Voorbeschouwing etappe 12 Vuelta 2026: naar de sterrenwacht van Calar Alto
Op de flanken van de Sierra de los Filabres wacht de eerste echte afspraak met het hooggebergte in de Vuelta: Velefique en Calar Alto in één finale. Wie volgt Heras, Antón en López op bij het observatorium?
Het is 30 augustus 2017 als Miguel Ángel López in de ijle lucht van Calar Alto over de streep komt. De jonge Colombiaan van Astana heeft zojuist op 2.100 meter hoogte een groep met Chris Froome, Vincenzo Nibali en Wilco Kelderman veertien seconden achter zich gelaten. Negen jaar later keert de Vuelta terug naar het astronomisch observatorium, en opnieuw belooft het een dag te worden waarop het klassement op scherp wordt gezet.

Op donderdag 3 september brengt etappe 12 het peloton over 166,6 kilometer van Vera, vlak bij de Middellandse Zeekust, naar het Observatorio Astronómico de Calar Alto, het grootste astronomisch observatorium van Europa. Om 13.07 uur gaat de etappe van start; tussen 17.17 en 17.45 uur wordt de aankomst verwacht. Het profiel telt vijf gecategoriseerde beklimmingen, waarbij de Alto de Velefique en de slotklim als scherprechters fungeren.

Fotoreporter Sirotti Stefano
Een klim met historie
Calar Alto is een bekende klim voor Vuelta volgers. Roberto Heras won er in 2004, Igor Antón volgde in 2006 en López maakte het rijtje in 2017 compleet. Die laatste editie is een goed referentiepunt voor donderdag: ook toen lag de Velefique in de aanloop, ook toen spleet de kopgroep uiteen op de voorlaatste klim. Nibali plaatste zijn aanval op twee kilometer van de top, López counterde en soleerde naar de grootste zege uit zijn nog prille carrière. Froome behield het rood, maar de verschillen waren gemaakt.
De Velefique zelf heeft zijn eigen Vuelta-geschiedenis: in 2021 bekroonde Damiano Caruso er een lange solo met een aankomst op de top. Dit keer is de klim weer de opmaat.
De route: sluipend omhoog
Vanuit Vera gaat de weg vrijwel meteen de hoogte in. De Alto del Cabecico (8,3 km aan 3,3%) wordt al na 16 kilometer bedwongen, waarna de route de Sierra de los Filabres indraait. De Alto de Cóbdar (4,9 km aan 4,5%) op kilometer 57,5 en de lange, geleidelijke Collado García (18,5 km aan 2,4%) op kilometer 86,4 houden de benen zwaar zonder grote verschillen te veroorzaken. Na de top van de Collado García, ongeveer halverwege de rit, volgt een lange afzink naar het dal.
Na de tussensprint in Velefique (km 123,7) volgt de Alto de Velefique: 13,1 kilometer aan gemiddeld 7,2 procent, met meteen stroken in de dubbele cijfers. Wie hier al in de problemen komt, weet wat hem op de slotklim te wachten staat.
Na de afdaling via Bacares volgt de klim naar Calar Alto: 16,9 kilometer aan 5,6 procent. Het vermelde percentage geeft echter geen volledig beeld. Aanvankelijk loopt de weg op tot boven de tien procent, waarna het traject onregelmatig wordt met vals plat en korte afdalingen. De derde kilometer onder de top, gemiddeld 9,5 procent steil, kan beslissend zijn. Wie daar het gaatje slaat, houdt het waarschijnlijk tot de meet.
De kanshebbers
Alle ogen zijn gericht op Tadej Pogačar, die voor het eerst sinds zijn Vuelta-debuut van 2019 terugkeert in de Vuelta. De Sloveen van UAE Team Emirates – XRG beschikt over een weelde aan klimmers: João Almeida, Jay Vine en Pavel Sivakov staan volgens de startlijst allemaal aan zijn zijde. Een onregelmatige slotklim op ruim 2.000 meter hoogte is terrein waarop hij zelden verliest.
De voornaamste uitdager heet Primož Roglič. De viervoudig Vuelta-winnaar van Red Bull – BORA – hansgrohe kent de Spaanse bergen als geen ander, al oogt zijn ploeg met Finn Fisher-Black en Gianni Moscon minder diep dan die van UAE. Daarachter dringt een brede middengroep zich op: Mattias Skjelmose (Lidl – Trek), Richard Carapaz (EF Education – EasyPost), Enric Mas en de jonge Cian Uijtdebroeks (beiden Movistar), Carlos Rodríguez (Netcompany INEOS) en Santiago Buitrago (Bahrain – Victorious). Bij Team Visma | Lease a Bike is Sepp Kuss de aangewezen man voor dit soort aankomsten, met Ben Tulett en neoprof Jørgen Nordhagen als jonge steunpilaren en Wout van Aert voor het vlakke werk.
Ook het geaccidenteerde eerste deel leent zich uitstekend voor een sterke kopgroep, met namen als Jay Vine, Alexey Lutsenko, Lorenzo Fortunato, Pello Bilbao en Georg Steinhauser als logische kandidaten. Toch leert de historie dat de klassementsploegen op de Velefique doorgaans het tempo opvoeren en de rit zelden aan de aanvallers laten: ook in 2017 werd de vroege vlucht in de finale opgeraapt.
De slotklim naar het observatorium kan daardoor opnieuw bepalend zijn voor het klassement.