Foto Sirotti

Wielercultuur

Hoe de jarige Yvon Madiot de Tour van 1994 misliep

‘Die horen in de derde divisie thuis! Een voetbalelftal uit de derde divisie laat je toch ook niet Europees spelen?!’ Er is geen speld tussen de woorden te krijgen, die Jean-Marie Leblanc uitspreekt aan de vooravond van de Tour van 1994. De directeur van de ronde is keihard en kraakhelder. De nieuwe Franse ploeg Catavana krijgt geen wildcard en kan, ondanks dat grote namen als Sean Kelly en de broers Marc en Yvon Madiot deel uitmaken van het team, de gehele maand juli thuisblijven. De Tour mogen de renners via de televisie volgen in plaats van dat ze zelf deel uitmaken van het grootste wielercircus van het jaar.

Geen afscheid

Het is een uiterst bittere pil voor de hoofdsponsor. Bovendien zet Leblanc met zijn ondubbelzinnige ‘non!’ een streep door de manier waarop het trio routiniers afscheid had willen nemen van het profpeloton. In plaats van dat op grootse wijze te kunnen doen in Frankrijk, doven de drie carrières uit als een nachtkaars en zullen Kelly en de Madiots hun laatste wedstrijdkilometers in anonimiteit afleggen. Op welke manier en waar ze dat doen is dankzij Leblanc hoogst onzeker. Was Catavana aan het begin van het seizoen vol vertrouwen en ambitie in de wielersport gestapt, zodra de Tourdirecteur zijn afwijzing wereldkundig maakt, kondigt de geldschieter meteen aan zich per direct terug te trekken. Het opportunistische en publiciteitshongerige bedrijf steekt de toegezegde Franse francs voor de rest van het seizoen liever in een voetbalclub. Als Kelly en de twee Madiots het slechte nieuws vernemen, borrelt onmiddellijk de vraag op of de drie hun laatste koers niet al hebben gereden. Het zou een troosteloze en onrechtvaardige aftocht zijn voor het trio dat zo lang deel uitmaakte van het peloton.

 

Redding

Een half jaar eerder hadden Kelly en Marc en Yvon Madiot iets moeten doen dat nieuw voor hen was. Voor het eerst in hun carrières regende het geen aanbiedingen van grote ploegen. Integendeel. De Ierse vedette is inmiddels al 37 jaar en na een teleurstellend tweede seizoen in dienst van Festina-Lotus op zoek naar een waardige plek om zijn loopbaan af te sluiten. Voor de beide Madiots geldt precies hetzelfde. Zij hebben weliswaar bij lange na niet de status van Kelly weten te bereiken, maar met name Marc is, mede door tweemaal Parijs-Roubaix te winnen, nog altijd een grote naam. In diens kielzog volgt de drie jaar jongere Yvon hem al jaren. Hun gehele carrières rijden ze in dienst van dezelfde ploegen. De oudste van de broers is in 1980 prof geworden bij het befaamde Renault van Cyrille Guimard en kopman Bernard Hinault. Drie jaar later sluit Yvon zich bij hen aan. In het decennium dat volgt komen de Madiots uit voor respectievelijk Système U, Toshiba, RMO, Telekom en Subaru. Hun aanwezigheid in die laatste ploeg, een Amerikaans team waarvoor dan ook de Nederlanders Wiebren Veenstra en Patrick Eyk rijden, duidt er al op dat de broers in 1993 hun beste jaren hebben gehad. Ze kunnen nauwelijks nog op de belangstelling van Franse ploegen rekenen. De Madiots staan het hele seizoen amper aan de start van grote koersen. Het bescheiden Subaru krijgt immers zelden een uitnodiging. Vandaar dat het tweetal gretig toehapt als Guy Gallopin in de winter van 1993 een aanbod doet om naar het nieuwe Catavana te komen.

Groothandel in Tuinartikelen

De Franse oud-prof, een broer van de eveneens koersende Alain en Joël, was in de jaren ’80 een pelotongenoot van de Madiots. Na zijn actieve loopbaan was Gallopin assistent-ploegleider bij Système U geworden. In het najaar van 1993 werd hij door de amateurvereniging AS Corbeil–Essonnes, uit de gelijknamige plaats onder de rook van Parijs, benaderd om een profteam op te zetten met hulp van een financiële injectie van Catavana, een groothandel in tuinartikelen. Niet dat Gallopin veel aansprekende namen weet te strikken. Renners als Patrice Esnault en Franck Boucanville zijn alom gerespecteerde waterdragers, maar op successen van hun kant hoeft niet te worden gerekend. Ook het Deense talent Lars Michaelsen – hij zal een jaar later namens Festina-Lotus Gent-Wevelgem winnen – is op dat moment nog anonieme pelotonvulling. De bescheiden selectie zorgt ervoor dat uitnodigingen die de ploeg krijgt voor grote wedstrijden, op de vingers van een hand zijn te tellen. De komst van de Madiots en het aantrekken van Kelly, die verder nergens anders terecht kan en bij gebrek aan betere opties voor Catavana kiest om zijn carrière af te sluiten, kan het verschil niet maken. De ploeg rijdt geen deuk in een pakje boter. Dat de immer chauvinistische Franse Tourdirectie, die vaak een sterke voorkeur heeft voor ploegen uit eigen land wanneer de wildcards verdeeld moeten worden, Catavana zelfs negeert, zegt genoeg. In plaats van nog een laatste keer te kunnen schitteren in de grootste etappekoers ter wereld, moeten Sean Kelly en de broers Marc en Yvon enkele weken eerder voor het laatst in de remmen knijpen. Tegen wil en dank, maar ze hebben geen keus. Niet de Tour, maar de Grand Prix du Midi Libre en de Dauphiné Libéré zijn hun afscheidstournee.

Bekijk ook van Vincent de Lijser

Hoe de jarige Yvon Madiot de Tour van 1994 misliep

Wielercultuur

Mischa Bredewold en haar emotionele EK titel in 2023

Wielercultuur