Tour de France 2026 etappe 17: de laatste speeltuin voor taaie snelle mannen
ASO verkoopt de rit naar Voiron als een vlakke etappe, maar de 2.400 hoogtemeters in 175 kilometer zeggen iets anders. Een preview van de overgangsrit die zowel vluchters als klassiekerspecialisten water in de mond doet lopen.
De weg klimt al voordat het peloton goed en wel uit Chambéry is vertrokken. In etappe 17 komt het peloton vier gecategoriseerde beklimmingen in de eerste zestig kilometer tegen. Met een lus door het Massif des Bauges, een dubbele passage door de startplaats en een golvende route door de Chartreuse richting Voiron, 174,7 kilometer verderop. De organisatie bestempelt de 17e rit als een vlakke etappe. Met ruim 2.400 hoogtemeters voelt dat als een vreemde stempel. Woensdag 22 juli lijkt alles behalve een klassieke sprintersrit te worden.

Historie
Chambéry ontvangt de Tour voor de vierde keer, na 1996, 2010 en 2017. De start vindt plaats op de Place du Palais de Justice – Robert Badinter, waarna het peloton na de Bauges-lus een tweede keer door het stadscentrum trekt. De Col des Prés, het hoogste punt van de dag op 1.142 meter, heeft een eigen Tourgeschiedenis. De klim stond gepland voor de Tour van 1998, maar die etappe werd geneutraliseerd. In 2013 kwam Pierre Rolland als eerste boven, om vervolgens gediskwalificeerd te worden ten gunste van Igor Antón. Voiron zag de Tour voor het laatst in 2020 en fungeert nu als aankomstplaats, met de finishstrook op de Cours Sénozan.
Parcours
De eerste zestig kilometer zijn op maat gesneden voor aanvallers. Direct na de neutralisatie gaat de weg al omhoog richting de Côte de Bassa (1,5 km aan 5,5%, op km 19,2), gevolgd door de Côte de Rossillon (1,7 km aan 5,3%, dat is op kilometer 35,5). Daarna wacht de Col des Prés (3,5 km aan 6,8%), de enige klim van de derde categorie. en kort erna is er nog de Côte de Saint-Jean d’Arvey (1,1 km aan 5,7%). Elk van deze beklimmingen is op zichzelf prima te doen, maar zo kort op elkaar is het haast een Ronde van Vlaanderen, of Amstel Gold Race.
Na de lus terug door Chambéry golft de route 77 kilometer door het Parc naturel régional de Chartreuse. De Col de Couz (8,6 km aan 2,8%) is hier het gevaar: het gemiddelde stijgingspercentage oogt mild, maar de onregelmatigheid van de weg, met korte afdalingen en stukjes vals plat ertussen, maakt de inspanning lastiger dan dat je zou verwachten.
Bij Colombe (km 147,5) ligt de tussensprint. Daarna is er een vlakker deel richting Voiron, maar zes kilometer voor de streep wacht nog een korte klim van 2,5 kilometer aan 3,5%. Pas de laatste drie kilometer zijn werkelijk vlak.
Favorieten
Dit is terrein voor renners die zowel klimmen als sprinten in huis hebben. Mathieu van der Poel is de vanzelfsprekende naam: de Nederlandse klassiekerspecialist kan het eerste uur overleven zonder problemen en beschikt over de punch om een uitgedunde groep in de finale te domineren. Mads Pedersen past in hetzelfde profiel, de Deen heeft bewezen dat hij lastige sprints na een zware dag kan winnen.
Daarachter staat Dorian Godon. De Fransman is dit seizoen sterk genoeg om te winnen na een ontsnapping, maar ook in een sprint van een grotere groep. Godon liet veel goede vorm zien in Catalonië. Quinn Simmons biedt Lidl-Trek een goede optie voor deze etappe: sterk genoeg om mee te gaan met de besten en we weten dat hij dit kan. En dan is er Matteo Trentin, de ervaren Italiaan die zo’n parcours als dit goed zou moeten kunnen verwerken. Hij kan ook nog steeds rap aankomen.
Hoewel de rit als een sprintersrit te boek staat, is dit geen rit voor de mannen als Philipsen, Kooij en Merlier.
Maar wellicht zou het ook iets voor Izagirre, Skjelmose of Aranburu kunnen zijn. Vlak ook Marc Hirschi niet uit.
Verwacht koersverloop
De eerste vijftig à zestig kilometer worden bepalend. Veel renners weten dat de dagen erna naar de klassementsmannen kantelen, dit is hun laatste kans op een groot resultaat. Dat maakt de strijd om de vlucht intens. Een kopgroep met mannen die ook kunnen sprinten, denk aan types als Simmons of Godon, zet de achtervolging meteen onder druk.
Voor teams met pure sprinters wordt de rekensom lastig. De klimmeters zijn te hoog om zonder moeite te controleren, de punten aan de streep te laag om het volledige sprintapparaat leeg te rijden. Klassementsploegen hebben er geen belang bij om de koers hard te maken en zullen eerder een beheerste dag nastreven.
De tussensprint in Colombe fungeert als tweede belangrijke punt. Daar kan het peloton hergroeperen, of besluiten dat de vlucht de ruimte krijgt. De verwachting: een sterke kopgroep die het onderling uitmaakt, of een uitgedunde sprint van een selecte groep renners die de 2.400 hoogtemeters hebben doorstaan. In beide gevallen wint hier een taaie, rappe man die al vroeg in de etappe actief is.
Lees ook: Etappe 16 Tour de France 2026: op historische grond scheuren tegen de klok