicanes en amper ruimte om nog van positie te wisselen. De finishstraat zelf loopt op aan 3,7% over de laatste 450 meter. Dat profiel past minder bij zuivere topsnelheidssprinters en meer bij renners die na een zware rit nog punch hebben op een licht hellend wegdek.

De combinatie van klim en technische finale maakt positionering belangrijker dan pure wattages in de sprint. Een uitgedund peloton van dertig, veertig renners dat door die nauwe straten naar de streep rijdt, verschilt van de brede boulevardsprints in Bulgarije.

Twee scenario’s, één klim

Veel hangt af van de bereidheid om op Cozzo Tunno door te trekken. Als INEOS, Movistar en Decathlon gelijktijdig het tempo opvoeren, raken Magnier, Milan en Groenewegen geïsoleerd of gelost. In dat geval wacht een sprint in een select groepje, waar Turner, Aular en Andresen tot de kanshebbers behoren. Blijft het peloton intact, dan is Magnier opnieuw de belangrijkste favoriet, al past de oplopende finish ook bij sterkere puncheurs.

De Giro telde tot nu toe twee sprintzeges voor dezelfde renner. Of daar een derde bijkomt dinsdag? We shall see.

Lees ook van HetisKoers!

Giro d’Italia 2026, etappe 4: Cozzo Tunno geeft Magnier zijn eerste echte test

Koersverhalen

Giro d’Italia verlaat Bulgarije, de karavaan krijgt er een mini-odyssee bij

Koersverhalen