Foto A.S.O./Thomas Maheux

Koersverhalen

Pogačars voorsprong: alleen in 2021 stond hij na elf ritten verder los in de Tour

De titelverdediger heeft 3:36 op Jonas Vingegaard en 4:06 op Remco Evenepoel. Recente Tours leren dat de gele trui op dit punt in de Tour niet veel meer van schouder wisselt, maar zeg natuurlijk nooit, nooit!

Het is 16 juli 2026, we staan vlak voor de start van etappe 12. Het klassement is helder: Tadej Pogačar, de Sloveense titelverdediger, draagt het geel met 3:36 op Jonas Vingegaard en 4:06 op Remco Evenepoel.

Na elf van de 21 etappes heeft Pogačar de op een na grootste voorsprong na rit elf van de afgelopen tien Tours de France. Het zal je haast niet verbazen: alleen hijzelf stond op hetzelfde moment ooit verder los: in 2021 bedroeg zijn marge op Rigoberto Urán al 5:18.

Deze vergelijking gaat over de edities van 2016 tot en met 2025. Na de twee grote gaten van Pogačar volgt die van Geraint Thomas in 2018. De Brit had toen 1:25 op Chris Froome. Geen enkele andere geletruidrager uit deze periode bereikte na elf ritten een marge van anderhalve minuut. Dat is an sich al bijzonder. Om nog wat historisch perspectief te geven. In 1992, de Tour die we zo op de voet volgen, stond Indurain op dit punt in de Tour nog 1,5 minuut ACHTER op toenmalig geletruidrager Pascal Lino. (Indurain in 1994 laat dan weer een ander beeld zien met 4:42 voorsprong).

Een ding moeten we wel zeggen: als we de Armstrong jaren erbij pakken, dan verbleekt de hegemonie van Pogi. In 1999, het eerste jaar dat Armstrong als eerste aankwam in Parijs, stond hij na etappe 11 al 7:42 voor op Olano….ouch. In 2000 was dat 4:14 op Ullrich, in 2001 reed er nog iemand anders in het geel, in 2002 was het ‘slechts’ 1:12 op Beloki, in 2003 was het slechts 21 tellen op Vinokourov. In 2004 stond hij nog 6 minuten achter op Voeckler en in 2005 was het een half minuutje op Rasmussen.

Geel in Gavarnie-Gèdre

Pogačar pakte de gele trui voor het eerst in de derde etappe. Een dag later liet UAE Emirates-XRG, zijn ploeg, Torstein Træen van Uno-X Mobility de leiding overnemen. Op de eerste grote aankomst bergop, in Gavarnie-Gèdre tijdens rit zes, won Pogačar en trok hij het geel opnieuw aan. Sindsdien bleef de trui om zijn schouders.

Zijn huidige marge is ook veel groter dan de voorsprong halverwege de Tour van 2025. Ben Healy leidde toen na rit elf met 29 seconden op Pogačar. De Sloveen nam later de macht over en won uiteindelijk met 4:24 voorsprong op Vingegaard.

De editie van 2021 biedt de duidelijkste vergelijking met 2026. Pogačar stond destijds na elf etappes 5:18 voor Urán, terwijl Vingegaard derde was op 5:32. De Deen schoof in de tweede helft van die Tour nog naar de tweede plaats, maar eindigde in Parijs op 5:20.

Geel na rit elf hield stand in zeven van tien Tours

In zeven van de tien meest recente edities werd de leider na rit elf ook de eindwinnaar. Julian Alaphilippe slaagde daar in 2019 niet in. Primož Roglič verloor een jaar later alsnog van Pogačar, terwijl Healy in 2025 uit het geel verdween.

Een plek in de voorlopige top drie biedt minder zekerheid. Slechts in 2018 en 2024 stonden na rit elf dezelfde renners op het podium als aan het einde van de Tour. In 2024 waren dat Pogačar, Vingegaard en Evenepoel, precies de renners die nu opnieuw de eerste posities bezetten.

Kleine verschillen halverwege zeggen evenmin alles over de uiteindelijke afstand. In 2023 leidde Vingegaard na elf ritten met slechts 17 seconden op Pogačar, de kleinste marge in de vergelijking. Na zijn dominante tijdrit en verdere tijdwinst richting Courchevel won hij die Tour met 7:29.

Zwaarste deel moet nog komen

Ergens is een vergelijking als deze voer voor critici, al is het alleen maar vanwege de route en de indeling. Want waar bijvoorbeeld de Tour van 2022 begon met een tijdrit en twee vlakke ritten, is die van 2025 een tour met sprintritten en heuvelritten, alvorens in de bergen te belanden. De Tourroute van 2026 begon met een ploegentijdrit in Barcelona en bracht al vroeg een aankomst bergop, waardoor sneller verschillen konden ontstaan dan in sommige andere edities. Verder in de historie is er een eender issue. Toen had je zelfs in de eerste week nog een lange tijdrit. Het specialisme van o.a. Indurain maar ook van Armstrong. Lekker lang beuken.

Dit jaar ligt het zwaartepunt in de laatste week. De zwaarste beklimmingen én de koninginnenrit moeten nog volgen. Het parcours telt nog acht bergritten en vijf aankomsten bergop. Ook volgt in rit zestien een individuele tijdrit van 26 kilometer. Met Plateau de Solaison, Orcières-Merlette en twee aankomsten op Alpe d’Huez zijn er voor Vingegaard en Evenepoel nog kansen genoeg om het klassement open te breken. Tenminste, als Pogi ze al niet de deksel op de neus heeft gegeven in rit 14 naar Le Markstein, in de Vogezen.

Pogačar begint aan de resterende tien etappes met een marge die in recente Tours zelden voorkwam. Om een vijfde eindzege veilig te stellen, moet hij die marge vasthouden of zo snel mogelijk uitbreiden. Zaterdag, de etappe in de Vogezen, lijkt daarvoor de meest logische optie.

Lees ook van HetisKoers!

Vandaag in Tourgeschiedenis: 16 juli 2011 – Jelle Vanendert temt Plateau de Beille

Koersverhalen

Visma tactiek voor de laatste week: blijven jagen op Pogačar of koersen voor plek twee?

Tour de France