Foto Sirotti

Koersverhalen

35 jaar geleden: PDM en de bedorven kip in de Tour 1991

Op 15 juli 1991 verandert er veel in het Nederlandse wielrennen. In een benauwd hotel ergens in de Pyreneeën ligt Erik Breukink, de dan 27-jarige kopman van PDM–Concorde en derde in het algemeen klassement, te rillen onder de lakens. Koorts, spierpijn, nekklachten. Naast hem zijn kamer na kamer teamgenoten geveld. Voor het ontbijt van etappe 11 is het besluit gevallen: alle negen renners stappen af. De nummer één van de wereldranglijst is uit de Tour.

Heel Nederland hoort diezelfde dag het verhaal dat ploegleider Jan Gisbers aan de pers vertelt: bedorven kip. Voedselvergiftiging. Pech. Het klopt niet. En het zal jaren duren voor de waarheid boven water komt.

 

De superploeg

PDM–Concorde was in de jaren ’80 het summum van organisatie: een Nederlandse ploeg die wereldwijd respect afdwong door organisatie, budget en talent. De PDM-ploeg ontstond in 1986 uit een fusie tussen de Nederlandse wielerteams Panasonic en Concorde, met als doel een professionele, internationale wielerploeg op te richten. Onder leiding van manager Manfred Krikke groeide PDM-Concorde uit tot een van de meest succesvolle, maar ook controversiële ploegen van de jaren ’80 en vroege jaren ’90.

De ploeg combineerde Nederlandse organisatiekracht met internationale ambities en trok toprenners als Steven Rooks, Gert-Jan Theunisse, Sean Kelly en Raúl Alcalá aan. Ook Pedro Delgado reed twee seizoenen voor de succesformatie.

PDM-Concorde domineerde het peloton, won grote klassiekers en stond jarenlang bovenaan de UCI-wereldranglijst. De bijnaam Pills, Drugs and Medicine (of Prestaties Door Manipulaties) weerspiegelde de reputatie van de ploeg, die zowel bewondering als scepsis opriep.

De ploeg bewoog zich op de rand van de toenmalige dopingregels. Krikke, de manager uit Breda, zou het later zelf verwoorden: “De afspraak was: geen dopingaffaire, niet: geen dopinggebruik.” Het was een zin die in het Nederlandse wielrennen bleef hangen. Het is ook hoe Armstrong zich altijd verweerde op de vraag of hij gebruikte: ‘ik ben nooit betrapt’.

In een later stadium gaven oud-PDM renners Rooks en Theunisse beiden toe wel eens een klein beetje extra hulp te hebben gehad uit de apotheek. Doping dus.

Intralipid

De bedorven kip was een verzinsel. Ploegarts Wim Sanders had de renners intraveneus Intralipid toegediend, een vetemulsie bedoeld voor klinische voeding. Het middel was niet gekoeld bewaard, maar opgeslagen in een warme ploegleiderswagen. Sanders spoot 20cc per renner in, waar het medisch protocol een langzaam infuus voorschrijft.

Het resultaat: bacteriële besmetting, mogelijk een emboliesyndroom. Koorts, spierkrampen, totale uitval. De niet-rijdende stafleden, die exact dezelfde maaltijden aten, bleven kerngezond.

In 2008 bevestigde Sanders dit in de documentaire De bedorven kip van PDM van Andere Tijden Sport. De Franse Tourdirecteur Jean-Marie Leblanc had al in 1991 zijn oordeel klaar over Gisbers: “Een kleine oplichter en leugenaar.”

De FIOD onderzoekt PDM

Zes jaar later, in 1997, ontrafelde de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst het volledige systeem. Het was Krikke zelf die de belastingdienst op Sanders’ spoor zette, vanwege een financieel geschil.

Uit de bevindingen bleek hoe het systeem werkte. PDM hield geheime rekeningen aan voor de aankoop van EPO (de merken Eprex en Recormon), anabole steroïden en groeihormoon. Sanders betrok zijn voorraden bij een apotheker in Geleen en de Belgische apotheker Willy Jeandarme, die ook in de paardensport actief was. Sanders werd strafrechtelijk veroordeeld.

LeMond ziet de verandering

Eén man had het eerder gezien. Greg LeMond, de Amerikaan uit Reno, Nevada, reed in 1988 één seizoen voor PDM. Hij vertrok vanwege wat zijn advocaat later omschreef als “filosofische meningsverschillen” over de medische begeleiding van de ploeg.

LeMond won daarna de Tour in 1989 en 1990, op eigen kracht en met de wattages die hij altijd al produceerde. In 1991 droeg hij na de tijdrit van etappe 8 het geel. Maar op de Tourmalet, etappe 13, brak hij. Zijn vermogen was hetzelfde als in zijn winnende jaren, terwijl renners die voorheen middenmoters waren hem plots moeiteloos voorbijreden.

“Ik ging van nooit lijden naar letterlijk de laatste man in het peloton, uitgelachen door het peloton,” zou LeMond later verwoorden.

Hij wees naar de dood van Johannes Draaijer, een 26-jarige PDM-knecht die in 1990 in zijn slaap overleed. Draaijers vrouw vertelde aan Der Spiegel dat haar man EPO had gebruikt. Voor LeMond was het de bevestiging van wat hij voelde: de sport had een grens overschreden die hij niet wilde passeren. In 1994 stopte hij, op 33-jarige leeftijd, met wielrennen.

Prelude

De PDM-affaire wordt zelden in één adem genoemd met de Festina-zaak van 1998 of het Armstrong-tijdperk. In dezelfde periode ging de wielersport over van individuele pillendraaiers naar ploegen die opereerden als medische eenheden met geheime begrotingen.

De kritiek van LeMond kreeg meer weerklank na de val van Armstrong. Krikke’s uitspraak, “geen dopingaffaire, niet: geen dopinggebruik,” duikt in latere discussies over doping in het wielrennen regelmatig op.

In 1991 verdween PDM uit de Tour met een verhaal over kip. Later bleek dat Intralipid en de medische begeleiding binnen de ploeg een grote rol speelden.

Allesbehalve brandschoon

Aan de start van die Tour de France stond ook de latere winnaar, zoals dat altijd zo is. Ene Miguel Indurain. De stille Spanjaard, uit Pamplona had zich langzaam opgewerkt tot ronderenner. In 1987 werd hij nog 97e in de Tour, maar na een 47e en 10e plek de jaren erop en sterke optredens in andere rondes was hij zeker kandidaat voor de overwinning. De lange tijdritten waren ook in zijn voordeel. Over Indurain is veel gespeculeerd, met name over zijn transformatie van achterhoede renner met een goede tijdrit naar veelwinnaar. In onderzoeken na de Festina affaire zijn er beschuldigingen geuit over het ‘systeem’ van Banesto.

De nummers twee en drie, de Italianen Gianni Bugno en Claudio Chiappucci reden voor Gatorade en Carrera. Beiden hebben te maken gehad met dopingbeschuldigingen en Bugno is twee jaar geschorst geweest vanwege Caffeine. Chiappucci werd in 1997 buiten de Italiaanse selectie gelaten omdat hij boven de 50 zat met z’n hematocriet, een indicatie van EPO inname.

Dat PDM de bijnaam ‘Pills, Drugs, Medicine’ kreeg was niet onterecht, maar naar nu blijkt waren ze bepaald niet de enige ploeg.

 

Lees ook van HetisKoers!

35 jaar geleden: PDM en de bedorven kip in de Tour 1991

Koersverhalen

Tadej Pogačar: revanche op Le Lioran levert 24e Tourritzege op

Tour de France