Wielercultuur

Van corpsbal tot profrenner: Het bijzondere verhaal van de jarige Floris Gerts

De profcarrière van Floris Gerts is met gemak een speelfilm waard. Of beter nog, een serie. Zodat de elkaar in hoog tempo opvolgende gebeurtenissen nog wat meer uitgediept kunnen worden en zo min mogelijk gesneden hoeft te worden in het verhaal. Er gebeurt immers meer dan genoeg in de amper drie jaar dat de Limburger op het hoogste niveau deel uitmaakt van het peloton. Hoogte- en dieptepunten, succes en tegenslag; alles volgt elkaar op in een bingewaardige sneltreinvaart. Zoals het een spannende serie betaamt, hoort de openingsscène chronologisch gezien natuurlijk achter aan het verhaal. Om direct een spanningsboog op te bouwen en de kijker nieuwsgierig te maken. Hoe is het zover gekomen? Wat is er voorgevallen dat een nog maar 27-jarig talent, wiens volledige ontbolstering als renner eigenlijk nog moet plaatsvinden, al in een vroegtijdig stadium zijn fiets weer aan de wilgen hangt? In de scène die volgt na de opening belanden we ineens in een Leids studentenhuis. Het is 2011. Een tiental jonge mannen, noem ze gerust corpsballen want ze zijn allemaal lid van LSV Minerva – geen wielerclub, maar een studentenvereniging – wisselt onder het genot van het zoveelste kratje pils sterke verhalen uit. Een van hen waarschuwt zijn huisgenoten dat hij niet van plan is om de volgende ochtend met een kater wakker te worden. De student geneeskunde wil namelijk gaan fietsen. Onmiddellijk barst een licht hoongelach uit onder de anderen. Had hun kameraad niet immers nog maar kort geleden besloten een punt te zetten achter zijn schaatscarrière?! Hij reed best hard rond op de dunne ijzers, maar met nationale juniorentoppers als Sjoerd den Hertog en Niels Mesu – beiden worden later verdienstelijke marathonschaatsers – had arts-in-wording Gerts zich simpelweg niet kunnen meten. Vandaar zijn besluit om alles op zijn opleiding te zetten en, niet onbelangrijk, op de geneugten van het studentenleven.

Niet stilzitten

Desondanks kan ‘corpsbal’ Gerts moeilijk stilzitten. Vandaar dat hij in 2011 de hele zomer in de Alpen heeft gebivakkeerd. In gezelschap van Daan Olivier, een talentvol renner die op dat moment deel uitmaakt van de opleidingsploeg van Rabobank, heeft hij op de zwaarste cols getraind. Een uitputtingsslag was het geworden. Veelvuldig had de student bijna met zijn tong op het warme Franse asfalt gereden en amper het wiel van Olivier kunnen houden. De ‘vakantie’ plant een zaadje in zijn hoofd. Wat als hij net zo serieus gaat trainen als zijn fietsvriend? Hoe ver zou hij dan kunnen komen? Nou, een heel eind dus. In de volgende aflevering van onze bingewaardige serie zien we niet alleen hoe de student geneeskunde zich aansluit bij aan amateurploeg, hij begint onmiddellijk koersen te winnen. Zelfs renners uit continentale ploegen moeten met regelmaat hun meerdere in hem erkennen. Als hij weer eens met een flinke bos bloemen naar zijn Leidse studentenkamer is teruggekeerd, besluit hij de stoute schoenen aan te trekken. Gesterkt door zijn ervaring bij LSV Minerva, waar degenen met het hoogste en luidste woord de dienst uitmaken, besluit hij zelf een belrondje te doen langs continentale ploegen en om een plekje te vragen. Croford wil wel met hem in zee. Al snel zal blijken dat Gerts volop talent heeft, want na een aantal succesvolle koersen op belofteniveau klopt de opleidingsploeg van Rabobank bij hem aan. Het is dan inmiddels 2014 en ineens staat de student, die zich volledig op de geneeskunde wilde storten, naast talenten als Mike Teunissen, Sam Oomen, Cees Bol en Timo Roosen aan de start. Hij blijft opvallen. Weer een jaar later rijdt hij zelfs namens een buitenlands opleidingsteam, BMC Development. Het zal, mede door het winnen van de Omloop Het Nieuwsblad voor beloften en de Dorpenomloop Rucphen, de opmaat zijn naar een heus profcontract bij een ploeg vol kampioenen als Cadel Evans, Samuel Sánchez, Greg Van Avermaet en Philippe Gilbert.

Voor- en tegenspoed

In de afleveringen die volgen wisselen voor- en tegenspoed elkaar in rap tempo af. De eerste voorjaarskoersen die Gerts namens BMC rijdt, lopen niet goed af. In zowel de Omloop Het Nieuwsblad als Le Samyn kwakt de in Maastricht geboren renner tegen de grond. Hij breekt zijn vinger bij de eerste val en de tweede levert hem een ribfractuur op. Desondanks zet Gerts stug door en dat wordt al snel beloond. In de Volta Limburg Classic – vroeger bekend als De Hel van het Mergelland – forceert hij in 2016 samen met ploegmaat Rick Zabel de beslissing. Het resultaat van de inspanningen is een kopgroep van negen renners, van wie liefst vijf het rood-zwart van BMC dragen. Op iets meer dan twee kilometer van de aankomst in Eijsden voelt Gerts ineens een hand op zijn rug. Ploeggenoot en oud-wereldkampioen Gilbert geeft hem een duwtje. De Nederlander weet niet precies dat betekent. De kop overnemen en tempo rijden? Of demarreren? Hij doet iets dat een beetje tussen beide in zit en sluipt op kousenvoeten weg. Onmiddellijk stoppen de andere BMC-renners af. Elke poging tot achtervolgen wordt lam gelegd. Alleen Sonny Colbrelli komt in de slotmeters nog dichtbij, maar de latere winnaar van Parijs-Roubaix schiet te kort met zijn katachtige ‘jump’ en moet genoegen nemen met de tweede plek. Gilbert sprint naar de plaats drie, zodat Gerts, zeker met terugwerkende kracht, op het podium geflankeerd wordt door twee renners van wereldformaat. Het levert een foto op om voor de eeuwigheid in te lijsten. Helemaal omdat het bij die ene profzege zal blijven. De resterende afleveringen van onze potentiële streaminghit tonen hoe de carrière van Gerts langzaamaan steeds meer in verval raakt. Na twee seizoenen verlengt BMC zijn contract niet. Hij komt een jaar voor Team Roompot uit en belandt vervolgens een niveau lager. Bij de bescheiden Belgische ploeg Tarteletto-Isorex. Zonder succes. Integendeel. Eerst komt Gerts in Nokere Koerse hard ten val en is bijna twee maanden uit de roulatie. Daarna verlaat hij de ploeg voortijdig en met veel bombarie. In augustus 2019 wordt hij op staande voet ontslagen na het weigeren van stalorders. De renner zelf beweert dat zijn werkgever hem een profwaardige fiets had beloofd, maar dat hij in werkelijkheid met versleten onderdelen onder zijn achterste rijdt. Ploeg en renner gaan ruziënd uit elkaar. Dan neemt Gerts een drastisch besluit. Voortaan staat de fiets niet meer op nummer één. Hij gaat weer studeren. Zijn opleiding geneeskunde afronden. De bingewaardige serie over een ‘corpsbal’ van LSV Minerva die hard kan fietsen, eindigt niet met een groot kampioen, maar met iemand die zich realiseert dat de koers niet het allerbelangrijkste is in het leven. Het verhaal van Floris Gerts is er een met een moraal.

Bekijk ook van Vincent de Lijser

Van corpsbal tot profrenner: Het bijzondere verhaal van de jarige Floris Gerts

Wielercultuur

De jarige Giuseppe Perletto: vergeten winnaar Giro etappe 1974 dankzij Merckx en Fuente

Wielercultuur