Foto Sirotti
Over de winst in Wevelgem 2007 en over 130km/u van de berg
De meest opzienbarende prestatie die Marcus Burghardt levert tijdens zijn zeventien jarige profcarrière is niet het vele knechtenwerk dat de bonkige Duitser in die periode voor zijn rekening neemt. Of het nou in dienst is van Team T-Mobile, directe opvolger Team Columbia of van zijn twee latere werkgevers BMC en BORA-Hansgrohe, op Burghardt valt immer te rekenen.
Zijn eigen overwinning
Kopmannen als Mark Cavendish, Cadel Evans, Philippe Gilbert en Peter Sagan kunnen bouwen op hun helper, zoals je een huis met een gerust hart op een zandondergrond kunt neerzetten. Aan vele grote zeges van het illustere viertal gaat niet te onderschatten voorbereidingswerk van Burghardt vooraf. Het is de vanzelfsprekende verklaring voor het feit dat de erelijst van de renner uit Zschopau, in de Duitse deelstaat Saksen, niet bijzonder imposant is te noemen. Toch prijken er enkele fraaie zeges op. Zoals de nationale titel, die Burghardt in 2017 verovert door in Chemnitz ploeggenoot Emanuel Buchmann af te troeven. Hij boekt liefst twee etappeoverwinningen in een en dezelfde editie van de Ronde van Zwitserland. In 2010 is zowel rit vijf als zeven een prooi voor Burghardt, die mede daardoor dat jaar ‘en passant’ ook nog even mooi het puntenklassement op zijn naam zet. Mooie prestaties, maar ze vallen al snel af als naar zijn meest opzienbarende prestatie wordt gezocht. Gent-Wevelgem dan misschien? Want die koers wint Burghardt namelijk al in 2007.
Derdejaars
De Duitser is op dat moment pas bezig aan zijn derde seizoen op het hoogste niveau, wanneer hij een bescheiden legertje klassiekerspecialisten te kijken zet in het Vlaamse land. De finale is bloedstollend spannend en de overwinning zeker niet gestolen, maar bijna niemand heeft het na afloop van de 69ste editie van Gent-Wevelgem over Burghardt. De huiveringwekkende beelden van de vele valpartijen tijdens het afdalen van de Kemmelberg eisen nagenoeg alle aandacht op. In die periode rijden de renners via de westkant van de even befaamde als beruchte scherprechter omlaag. Langs het Ossuaire, de grootste Franse militaire begraafplaats in België. Daar gaat het faliekant mis. De ene renner na de ander gaat onderuit, waarna de wedstrijdleiding onmiddellijk besluit het parcours voortaan aan te passen. Voor Jimmy Casper en Mathew Hayman, die de voornaamste slachtoffers zijn en met vervelende blessures voor langere tijd aan de kant zullen staan, is het leed vanzelfsprekend op dat moment al geleden.
Vijf man naar de meet
Een vijf man sterke kopgroep gaat uitmaken wie zich in Wevelgem de winnaar mag noemen en dat wordt dus Burghardt. Met een machtige tempoversnelling, vlak voor het passeren van het vod van de laatste kilometer rijdt hij weg bij de andere vier en boekt een klassieke zege. Iets meer dan een jaar later voegt Burghardt een Touretappe aan zijn erelijst toe. Nadat de Duitser twee weken lang sprintkopman Cavendish heeft begeleid en naar vier ritzeges heeft gegidst mag hij in de achttiende rit – de Britse topspurter is dan al naar huis – voor eigen kans gaan. De overgangsetappe naar Saint-Étienne is een ideale gelegenheid. Samen met Carlos Barredo rijdt Burghardt het leeuwendeel van de etappe vooruit. Hoe verwoed de pogingen van de Spanjaard ook zijn om zijn metgezel onderweg af te schudden, de Duitser blijkt taaier dan om het even welke schoenzool. Vijf maal probeert Barredo te demarreren. Even zo veel keren kleeft Burghardt aan zijn achterwiel en laat niet los. In de sprint à deux heeft de renner van Team Columbia net wat meer reserves in de tank.
Foto Sirotti
Foto Sirotti
130 linkerbaan
Toch is ook dat niet de meest opzienbarende prestatie van Burghardt. Die vindt plaats op zondag 10 juli 2016. Het is de negende Touretappe van dat jaar en die wordt verreden tussen het Spaanse Vielha en skioord Ordino-Arcalis in Andorra. Om even het geheugen op te frissen, het is de door regen en hagel geteisterde etappe waarin Tom Dumoulin een waar huzarenstukje opvoert. In aanloop naar de slotklim slaagt de Nederlander erin weg te rijden uit een omvangrijke kopgroep, om vervolgens door het noodweer en bergop naar een klinkende overwinning te fietsen. Na afloop van die etappe maakt Burghardt wereldkundig wat zijn Strava-data aangeeft. In de afzink van de eerste klim van de dag, de Port de la Bonaigua van tweede categorie, zou hij een topsnelheid hebben bereikt van, let wel, 130,2 kilometer per uur! Overdag mag je dat op veel Nederlandse autosnelwegen dan nog rijden met je bolide, maar er zijn landen waar Burghardt voor een flinke verkeersboete was komen te staan. Het is een ongekend hoge snelheid, waar vanzelfsprekend onmiddellijk vraagtekens bij worden geplaatst. Hoe betrouwbaar is die Strava-data nu eenmaal?! De Tourdirectie erkent de waaghalzerij van Burghardt in elk geval niet als officieel snelheidsrecord, aangezien het niet met eigen middelen is gemeten. Zo’n record is er trouwens wel degelijk en staat momenteel op naam van Nils Politt. De 101,6 kilometer per uur die de landgenoot van Burghardt drie jaar later zou aantikken in de afzink van de Col du Vars, staat officieel in de Tourboeken. Ongeacht of je de topsnelheid die Marcus Burghardt in 2016 bereikte nu met een stevige korrel zout wilt nemen of niet, die 130,2 kilometer per uur zijn in elk geval opzienbarend.