Tour de France Femmes 2026 etappe 1: Lausanne opent de koers op een helling
Voor het eerst start de Tour de France Femmes avec Zwift in Zwitserland. Na Basel-Stadt in 1982 bij de mannen, start de Tour weer in het alpenland. De eerste etappe voert over 138 kilometer langs twee meren en meerdere hellingen. Op de Côte Saint-François wacht meteen een gevecht tussen punchers en sprintsters met klimbenen.
Op 1 augustus 2026 vertrekt het vrouwenpeloton vanaf de oever van het Meer van Genève voor een schitterende etappe van 138 kilometer door het kanton Vaud. Bij de terugkeer in Lausanne ligt de finish hoger dan de start. De eerste gele trui vraagt dus meteen om snelheid én klimvermogen.
Lausanne markeert de internationale groei
De Tour de France Femmes avec Zwift is in 2026 toe aan zijn vijfde editie sinds de herstart in 2022. In die korte periode groeide de wedstrijd naar negen etappes en een recordafstand van 1.175 kilometer. De officiële route start dit jaar in Zwitserland en gaat dan richting Frankrijk, met twee ritten op Zwitserse bodem voordat het peloton in de derde etappe de grens oversteekt.
Lausanne is de eerste Zwitserse startplaats in de geschiedenis van de Tour de France Femmes. Het is bovendien pas de tweede buitenlandse Grand Départ van de huidige vrouwenkoers. De eerste was (uiteraard, zou je bijna zeggen) in Nederland. De eer was toen aan Rotterdam, Den Haag en Dordrecht. Daarmee krijgt de wedstrijd een steeds internationaler parcours, terwijl het merendeel van de koers en daarmee het zwaartepunt in Frankrijk behouden blijft.
De keuze voor Lausanne sluit aan bij de sportieve identiteit van de stad. Lausanne voert de naam Olympic Capital, want het is de zetel van het Internationaal Olympisch Comité, dat zich in 1915 vanuit Parijs aan het Meer van Genève vestigde. Ook tientallen internationale sportorganisaties hebben er hun thuisbasis. De Grand Départ begint daarmee in een echte sport ambiance.
De Tour de France is al bekend met Lausanne. In 2022 won Wout van Aert, de Belgische klassiekerrenner en sprinter, er een mannenrit na een oplopende finale. Die aankomst geeft weer wat wedstrijdinzicht voor de dames in 2026. Maar de ene dag is de andere niet en dus kunnen we nog weing waarde hechten aan wat er toen gebeurde en wat er op 1 augustus te wachten staat.

Drie hellingen leiden naar de Côte Saint-François
De openingsrit staat op papier als vlak aangeduid, maar wie hier een platte pannenkoek zoals in Nederland verwacht, komt bedrogen uit. Het parcours telt onderweg meerdere hellingen. Vanuit Lausanne trekt het peloton ongeveer dertig kilometer noordwaarts naar het Meer van Neuchâtel. Na een passage langs de oever volgt rond kilometer 49 de Côte de Châbles, de eerste gelegenheid om de benen te testen en sprinters zonder klimmersbenen onder druk te zetten.
Na de draai naar het zuiden volgen de hellingen elkaar sneller op en zal hier de koers een mogelijke ‘vorentscheidung’ krijgen. De Côte de Villars-le-Comte ligt na ongeveer 83,5 kilometer. Kort daarna volgt de Côte de Vulliens, waarvan de top op 40,9 kilometer van de aankomst ligt. Dit zijn hellingen van de derde categorie.
De afstand tot de finish maakt een definitieve schifting daar onwaarschijnlijk. Ploegen met een sterke puncher kunnen het tempo echter opvoeren, helpers lossen en nog een sprinttrein ontregelen. Geloste rensters krijgen na Vulliens nog tijd om terug te keren, maar zo’n achtervolging kost krachten die op de slotklim ontbreken.
Na het glooiende overgangsstuk daalt de koers terug af naar het Meer van Genève. De laatste achttien kilometer langs het water voeren richting Lausanne en de voet van de slotklim, de Côte Saint-François. In de aanloop wordt het dan positioneren voor de finaleklim.
De Côte Saint-François is 2,6 kilometer aan gemiddeld 4,6 procent. Dat is in principe te doen voor alle rensters, maar pure sprintsters zullen hier toch in de verlegenheid worden gebracht. Voor grote verschillen tussen de klassementsrensters is de klim waarschijnlijk te licht. Een klassieke lead-out kan er wel door uiteenvallen. Na de oplopende kilometers resteert een rechte finishstrook van 400 meter.
Een sprint van een uitgedund peloton is het meest waarschijnlijke scenario. Maar wie weet krijgen we hier nog een late aanval. Controle houden in de koers is hier geen zekerheidje. Wellicht dat SD-Worx dan wel FDJ zich kan laten gelden. Of UAE-ADQ.
Kopecky lijkt logisch, Wiebes wil ook
Als de voorlopige startlijsten standhouden, begint Lotte Kopecky, de Belgische kopvrouw van Team SD Worx-Protime, als topfavoriet. Zij kan zowel vanuit een kleine groep winnen alsook meedoen in de sprint. Hoewel je mag verwachten dat als ze Wiebes in haar wiel heeft, dat ze dan de sprint zal moeten aantrekken. Haar ploeg hoeft daarom niet af te wachten tot de laatste 400 meter. Tempo op Villars-le-Comte en Vulliens kan haar concurrenten al van helpers beroven.
SD Worx-Protime beschikt met Lorena Wiebes, de Nederlandse topsprintster, ook over een alternatief. Wiebes heeft in het voorjaar al laten zien dit werk prima aan te kunnen. Het zal dus meer de tactiek van de ploeg zijn die bepaald wie er gespeeld gaat worden. Wiebes laat al vorm zien in Polen, dus zij lijkt ook een logische kandidate.
Marianne Vos, de ervaren kopvrouw van Team Visma | Lease a Bike, is de directe uitdager van Kopecky. Vos reed ondanks de trieste familieomstandigheden (het overlijden van haar vader, die meer dan belangrijk is geweest in haar carriere) een goed voorjaar. Daarna is het even wat stiller geweest, maar ze staat nog steeds op ons lijstje met favorietes.
Elisa Balsamo, de Italiaanse sprintkopvrouw van Lidl-Trek, staat eigenlijk altijd in het rijtje met rensters die dit parcours goed zouden moeten liggen. Ze legt het in een pure sprint wel af tegen Wiebes, maar heeft zowel Vos als Kopecky al eens te grazen genomen.
Voor Liane Lippert, de Duitse puncher van Movistar Team, ligt de beste kans in een zwaardere finale. Zij kan profiteren wanneer Kopecky en Vos naar elkaar kijken en de sprintploegen geen gesloten blok meer vormen. Een versnelling op de slotklim dwingt de favorieten dan vroeg uit hun dekking.
Op dit parcours moet je ook rekening houden met Paula Blasi als puncheur of Chiara Consonni als sprintster .
De dames starten op zaterdag 1 augustus om 14:15. De verwachtte aankomst is om 17:45