Foto A.S.O./Billy Ceusters
Alle Tour de France winnaars en podia op een rijtje van 1903 tot nu
De Tour de France kent een enorm rijke historie. Le Grande Boucle wordt al sinds 1903 verreden. Het was een initiatief van sportmagazine L’Auto, dat gek genoeg weinig met auto’s van doen had. De eerste editie ging naar Maurice Garin in 1903 en tussen toen en nu zijn er vele winnaars (en net-niet winnaars) op het podium verschenen. De meest recente was Tadej Pogačar in 2025. In dit artikel vind je het complete overzicht van alle Tour de France-podiums en een korte terugblik op de tien meest recente edities.
Sinds 1903 kroonde de Tour de France 111 officiële winnaars. Van Maurice Garin, die de allereerste editie op zijn naam schreef, tot Tadej Pogačar, die in 2025 zijn vierde gele trui veroverde. De erelijst is een tijdlijn van machtsblokken: Frankrijk domineert met 36 zeges, gevolgd door België (18), Spanje (12), Italië (10) en Groot-Brittannië (6). Hieronder vind je eerst een korte terugblik op de tien meest recente edities, gevolgd door het volledige podiumoverzicht van elke editie.
De laatste tien Tours in het kort
Hieronder een korte recap van de laatste 10 jaar van Tour de France edities. 2016-2025
2016 — Chris Froome (Team Sky) Froome pakte zijn tweede opeenvolgende titel in een koers die iedereen nog zal herinneren als ‘Chris Froome rennend op de Ventoux’. Hij had er een berisping voor moeten krijgen. Mollema had eigenlijk het geel moeten pakken en Quintana…ja die hing aan de motor, maar de jury paste vervolgens de tijdsverschillen aan om de geleden verliezen te corrigeren. In deze tour zat ook de windrit richting Montpellier waar Chris Froome extra tijd pakte in een groepje met Sagan. In Montpellier pakte hij de tijd en Sagan uiteraard de etappe. Die etappe werd ‘het spinningklasje’ van Froome een ding. Toen nog niet gemeengoed in het peloton. Het was ook de tour waarin Romain Bardet het dichtst bij de zege kwam.
Zijn tijdsverschil was dan wel 4:05, maar hij werd tweede. . Froomes tijdritcapaciteiten bezegelden de eindzege. Mollema werd beste Nederlander op plek 11.
2017 — Chris Froome (Team Sky) Froome won de 104e Tour de France, zijn derde zege op een rij; Deze Tour startte met een kletsnatte tijdrit in Düsseldorf en die maakte daar al slachtoffers. Deze tour had veel strijd in het klassement. Op etappe 5 naar La Planche des Belles Filles won Fabio Aru de etappe en pakte Froome de gele trui over van ploeggenoot Geraint Thomas. In etappe 12 naar Peyragudes won Bardet de etappe en pakte Aru de gele trui van Froome, die de laatste honderden meters niet kon volgen. Froome verloor tijd op de aankomst in Peyragudes, maar pakte tijd en het geel terug in een onbeduidende aankomst bergop in Rodez. De beslissing viel uiteindelijk in de tijdrit van 22,5 kilometer in Marseille, waar Froome 25 seconden pakte op Urán en daarmee het pleit beslechtte.
Mollema werd weer beste Nederlander op de 17e plaats.
2018 — Geraint Thomas (Team Sky) Een van de meest verrassende Touroverwinningen van het decennium: Geraint Thomas, lange tijd een loyale knecht van Froome, won de race zelf. Zijn kopman Froome werd derde en daar tussenin stond Neerlands trots Tom Dumoulin. Thomas won op La Rosière in de Alpen, consolideerde op Alpe d’Huez en verdedigde daarna koel in de slotweek.. Tom Dumoulin reed een uitstekende tijdrit en daagde Thomas consequent uit, maar dichterbij eeuwige roem zou Dumoulin nooit mer komen. Dit was voor de Belgen de Tour van Greg van Avermaet die acht dagen lang de trotse drager van het geel was. Het was ook de laatste Tour met twee Nederlanders in de top 10. Kruijswijk werd hier 5e (naast de podiumplek van Dumoulin)
2019 — Egan Bernal (Team Ineos) Op 22-jarige leeftijd werd Bernal de jongste Tourwinnaar van het moderne tijdperk. Maar voor deze Tour kijken we vooral naar die eerste etappe in Brussel en de totaal onverwachte gele trui van Mike Teunissen. Het was ook de Tour van de strijdende ‘JuJu’ Alaphilippe. Zijn grimassen staan nog in menig TV gebrand. Maar het bepalende moment was in de etappe naar Tignes toen deze werd stilgelegd vanwege een aardverschuiving; Bernal had al aangevallen en had een aanzienlijke voorsprong opgebouwd. Hij bevestigde zijn leiding in de Alpen. Julian Alaphilippe had de gele trui lange tijd gedragen in de eerste twee weken en pakte daarmee heel Frankrijk in, maar hield het uiteindelijk niet vol in de bergen. Dit was ook dé Tour van Kruijswijk. Hij rekende hier af met de Franse plaaggeest en pakte een podium in Parijs.
2020 — Tadej Pogačar (UAE Team Emirates) De meest dramatische slotdag in de recente Tourgeschiedenis. Voor de individuele tijdrit op La Planche des Belles Filles, de voorlaatste dag, had Primož Roglič een voorsprong van ongeveer 57 seconden op Pogačar. De Sloveen produceerde een tijdrit van uitzonderlijke klasse, draaide het verschil om en pakte de gele trui, die hij in het defile op de Champs-Elysees niet hoefde af te staan. Het beeld wat blijft bestaan: Roglic met een tijdrithelm die niet goed zit, zwoegend omhoog. Ergens in een veldje verderop een balende en emotionele Merijn Zeeman. Wat als….
Pogi begon hier zijn dominantie. Hij won ook de bollentrui en de witte trui. De editie van 2020 werd vanwege de Covid-19-pandemie in september gereden. Tom Dumoulin pakte hier plek 7 in het eindklassement. Het was ook de doorbraak van Wout van Aert als sprintkanon met twee etappezeges.
2021 — Tadej Pogačar (UAE Team Emirates) Deze Tour startte in Bretagne, terwijl Kopenhagen eigenlijk op de rol stond. Vanwege COVID werd die een jaar uitgesteld naar 2022. Het was het jaar van ‘Opi Omi’, waarbij o.a. Tony Martin hard tegen het asfalt ging.
Hoewel Pogačar zijn titel op dominante wijze verdedigde en meerdere bergetappes won, waaronder de aankomst bergop in Luz Ardiden, ging het ook over Mathieu van der Poel. In etappe twee voltooide hij wat zijn opa Poulidor maar niet lukte, de gele trui pakken. De emotie, het vingertje in de lucht, het was hét moment van de eerste week.
Vingegaard, toen nog een relatieve nieuwkomer in het peloton, zette een gedurfde aanval in op de Col du Portet maar kon Pogačar uiteindelijk niet matchen.
Dit was voor de Nederlanders de Tour van Kelderman (5e plek in het eindklassement voor Bora) en Mollema met een magistrale zege in Quillan. Maar de absolute knaller was Wout van Aert die in deze Tour zowel in een etappe over de Ventoux (!), een tijdrit als in de sprint op de Champs-Elysees, de winst pakte. Wat een geweldenaar.
2022 — Jonas Vingegaard (Team Jumbo-Visma) Danish Delight. 2022 was het jaar voor Denemarken en Jonas Vingegaard. Met een wervelende start in Kopenhagen (Yves Lampaert, anyone?) en vervolgens de etappe zeges van Groenewegen en Jakobsen (dit was na de heftige crash in Polen in 2020), maakte dit tot een bijzondere tour.
Neem daarbij de vier dagen geel, plus drie ritoverwinningen, van Van Aert, de groene trui voor de Belg en dus de power van Vingegaard. Dit keer kreeg de Deen hulp van Roglič. Samen zorgden ze voor een ‘one-two-punch’ die Pogi niet te boven kwam. Het was de basis voor het recept voor 2023, maar ook voor de revanche van Pogi in 2024 en 2025.
De cruciale etappe was die naar de Col du Granon, waar Vingegaard en Roglič wegreden van een krakende Pogačar, waarbij Vingegaard uiteindelijk als tweede aankwam op de etappe maar enorme tijd pakte. De volgende dag won hij solo op Alpe d’Huez. Pogačar viel in de slottijdrit, maar had de koers al verloren in de bergen.
Mollema werd beste Nederlander op plek 25.
2023 — Jonas Vingegaard (Team Jumbo-Visma) Een tweede opeenvolgende titel voor Vingegaard, dit keer nog overtuigender. Met een start in het heuvelachtige Baskenland werd spektakel verwacht. Dat bleef een beetje achterwege, hoewel de tweede rit spectaculair was door de overwinning van Victor Lafay.
De bepalende demarrage was al vroeg in de koers. Op de Marie Blanque in de Pyreneeën reed Vingegaard, toen met de hulp van meesterknecht Sepp Kuss, Pogacar op een hoop. Een dag later, in etappe 6, won Pogi de rit, maar Vingegaard pakte het geel en liet die niet meer los. De strijd ging door, via Puy-de-Dôme (kleine tijdwinst pogi) en in de etappe naar Morzine, waar een motor de Sloveen hinderde. Hij kwam uiteindelijk tot op 5″ in het klassement, maar in de individuele tijdrit pakte Vingegaard uit en in de 17e etappe over Col de la Loze kwam de fameuze ‘I’m dead’ van Pogačar over de radio. Het was het jaar waarin Visma alle grote rondes pakte
Voor Nederland was er een etappe zege voor Wout Poels. Wilco Kelderman werd als knecht van Vingegaard 18e in het klassement. Voor de Belgen was er de sprintdominantie van Jasper Philipsen (inclusief groene trui), maar bovenal de winst van Jordi Meeus in Parijs.
2024 — Tadej Pogačar (UAE Team Emirates-XRG) Pogačar won het algemeen klassement voor de derde keer, na 2020 en 2021, en keerde daarmee terug op de hoogste trede na twee jaar als tweede te zijn geëindigd. Het was een van zijn meest dominante Tourzeges. Hij won zes etappes, waaronder de laatste drie. Italië organiseerde voor het eerst de Grand Départ, met de start in Florence. Al in etappe 4 sloeg Pogačar toe op de Col du Galibier, waar hij de gele trui pakte. De koers kende een uitzonderlijk sterk deelnemersveld: op etappe 15 naar het Plateau de Beille viel Vingegaard aan op de slotklim, maar Pogačar volgde hem als een schaduw en reed hem in de laatste 5,5 kilometer los voor een solooverwinning. De race eindigde niet in Parijs vanwege de voorbereidingen voor de Olympische Spelen, maar in Nice.
Voor Nederland is dit een tour om snel te vergeten. 0 etappe overwinningen en Kelderman als beste op plek 21 (!). Evenepoel liet hier zijn vorm zien die hij in Parijs, later die zomer, omzette in twee maal goud. Het was ook de Tour van Bini Girmay én de dagzege van ‘Vocsnor’ in Barcelonette.
2025 — Tadej Pogačar (UAE Team Emirates-XRG) Vorig jaar was eigenlijk niet de strijd die we hoopten. De koers startte in Lille en trok door het Centraal Massief, de Pyreneeën en de Alpen, gevolgd door een bijzondere finale in Parijs met voor het eerst drie beklimmingen van de Montmartre. Het was weer Pogačar die zijn titel van 2024 succesvol verdedigde en zo op vier eindzeges kwam. Het verhaal van deze tour ging meer over de strijd die Pogi bijna overal aanbond. Zoals met Mathieu van der Poel in etappe twee. ‘Matje’ klopte Pogi in de lastige finale en pakte het geel. Mathieu schreef zijn eigen verhaal, o.a. in etappe 9, toen hij met Jonas Rickaert op stap ging. De strijdlust ging naar de Belg, die zo voor het eerst op het podium mocht. Matje ging er nog voor in de laatste kilometers, maar het was te hoog gegrepen.
Door de dominantie van UAE en Pogi, was er wel meer aandacht voor andere verhalen. Wat te denken van ‘Arensmania’. Twee etappezeges, allebei heel bijzonder. Maar ook de zege op de Ventoux van Valentin Paret-Peintre (en natuurlijk Bramati die uit z’n stekker ging in de auto). Maar ook de prachtige zege van Van Aert in Parijs. Het was alweer de vierde zege in vijf (!) jaar voor een Belg. Na Van Aert, Philipsen en Meeus was het wéér Van Aert.
Alle podiums: 2000–2025
| Jaar | Winnaar | 2e | 3e |
|---|---|---|---|
| 2025 | 🇸🇮 Tadej Pogačar | 🇩🇰 Jonas Vingegaard | 🇩🇪 Florian Lipowitz |
| 2024 | 🇸🇮 Tadej Pogačar | 🇩🇰 Jonas Vingegaard | 🇧🇪 Remco Evenepoel |
| 2023 | 🇩🇰 Jonas Vingegaard | 🇸🇮 Tadej Pogačar | 🇬🇧 Adam Yates |
| 2022 | 🇩🇰 Jonas Vingegaard | 🇸🇮 Tadej Pogačar | 🇬🇧 Geraint Thomas |
| 2021 | 🇸🇮 Tadej Pogačar | 🇩🇰 Jonas Vingegaard | 🇪🇨 Richard Carapaz |
| 2020 | 🇸🇮 Tadej Pogačar | 🇸🇮 Primož Roglič | 🇦🇺 Richie Porte |
| 2019 | 🇨🇴 Egan Bernal | 🇬🇧 Geraint Thomas | 🇳🇱 Steven Kruijswijk |
| 2018 | 🇬🇧 Geraint Thomas | 🇳🇱 Tom Dumoulin | 🇬🇧 Chris Froome |
| 2017 | 🇬🇧 Chris Froome | 🇨🇴 Rigoberto Urán | 🇫🇷 Romain Bardet |
| 2016 | 🇬🇧 Chris Froome | 🇫🇷 Romain Bardet | 🇨🇴 Nairo Quintana |
| 2015 | 🇬🇧 Chris Froome | 🇨🇴 Nairo Quintana | 🇪🇸 Alejandro Valverde |
| 2014 | 🇮🇹 Vincenzo Nibali | 🇫🇷 Jean-Christophe Péraud | 🇫🇷 Thibaut Pinot |
| 2013 | 🇬🇧 Chris Froome | 🇨🇴 Nairo Quintana | 🇪🇸 Joaquim Rodríguez |
| 2012 | 🇬🇧 Bradley Wiggins | 🇬🇧 Chris Froome | 🇮🇹 Vincenzo Nibali |
| 2011 | 🇦🇺 Cadel Evans | 🇱🇺 Andy Schleck | 🇱🇺 Fränk Schleck |
| 2010 | 🇱🇺 Andy Schleck | 🇪🇸 Samuel Sánchez | 🇧🇪 Jurgen Van den Broeck |
| 2009 | 🇪🇸 Alberto Contador | 🇱🇺 Andy Schleck | 🇬🇧 Bradley Wiggins |
| 2008 | 🇪🇸 Carlos Sastre | 🇦🇺 Cadel Evans | 🇷🇺 Denis Menchov |
| 2007 | 🇪🇸 Alberto Contador | 🇦🇺 Cadel Evans | 🇺🇸 Levi Leipheimer * |
| 2006 | 🇪🇸 Óscar Pereiro | 🇩🇪 Andreas Klöden | 🇪🇸 Carlos Sastre |
| 2005 | 🇺🇸 |
🇮🇹 Ivan Basso | 🇩🇪 Jan Ullrich * |
| 2004 | 🇺🇸 |
🇩🇪 Andreas Klöden | 🇮🇹 Ivan Basso |
| 2003 | 🇺🇸 |
🇩🇪 Jan Ullrich | 🇰🇿 Alexandre Vinokourov |
| 2002 | 🇺🇸 |
🇪🇸 Joseba Beloki | 🇱🇹 Raimondas Rumšas |
| 2001 | 🇺🇸 |
🇩🇪 Jan Ullrich | 🇪🇸 Joseba Beloki |
| 2000 | 🇺🇸 |
🇩🇪 Jan Ullrich | 🇪🇸 Joseba Beloki |
Alle podiums: 1950–1999
| Jaar | Winnaar | 2e | 3e |
|---|---|---|---|
| 1999 | 🇺🇸 |
🇨🇭 Alex Zülle | 🇪🇸 Fernando Escartín |
| 1998 | 🇮🇹 Marco Pantani | 🇩🇪 Jan Ullrich | 🇺🇸 Bobby Julich |
| 1997 | 🇩🇪 Jan Ullrich | 🇫🇷 Richard Virenque | 🇮🇹 Marco Pantani |
| 1996 | 🇩🇰 Bjarne Riis | 🇩🇪 Jan Ullrich | 🇫🇷 Richard Virenque |
| 1995 | 🇪🇸 Miguel Induráin | 🇨🇭 Alex Zülle | 🇩🇰 Bjarne Riis |
| 1994 | 🇪🇸 Miguel Induráin | 🇷🇺 Piotr Ugrumov | 🇮🇹 Marco Pantani |
| 1993 | 🇪🇸 Miguel Induráin | 🇨🇭 Tony Rominger | 🇵🇱 Zenon Jaskuła |
| 1992 | 🇪🇸 Miguel Induráin | 🇮🇹 Claudio Chiappucci | 🇮🇹 Gianni Bugno |
| 1991 | 🇪🇸 Miguel Induráin | 🇮🇹 Gianni Bugno | 🇮🇹 Claudio Chiappucci |
| 1990 | 🇺🇸 Greg LeMond | 🇮🇹 Claudio Chiappucci | 🇳🇱 Erik Breukink |
| 1989 | 🇺🇸 Greg LeMond | 🇫🇷 Laurent Fignon | 🇪🇸 Pedro Delgado |
| 1988 | 🇪🇸 Pedro Delgado | 🇳🇱 Steven Rooks | 🇨🇴 Fabio Parra |
| 1987 | 🇮🇪 Stephen Roche | 🇪🇸 Pedro Delgado | 🇫🇷 Jean-François Bernard |
| 1986 | 🇺🇸 Greg LeMond | 🇫🇷 Bernard Hinault | 🇨🇭 Urs Zimmermann |
| 1985 | 🇫🇷 Bernard Hinault | 🇺🇸 Greg LeMond | 🇮🇪 Stephen Roche |
| 1984 | 🇫🇷 Laurent Fignon | 🇫🇷 Bernard Hinault | 🇺🇸 Greg LeMond |
| 1983 | 🇫🇷 Laurent Fignon | 🇪🇸 Ángel Arroyo | 🇳🇱 Peter Winnen |
| 1982 | 🇫🇷 Bernard Hinault | 🇳🇱 Joop Zoetemelk | 🇳🇱 Johan van der Velde |
| 1981 | 🇫🇷 Bernard Hinault | 🇧🇪 Lucien Van Impe | 🇫🇷 Robert Alban |
| 1980 | 🇳🇱 Joop Zoetemelk | 🇳🇱 Hennie Kuiper | 🇫🇷 Raymond Martin |
| 1979 | 🇫🇷 Bernard Hinault | 🇳🇱 Joop Zoetemelk | 🇵🇹 Joaquim Agostinho |
| 1978 | 🇫🇷 Bernard Hinault | 🇳🇱 Joop Zoetemelk | 🇵🇹 Joaquim Agostinho |
| 1977 | 🇫🇷 Bernard Thévenet | 🇳🇱 Hennie Kuiper | 🇧🇪 Lucien Van Impe |
| 1976 | 🇧🇪 Lucien Van Impe | 🇳🇱 Joop Zoetemelk | 🇫🇷 Raymond Poulidor |
| 1975 | 🇫🇷 Bernard Thévenet | 🇧🇪 Eddy Merckx | 🇧🇪 Lucien Van Impe |
| 1974 | 🇧🇪 Eddy Merckx | 🇫🇷 Raymond Poulidor | 🇪🇸 Vicente López-Carril |
| 1973 | 🇪🇸 Luis Ocaña | 🇫🇷 Bernard Thévenet | 🇪🇸 José Manuel Fuente |
| 1972 | 🇧🇪 Eddy Merckx | 🇮🇹 Felice Gimondi | 🇫🇷 Raymond Poulidor |
| 1971 | 🇧🇪 Eddy Merckx | 🇳🇱 Joop Zoetemelk | 🇧🇪 Lucien Van Impe |
| 1970 | 🇧🇪 Eddy Merckx | 🇳🇱 Joop Zoetemelk | 🇸🇪 Gösta Pettersson |
| 1969 | 🇧🇪 Eddy Merckx | 🇫🇷 Roger Pingeon | 🇫🇷 Raymond Poulidor |
| 1968 | 🇳🇱 Jan Janssen | 🇧🇪 Herman Van Springel | 🇧🇪 Ferdinand Bracke |
| 1967 | 🇫🇷 Roger Pingeon | 🇪🇸 Julio Jiménez | 🇮🇹 Franco Balmamion |
| 1966 | 🇫🇷 Lucien Aimar | 🇳🇱 Jan Janssen | 🇫🇷 Raymond Poulidor |
| 1965 | 🇮🇹 Felice Gimondi | 🇫🇷 Raymond Poulidor | 🇮🇹 Gianni Motta |
| 1964 | 🇫🇷 Jacques Anquetil | 🇫🇷 Raymond Poulidor | 🇪🇸 Federico Bahamontes |
| 1963 | 🇫🇷 Jacques Anquetil | 🇪🇸 Federico Bahamontes | 🇪🇸 José Pérez-Francés |
| 1962 | 🇫🇷 Jacques Anquetil | 🇧🇪 Jozef Planckaert | 🇫🇷 Raymond Poulidor |
| 1961 | 🇫🇷 Jacques Anquetil | 🇮🇹 Guido Carlesi | 🇱🇺 Charly Gaul |
| 1960 | 🇮🇹 Gastone Nencini | 🇮🇹 Graziano Battistini | 🇧🇪 Jan Adriaensens |
| 1959 | 🇪🇸 Federico Bahamontes | 🇫🇷 Henry Anglade | 🇫🇷 Jacques Anquetil |
| 1958 | 🇱🇺 Charly Gaul | 🇮🇹 Vito Favero | 🇫🇷 Raphaël Géminiani |
| 1957 | 🇫🇷 Jacques Anquetil | 🇧🇪 Marcel Janssens | 🇦🇹 Adolf Christian |
| 1956 | 🇫🇷 Roger Walkowiak | 🇫🇷 Gilbert Bauvin | 🇧🇪 Jan Adriaensens |
| 1955 | 🇫🇷 Louison Bobet | 🇧🇪 Jean Brankart | 🇱🇺 Charly Gaul |
| 1954 | 🇫🇷 Louison Bobet | 🇨🇭 Ferdi Kübler | 🇨🇭 Fritz Schaer |
| 1953 | 🇫🇷 Louison Bobet | 🇫🇷 Jean Malléjac | 🇮🇹 Giancarlo Astrua |
| 1952 | 🇮🇹 Fausto Coppi | 🇧🇪 Stan Ockers | 🇪🇸 Bernardo Ruiz |
| 1951 | 🇨🇭 Hugo Koblet | 🇫🇷 Raphaël Géminiani | 🇫🇷 Lucien Lazaridès |
| 1950 | 🇨🇭 Ferdi Kübler | 🇧🇪 Stan Ockers | 🇫🇷 Louison Bobet |
Alle podiums: 1903–1949
| Jaar | Winnaar | 2e | 3e |
|---|---|---|---|
| 1949 | 🇮🇹 Fausto Coppi | 🇮🇹 Gino Bartali | 🇫🇷 Jacques Marinelli |
| 1948 | 🇮🇹 Gino Bartali | 🇧🇪 Briek Schotte | 🇫🇷 Guy Lapébie |
| 1947 | 🇫🇷 Jean Robic | 🇫🇷 Édouard Fachleitner | 🇮🇹 Pierre Brambilla |
| 1940–1946 | Geen Tour de France | ||
| 1939 | 🇧🇪 Sylvère Maes | 🇫🇷 René Vietto | 🇧🇪 Lucien Vlaemynck |
| 1938 | 🇮🇹 Gino Bartali | 🇧🇪 Félicien Vervaecke | 🇫🇷 Victor Cosson |
| 1937 | 🇫🇷 Roger Lapébie | 🇮🇹 Mario Vicini | 🇨🇭 Leo Amberg |
| 1936 | 🇧🇪 Sylvère Maes | 🇫🇷 Antonin Magne | 🇧🇪 Félicien Vervaecke |
| 1935 | 🇧🇪 Romain Maes | 🇮🇹 Ambrogio Morelli | 🇧🇪 Félicien Vervaecke |
| 1934 | 🇫🇷 Antonin Magne | 🇮🇹 Giuseppe Martano | 🇫🇷 Roger Lapébie |
| 1933 | 🇫🇷 Georges Speicher | 🇮🇹 Learco Guerra | 🇮🇹 Giuseppe Martano |
| 1932 | 🇫🇷 André Leducq | 🇩🇪 Kurt Stöpel | 🇮🇹 Francesco Camusso |
| 1931 | 🇫🇷 Antonin Magne | 🇧🇪 Jef Demuysere | 🇮🇹 Antonio Pesenti |
| 1930 | 🇫🇷 André Leducq | 🇮🇹 Learco Guerra | 🇫🇷 Antonin Magne |
| 1929 | 🇧🇪 Maurice De Waele | 🇮🇹 Giuseppe Pancera | 🇧🇪 Jef Demuysere |
| 1928 | 🇱🇺 Nicolas Frantz | 🇫🇷 André Leducq | 🇧🇪 Maurice De Waele |
| 1927 | 🇱🇺 Nicolas Frantz | 🇧🇪 Maurice De Waele | 🇧🇪 Lucien Vervaecke |
| 1926 | 🇧🇪 Lucien Buysse | 🇱🇺 Nicolas Frantz | 🇮🇹 Bartolomeo Aimo |
| 1925 | 🇮🇹 Ottavio Bottecchia | 🇧🇪 Lucien Buysse | 🇮🇹 Bartolomeo Aimo |
| 1924 | 🇮🇹 Ottavio Bottecchia | 🇱🇺 Nicolas Frantz | 🇧🇪 Lucien Buysse |
| 1923 | 🇫🇷 Henri Pélissier | 🇮🇹 Ottavio Bottecchia | 🇫🇷 Romain Bellenger |
| 1922 | 🇧🇪 Firmin Lambot | 🇫🇷 Jean Alavoine | 🇧🇪 Félix Sellier |
| 1921 | 🇧🇪 Léon Scieur | 🇧🇪 Hector Heusghem | 🇫🇷 Honoré Barthélemy |
| 1920 | 🇧🇪 Philippe Thys | 🇧🇪 Hector Heusghem | 🇧🇪 Firmin Lambot |
| 1919 | 🇧🇪 Firmin Lambot | 🇫🇷 Jean Alavoine | 🇫🇷 Eugène Christophe |
| 1915–1918 | Geen Tour de France | ||
| 1914 | 🇧🇪 Philippe Thys | 🇫🇷 Henri Pélissier | 🇫🇷 Jean Alavoine |
| 1913 | 🇧🇪 Philippe Thys | 🇫🇷 Gustave Garrigou | 🇧🇪 Marcel Buysse |
| 1912 | 🇧🇪 Odile Defraye | 🇫🇷 Eugène Christophe | 🇫🇷 Gustave Garrigou |
| 1911 | 🇫🇷 Gustave Garrigou | 🇫🇷 Paul Duboc | 🇫🇷 Émile Georget |
| 1910 | 🇫🇷 Octave Lapize | 🇱🇺 François Faber | 🇫🇷 Gustave Garrigou |
| 1909 | 🇱🇺 François Faber | 🇫🇷 Gustave Garrigou | 🇫🇷 Jean Alavoine |
| 1908 | 🇫🇷 Lucien Petit-Breton | 🇱🇺 François Faber | 🇫🇷 Georges Passerieu |
| 1907 | 🇫🇷 Lucien Petit-Breton | 🇫🇷 Gustave Garrigou | 🇫🇷 Émile Georget |
| 1906 | 🇫🇷 René Pottier | 🇫🇷 Georges Passerieu | 🇫🇷 Louis Trousselier |
| 1905 | 🇫🇷 Louis Trousselier | 🇫🇷 Hippolyte Aucouturier | 🇫🇷 Jean-Baptiste Dortignacq |
| 1904 | 🇫🇷 Henri Cornet | 🇫🇷 Jean-Baptiste Dortignacq | 🇧🇪 Aloïs Catteau |
| 1903 | 🇫🇷 Maurice Garin | 🇫🇷 Lucien Pothier | 🇫🇷 Fernand Augereau |
Een asterisk (*) markeert renners van wie de uitslag officieel is geschrapt wegens doping. In de periodes 1915–1918 en 1940–1946 werd de Tour niet georganiseerd vanwege de twee wereldoorlogen. Bron: LeTour.fr